Wie vanochtend zijn auto voltankte, zag het direct op het scherm bij de pomp: wéér duurder. Wie de energierekening opent, voelt hetzelfde. En nu verhoogt het kabinet de belastingen op brandstof en energie. Juist nu een internationale crisis de gasprijs met 25 procent doet stijgen, alsmede de brandstofprijzen.
De hogere belastingen zijn politieke keuzes. Daarom moet de belasting op energie en brandstof nu worden verlaagd. Op dit moment bestaat ongeveer de helft van de prijs van een liter brandstof uit accijnzen en btw. Dat raakt iedereen, maar niet iedereen even hard. Mensen met lage en middeninkomens zijn een groter deel van hun inkomen kwijt aan brandstof en energie. Zij kunnen niet ‘even’ thuiswerken als ze in ploegendienst werken. Zij kunnen niet ‘even’ overstappen op een warmtepomp als hun huis slecht geïsoleerd is. Zij kunnen niet ‘even’ duizenden euro’s investeren in zonnepanelen. En toch legt het kabinet de rekening juist daar neer. De belasting op gas gaat omhoog. De korting op de energiebelasting gaat omlaag. Tegelijk stijgen olie- en gasprijzen door spanningen in het Midden-Oosten. De dreiging rond de Straat van Hormuz, waar een vijfde van de wereldolie doorheen gaat, jaagt prijzen verder op. Huishoudens betalen meer. De overheid ontvangt automatisch meer belastinginkomsten met die prijsstijgingen. Dat is scheef.
De hogere belastingen zijn politieke keuzes. Daarom moet de belasting op energie en brandstof nu worden verlaagd.
Op dit moment wordt de helft van alle belastingopbrengsten opgehaald via inkomensbelasting, een derde via gebruiksbelastingen zoals btw en accijnzen, en slechts een zesde via vermogen en winsten. Terwijl grote vermogens en winsten ontzien worden, betaalt de werkende Nederlander bij de pomp en via de energierekening. Daar komt bij dat het kabinet kiest voor miljarden extra uitgaven, zoals 19 miljard euro per jaar extra aan Navo-uitgaven. Een rekening die door dit kabinet bij gewone mensen wordt neergelegd. Met miljarden bezuinigingen op zorg en sociale zekerheid. En een Navo-taks die door mensen met een laag of middeninkomen wordt betaald.
We kunnen de belasting op energie en de accijnzen op brandstof verlagen. Ook om de inflatie af te remmen. Niet tijdelijk als noodverband, maar structureel. Zo geven we mensen ademruimte. Dit gaat niet alleen over cijfers. Dit gaat over de vraag in wat voor land wij willen leven. Een land waarin mensen die vroeg opstaan en hard werken zich geen zorgen hoeven te maken of ze hun auto nog kunnen voltanken of hun huis verwarmen. Een land waarin politiek de betaalbaarheid van het dagelijks leven vooropzet.
Staat het kabinet naast de mensen die elke maand moeten puzzelen? Naast de verpleegkundige, de bouwvakker, de vrachtwagenchauffeur en de alleenstaande ouder? Wij zeggen: jullie behoren niet de rekening te betalen voor een internationale crisis en een nieuwe energiecrisis. Dit minderheidskabinet lijkt de betaalbaarheidscrisis van mensen niet op te lossen.
Maar een meerderheid in de samenleving wil wél dat het leven betaalbaar blijft. Samen kunnen we kiezen voor verlichting in plaats van verzwaring. Verlaag de belasting op energie en brandstof. Maak het leven betaalbaar.
Deze opinie verscheen op 06-03-2026 in het AD.
