Partijraad 30 november 2024
Genomen besluiten tijdens deze Partijraad:
● Het verslag van de Partijraad van 28 september 2024 wordt conform het voorstel vastgesteld.
● Het verslag van de partijraad van 15 juni 2024 wordt conform het voorstel vastgesteld.
● Het huishoudelijk reglement artikel 15A lid 3 ‘Een beroep moet schriftelijk en gemotiveerd bij de partijraad of de beroepscommissie worden ingediend’ wordt gewijzigd in: ‘Een beroep moet schriftelijk en gemotiveerd bij de partijraad worden ingediend. De voorzitter van de partijraad bepaalt of het beroep ontvankelijk is. Wanneer het beroep ontvankelijk is verklaard, wordt het beroep doorgeleid naar de beroepscommissie van de partijraad.’
● Huishoudelijk reglement artikel 15B lid 2 ‘Een beroep moet schriftelijk en gemotiveerd bij het partijbestuur worden ingediend’ wordt gewijzigd in: ‘Een beroep moet schriftelijk en gemotiveerd bij het partijbestuur worden ingediend. De voorzitter van het partijbestuur bepaalt of het beroep ontvankelijk is. Wanneer het beroep ontvankelijk is verklaard, wordt het beroep doorgeleid naar de beroepscommissie van het partijbestuur.’
● Het advies van de beroepscommissie wordt overgenomen, met als voorwaarde dat het lid XX haar gevoelens van berouw over haar uitlatingen in de pers en andere media ook schriftelijk kenbaar maakt aan afdeling Y en vervolgens in overeenstemming daarmee handelt, zodat herstel van de verhoudingen mogelijk wordt. Toelichting: Lid XX en afdeling Y zijn bekend bij de algemeen secretaris
● De nieuwe werkwijze voor afdelingsverslagen wordt conform het voorstel vastgesteld, waarin team Opbouw & Opleiding het voortouw krijgt. Bastiaan Meijer zegt toe dat ingediende verslagen zijn terug te vinden via SPnet.
● De begroting van de SP voor 2026 wordt, inclusief de voorgestelde aanpassingen bijdrageregeling, vastgesteld.
● Toezegging: Wanneer een afdeling met zijn middelen boven het criterium van anderhalf keer de jaarlijkse bijdrage uitkomt, dan wordt voordat de middelen gemaximeerd worden, contact opgenomen met de afdeling en overlegd over de inzet en het nut van de middelen.
● Toezegging: Het partijbestuur overlegt met de afdeling Schagen over een plan waarin staat hoe we ervoor kunnen zorgen dat leden meer contributie gaan betalen
● Het amendement over de afroomregeling wordt verworpen.
● De motie over het oormerken van lokale inkomsten wordt ingetrokken.
● De motie over de verhoging van de ledencontributie wordt ingetrokken.
11:00 uur Voorzitter Lieke van Rossum opent de Partijraad
1. Opening en mededelingen
Van Rossum heet iedereen welkom. Ze gaat in op de wankele positie van het huidige kabinet, het groeiende verzet tegen de bezuinigingsplannen en dat wij als SP klaar moeten staan om campagne te voeren zodra dit kabinet valt, wat slechts een kwestie van tijd lijkt. De steun voor de SP groeit, ook in de peilingen.
De hamerstukken worden ongewijzigd aangenomen.
Vervolgens gaat Van Rossum in op wat er leeft in het land en wat de afdelingen daarvan meegekregen hebben tijdens het colporteren met de nieuwe SP-krant. Enkele afdelingen melden dat veel mensen teleurgesteld zijn in dit kabinet, maar toch blijven hopen dat het beter kan. Veel mensen zijn verbaasd dat de SP niet groter is. Mensen willen graag horen wat de SP voor hen persoonlijk betekent, vooral op economisch vlak. Het nieuwe migratiestandpunt van de SP valt bij veel mensen in goede aarde. Wel is er veel onwetendheid over welk percentage asielmigratie uitmaakt van het totale aantal migranten.
Bastiaan Meijer gaat in op de afdelingsverslagen. Omdat de webpagina niet werkte, konden deze verslagen niet opgestuurd worden. Team O&O benadrukt dat de afdelingsverslagen nog steeds nuttig zijn, om de afdelingen en de partij als geheel nog beter te maken. Via de verslagen kunnen de afdelingen van elkaar leren. In januari zal de webpagina weer werken. Alle afdelingen gaan akkoord met het hernieuwde werken met de afdelingsverslagen.
Vervolgens gaat Meijer in op de ledenopbouw. Met name het verzet tegen dit kabinet, het optreden van Jimmy (de ‘Jimmy-flow’) en de acties van de SP blijken reden voor mensen om SP-lid te worden. Daaronder zijn opvallend veel jongeren.
2. De koers van de SP in 2025
Van Rossum leidt het gesprek in over de koers van de SP in 2025. Van Rossum noemt twee hoofddoelen voor 2025: van migrantenanalyse naar klassenanalyse, en groter worden in alle opzichten. Daar gaan we campagne voor voeren en bijeenkomsten voor organiseren in buurten en wijken. In de herfst beginnen we met de campagne voor de raadsverkiezingen begin 2026. De SP-krant is in dat alles een belangrijk middel. Na de zomer komt ook het Festival voor Gelijkheid weer terug, met name om onze samenwerking met andere organisaties aan iedereen te laten zien.
Om prioriteiten te stellen bij onze acties en campagnes, zijn er werkgroepen van partijbestuursleden en Kamerleden die specifieke thema’s verder uitdiepen: onze economie, wonen, oorlog en vrede, onze overheid. Het laatste thema zal leiden tot een symposium, de overige thema’s moeten leiden tot acties en campagnes. Het thema wonen is daarbij het belangrijkste om mensen lokaal te organiseren.
Van Rossum gaat tot slot in op het SP-plan ‘Schaf de huisbaas af’, waarbij er een miljoen betaalbare woningen moeten komen, met zeggenschap van de bewoners in woonverenigingen. Hier moet nog een goede naam voor gevonden worden, analoog aan het Nationaal ZorgFonds. Er zijn tien afdelingen nodig om deze plannen te testen.
Met ‘Project Friet’ willen we onze wooncampagne in de buurten brengen. Daarbij willen we ook de ‘buurt van de toekomst’ ontwikkelen.
3. Begroting SP 2025
Penningmeester Gerrie Elfrink benadrukt dat onze begroting voor 2025 gericht moet zijn op het versterken van de groei die we doormaken, zodat we bij volgende verkiezingen het tij in dit land kunnen keren, wat een ontzettend grote inzet van onze partij vraagt. De kans is groot dat dit kabinet snel valt en er dus op korte termijn Tweede Kamerverkiezingen komen. Daarom stelt het Partijbestuur voor om eenmalig 300.000 euro toe te voegen aan de verkiezingskas, die nu leeg is.
Er is al veel geld bespaard in de werkorganisatie van de partij en meer besparen is niet echt meer mogelijk. Het Partijbestuur stelt daarom voor om de vaste bijdrage uit de afdelingen met 60 euro te verhogen. Ook wil het Partijbestuur de bijdragen voor scholing en andere bijzondere activiteiten in stand houden. De vergoeding voor het bezorgen van de Tribune wordt echter afhankelijk gemaakt van hoeveel Tribunes er bezorgd worden. Het lukt niet alle afdelingen om al het geld waarover ze beschikken uit te geven; er staat ongeveer een miljoen op de rekeningen van de afdelingen. Geld dat op de plank blijft liggen is onwenselijk, omdat we juist nu moeten knallen als partij. Als afdelingen geld over hebben dat ze toch niet gaan gebruiken, dan kan dat geld beter naar de vereniging gaan zodat het alsnog besteed kan worden aan de doelen van de partij.
Er zijn vanuit de afdelingen een amendement en twee moties ingediend. Het amendement is een voorstel om te voorkomen dat de landelijke partij zomaar geld van een afdelingsrekening af kan halen en dat dat alleen in overleg met een afdeling mag gebeuren. Elfrink geeft aan dat dit overleg al de bedoeling is en dat het Partijbestuur deze tekst kan overnemen. In het amendement wordt echter ook voorgesteld de tekst te schrappen dat het partijbestuur een besluit neemt. Het schrappen van het besluit door het partijbestuur is onwenselijk. Het haalt de transparantie weg en afdelingen moeten in beroep kunnen gaan, dat kan niet zonder besluit van het partijbestuur.
Een van de moties, ingediend door afdeling Schagen, gaat over het geld dat de gemeenteraadsfracties krijgen van de gemeente. In kleinere gemeentes hoeft daar geen aparte stichting voor opgericht te worden, maar mag het geld op de afdelingsrekening gezet worden, al blijft het dan wel het geld van de fractie. De motie van Schagen roept op om dat geld te oormerken als fractiegeld. Gerrie ondersteunt de strekking van de motie. Fractiegeld zal niet gebruikt worden door de vereniging. Daarom spreekt het voorstel ook over ‘verenigingsmiddelen’. De motie is volgens Elfrink wel onduidelijk, omdat deze de suggestie wekt dat dit geld wel door de afdeling gebruikt kan worden, maar dat mag niet volgens de gemeenteregels.
De tweede motie, ook ingediend door afdeling Schagen, gaat over de contributie. De minimale contributie is verlaagd naar 12 euro, waardoor ook mensen met een smalle beurs lid kunnen zijn van de SP. Schagen merkt op dat veel mensen echter wel meer kunnen betalen. Daar moeten we meer op inzetten, ook om de verkiezingskas te vullen. Elfrink is het daar mee eens, maar het is volgens Elfrink niet handig om de minimale contributie te verhogen naar 17 euro, omdat het dan voor veel mensen toch te duur wordt.
Vervolgens mogen de afdelingen in eerste termijn hierop reageren. Afdelingen staan positief tegenover het voornemen om de minimumcontributie op 12 euro te houden, maar mensen die meer kunnen betalen moet wel daartoe gestimuleerd worden. Dat gebeurt nu nog te weinig, vinden sommigen.
Het door afdeling Meierijstad ingediende amendement wordt door flink wat afdelingen ondersteund. De indienende afdelingen zijn het niet eens met hoe de regeling nu wordt opgezet, waarbij eerst geld van een afdelingsrekening kan worden gehaald en dat pas daarna de desbetreffende afdeling bezwaar kan maken. Volgens deze afdelingen wil het partijbestuur eenzijdig besluiten of het bezwaar gegrond is, zonder van tevoren duidelijk te maken wat redelijk en billijk is. De indienende afdelingen vinden dat arbitrair. Daardoor kunnen afdelingen recht tegenover het partijbestuur komen te staan. Als SP moeten we dat niet willen. Bovendien blijft onduidelijk om hoeveel geld het gaat en om hoeveel afdelingen het gaat. En waarom is over dit plan van het partijbestuur van tevoren niet overlegd met de afdelingen? Daardoor kunnen afdelingen dit niet goed bespreken met hun leden. Ook in de regio’s is het niet besproken, terwijl het plan wel bekend was bij de regiovertegenwoordigers. De autonomie van de afdelingen wordt zo te weinig recht gedaan. Het amendement stelt daarom voor om de volgorde om te keren: het partijbestuur gaat vooraf in overleg met de afdelingen die een overschot hebben.
Van Rossum geeft in haar antwoord aan dat het partijbestuur dit plan zeker niet eenzijdig wil opleggen: de Partijraad gaat erover en mag daar vandaag dan ook over beslissen.
Vanuit de afdelingen wordt ook gevraagd om meer middelen, zoals tikkies en QR-codes, om geld te kunnen collecteren, zodat de financiële positie van de partij beter wordt. Ook vraagt men zich af hoe afdelingsgeld geoormerkt kan worden als het uit verschillende bronnen komt, zoals van de fractie, gespaard door leden, of een legaat van een lid, etc. Hoe wordt berekend hoeveel geld er overtollig is?
Ook wordt er opgemerkt dat het plan van het partijbestuur zeker wel ‘bottom up’ is richting de afdelingen: deze worden immers zelf opgeroepen om een plan te maken voor het geld dat ze in kas hebben, om daar acties van te organiseren, scholingen, bijeenkomsten en dergelijke. Het is dus niet zo dat het plan van het partijbestuur eenzijdig ‘top down’ is.
Bij een enkele afdeling leeft ook het idee dat de kleinere afdelingen zwaarder getroffen worden door het plan van het partijbestuur dan grotere afdelingen: de kleine afdelingen mogen minder geld in kas hebben, maar hebben vaak wel dezelfde kosten. Ook wordt er gevraagd of dit plan van het partijbestuur een permanente regeling moet worden, of dat het gaat om een tijdelijke regeling om de verkiezingskas te vullen.
Afdeling Smallingerland zet vraagtekens bij de legitimiteit van de huidige besluitvorming. Gaat de algemene jaarvergadering van de afdeling niet over het jaarplan, de jaarcijfers en de afdelingsbegroting? Het is dus alleen de afdeling zelf die kan beslissen of ze financieel wil bijdragen aan de landelijke partij. De Partijraad kan hier dus niet over beslissen. Ook bestaat de kans dat afdelingen minder zuinig en efficiënt worden als ze hun gespaarde geld toch moeten afstaan.
In zijn antwoord in eerste termijn geeft Elfrink aan dat we inderdaad meer kunnen doen om leden, die meer kunnen betalen, dat ook te laten doen. In reactie op het amendement geeft Elfrink aan dat het plan van het partijbestuur niet uit de lucht komt vallen, omdat het al eerder op de Partijraad door diverse afdelingen zelf is voorgesteld, onder andere door Nijmegen. De Partijraad moet nu beslissen welke regels het partijbestuur moet hanteren als het gaat om overtollige afdelingsgelden. Ook geeft Elfrink aan dat de criteria, die daarbij gebruikt zullen worden, helemaal niet vaag zijn, maar de bestaande criterai die we al sinds jaar en dag gebruiken: het gaat om de activiteiten die een afdeling organiseert. Als een afdeling SP-activiteiten organiseert, dan is het duidelijk waar het afdelingsgeld voor bedoeld is. Uiteindelijk moet het partijbestuur daarover het besluit kunnen nemen, anders kan het partijbestuur niet zijn werk doen en kunnen de afdelingen op de partijraad niet het partijbestuur controleren.
Elfrink geeft aan dat het komende jaar rekeningen gestuurd zullen worden naar de afdelingen voor scholingen. Niet elke fractie zal dat kunnen betalen, maar dat moet dan duidelijk onderbouwd kunnen worden. Natuurlijk mag een afdeling altijd overtollig geld aan de landelijke partij afdragen, zelfs als dat volgens de regels niet per se hoeft.
Volgens Elfrink was het wel de bedoeling dat dit plan in elk regio-overleg besproken zou worden. Als dat ergens niet is gebeurd, kan dat bij het volgend regio-overleg besproken worden waarom dat niet is gebeurd.
Op de vraag of dit plan voor altijd is, antwoordt Elfrink dat de Partijraad altijd weer kan stoppen met de uitvoering van dit plan, als het financieel niet meer nodig is.
In de tweede termijn geeft afdeling Meierijstad aan dat het probleem volgens hen vooral zit in de manier waarop dit plan naar voren is gebracht: zonder overleg vooraf met de afdelingen. Op zich steunt de afdeling het idee dat overtollig geld van de afdelingen naar de landelijke partij overgeheveld kan worden, om bij te dragen aan de verkiezingskas. Maar dan wel in overleg met de afdelingen. Afdeling Meierijstad handhaaft de kritiek dat de criteria vaag en arbitrair zijn.
In zijn antwoord geeft Elfrink aan dat het wel wenselijk is om het besluit hierover bij het partijbestuur te leggen, om willekeur en verwarring te vermijden. Hij benadruk dat het er juist om gaat dat afdelingen meer activiteiten ontplooien en dat het partijbestuur geen enkel goed plan vanuit de afdelingen zal torpederen vanwege het geld. Het partijbestuur is het eens met de tekst die het amendement toevoegt, maar vindt het schrappen van de tekst over het besluit onverstandig.
Afdeling Schagen geeft aan aan de motie vast te willen houden, dat de partij meer moet doen om leden meer contributie te laten betalen als zij dat kunnen. De afdeling geeft aan mee te willen denken over hoe dan concreet georganiseerd kan worden. Van Rossum geeft namens het partijbestuur aan met de afdeling hierover te willen overleggen. Daarop trekt de afdeling de motie in. De eerste motie, over het oormerken van fractiebudgetten, wordt ook ingetrokken, omdat Elfrink al heeft aangegeven dat het partijbestuur daarmee rekening zal houden.
Afdeling Nijmegen geeft aan dat de wijziging rond de Tribune voor de afdeling toch wel een financiële aderlating is. Elfrink adviseert de afdeling Nijmegen om meer gebruik te maken van het geld dat de vereniging beschikbaar stelt voor het organiseren van bijzondere activiteiten. Het partijbestuur ondersteunt altijd, ook financieel, goede activiteiten van afdelingen.
Afdeling Smallingerland benadrukt nogmaals problemen te zien rond de legitimiteit van de besluitvorming: de ledenvergadering van de afdeling gaat over het geld van de afdeling, niet het partijbestuur. Van Rossum geeft aan dat de Partijraad het hoogste orgaan in de partij is en dus die besluiten kan nemen. Zij benadrukt dat het partijbestuur altijd serieus zal kijken naar de plannen die er in afdelingen zijn om hun geld uit te geven.
Afdeling Hengelo geeft aan het wel eens te zijn met de strekking van het amendement, dat het beter zou zijn als het partijbestuur van tevoren zou overleggen met een afdeling waar sprake is van overtollig geld. Elfrink antwoordt dat dat niet altijd handig is, omdat sommige afdelingen dan überhaupt niet in overleg gaan. Dat zou niet eerlijk zijn tegenover andere afdelingen, die wel in overleg gaan. Hij benadrukt dat er altijd overlegd zal worden, ook al wordt het uiteindelijke besluit bij het partijbestuur gelegd.
Afdeling Delft geeft aan de goede antwoorden van Elfrink te weinig terug te zien in het feitelijke voorstel van het partijbestuur. Van Rossum geeft aan dat Elfrink al min of meer heeft toegezegd dat er contact opgenomen zal worden met afdelingen als hun middelen boven het criterium van anderhalf keer de jaarlijkse bijdrage uitkomen, om te overleggen over inzet van dat geld.
Ten slotte wordt er gestemd. De moties van Schagen zijn aangetrokken. De Partijraad verwerpt het amendement van afdeling Meierijstad. De Partijraad stemt in met de begroting als geheel.
4. Vernieuwing SP-website
Dion le Maître van het webteam vertelt over de vernieuwing van de SP-website, zowel de landelijke site als de afdelingssites.
5. Wonen zonder winst
Tweede Kamerlid Sandra Beckerman vertelt over de nieuwe wooncampagne, waarbij de particuliere huurbazen willen vervangen door sociale woonverenigingen met zeggenschap voor huurders. Vervolgens is Hanno van Megchelen van de Haagse wooncoöperatie Roggeveenstraat te gast, om te vertellen over hun strijd voor hun woningen, die gesloopt zouden worden maar die zij als huurders ondergebracht hebben in hun eigen wooncorporatie.
De tweede gast is Cody Hochstenbach, die als stadsgeograaf werkt aan de UvA en meerdere boeken heeft geschreven over de wooncrisis. Hochstenbach laat zien hoe de huidige wooncrisis te maken heeft met de eenzijdige focus op koopwoningen, woningbezitters, hypotheekrenteaftrek en de macht van beleggers. De afdelingen reageren heel enthousiast op deze ervaringen en ideeën. Van Rossum geeft aan dat de afdelingen al met deze campagne aan de slag kunnen door met de SP-krant de straat op te gaan en met mensen in gesprek te gaan over de wooncrisis.
6. SP Jongeren
Tom Merks gaat in gesprek met Laura van Duin over de acties van de SP Jongeren in Rotterdam, zoals de actie voor een nachtbus. Veel inactieve leden zijn daardoor actief geworden.
7. Doelen gemeenteraadsverkiezingen 2026
Bastiaan Meijer geeft aan dat de SP in 82 gemeenten heeft meegedaan aan raadsverkiezingen, maar dat dat er 119 zullen zijn in 2026.
8. Toespraak Jimmy Dijk
In zijn toespraak roept fractievoorzitter Dijk de oppositiepartijen D66, ChristenUnie en CDA op het kabinet niet aan meerderheid te helpen in deze bezuinigingspolitiek. 25.000 studenten en docenten hebben hiertegen gedemonstreerd. De SP is de partij die in contact blijft met de mensen op straat, waar we horen dat mensen dit kabinet zat zijn: ze maken alleen maar ruzie, ze lossen geen problemen op en bezuinigen alleen maar. De PVV heeft zijn verkiezingsbeloftes over bestaanszekerheid gebroken. Na een jaar regeren moet dit kabinet leveren; doen ze dat niet, dan kunnen ze beter opstappen.
Linkse partijen moeten echter ook durven om de problemen rond migratie en integratie te benoemen; dat moet niet alleen aan de rechtse partijen overgelaten worden. De SP durft dat wel en kijkt daarbij vooral naar de perverse verdienmodellen achter migratie, vooral bij arbeidsmigratie en kennismigratie. Ook de commerciële verdienmodellen achter asielopvang moeten aangepakt worden; dat geld kan beter besteed worden aan de COA. Rijkere buurten en gemeenten moeten meer doen om asielmigranten op te vangen. En de SP stelt een duidelijk bovengrens aan migratie.
Dijk benadrukt het belang van samenleven, waarvoor alle migranten de taal moeten leren. Om segregatie tegen te gaan, moeten er ook meer betaalbare woningen in rijkere buurten gebouwd worden. Tot slot gaat Dijk in op de oproep van Timmermans voor meer linkse samenwerking, maar dat zijn slechts loze woorden zolang de belangen van de werkende klasse niet goed worden behartigd.
De SP doet dat wel met de plannen voor een Nationaal ZorgFonds, betaalbaarder gezond eten door het terugdringen en reguleren van de macht van supermarkten en de voedselindustrie, en het inzetten op een miljoen betaalbare woningen met zeggenschap voor de bewoners en zonder winstoogmerk. Dat laatste plan zal begin volgend jaar gepresenteerd worden.