Zorg, welzijn en sport

  • Abortus en prenatale screening

    De SP is voorstander van de huidige abortuswetgeving. Een zorgvuldige uitvoering is daarbij van belang. Wanneer vrouwen besluiten om een ongewenste zwangerschap te beëindigen is het belangrijk dat zij goede voor- en nazorg krijgen. Het is geen goed idee om een abortuspil via de apotheek beschikbaar te stellen, omdat goede voor- en nazorg dan niet gegarandeerd kan worden. Vrouwen horen op ieder moment af te kunnen zien van een abortus en daarom is bedenktijd belangrijk. Goede seksuele voorlichtingsprogramma’s op scholen zijn essentieel om ongewenste zwangerschappen te voorkomen.

    De mogelijkheden voor prenatale screening nemen toe. Mits zorgvuldig benut en met het weren van de commercie, staan wij achter deze ontwikkelingen. De NIPT-test is een veiliger alternatief voor de vruchtwaterpunctie. Alle vrouwen hebben recht op een betaalbare NIPT-test. Zwangere vrouwen behouden vrije keuze als het gaat om het wel of niet laten uitvoeren van de NIPT-test.

    Ziekenhuizen beperken zich tot medische zorg en stoppen met het uitvoeren van commerciële pret-echo’s zonder medische noodzaak.

  • Maak van ambulancezorg een publieke dienst

    Ambulancezorg moet een publieke dienst worden, waarin de patiënt centraal kan staan. De introductie van marktwerking en aanbestedingen in de ambulancezorg is uitgesloten en we voorkomen dat er nog meer macht naar zorgverzekeraars gaat. Ambulancemedewerkers moeten meer inzicht in en zeggenschap krijgen over de besteding van zorggeld. Waar extra ambulances nodig zijn, worden die beschikbaar gesteld.

    Het is belangrijk te blijven investeren in een goede en bereikbare eerste hulp, ook in regio’s waar minder mensen wonen. Sluiting van spoedeisende hulpposten wordt voorkomen.

  • Voorkom dakloosheid van mensen met schulden

    Het aantal dak- en thuislozen is de afgelopen jaren fors toegenomen. Gemeenten moeten een zorgplicht krijgen. Daklozenteams worden ingesteld om daklozen te begeleiden. Waar enerzijds de opvangcentra overvol raken, zien we anderzijds dat de doorstroom knelt. Voor een goede doorstroom is het van groot belang dat trajecten op maat ingezet worden om deze mensen te begeleiden en weer een toekomstperspectief te geven. Er moet een recht op wonen komen voor iedereen en een preventieve aanpak om dakloosheid van jongeren, gezinnen en mensen met schulden te voorkomen. De wachtlijsten in de zorg moeten worden weggewerkt. Niemand mag worden ontslagen uit de jeugdzorg, detentie of een psychiatrisch ziekenhuis zonder duidelijkheid over een (al dan niet begeleide) woonplek. Er moeten voldoende en gespecialiseerde sociale pensions komen en alle opvang moet 24 uur per dag open zijn, met een onbeperkte verblijfduur. Veel meer dan nu het geval is moet worden ingezet op resocialisatie. Kinderen horen niet in de opvang thuis. Er moeten meer opvangplekken komen voor zwerfjongeren in combinatie met begeleiding. Het huisvestingbeleid moet zodanig aangepast worden dat er voldoende en betaalbare woonvoorzieningen zijn. Er moet een betere doorstroming komen naar opleiding en werk, zodat deze jongeren weer perspectief krijgen voor een betere toekomst.

  • Voor een Actief Donor Register met verplichte registratie

    Het registratiesysteem voor donoren moet worden omgezet in een Actief Donor Register. Dit systeem gaat uit van een verplichte registratie en een vanzelfsprekende solidariteit, waarbij iedereen het recht heeft om zijn of haar bezwaar tegen orgaandonatie te laten registreren. Ondanks een verplichte registratie behoudt iedereen in dit systeem het recht te bepalen of men wel of geen donor wil zijn. Ook kan men op elk moment een dergelijke beslissing wijzigen in het registratiesysteem. Het recht op zelfbeschikking wordt door dit systeem dan ook niet aangetast. Mensen worden persoonlijk geïnformeerd hoe zij in het donorregister staan als zij voor een paspoort, identiteitsbewijs of rijbewijs bij de gemeente komen. Daarbij wordt uitgelegd hoe het register werkt en hoe een registratie kan worden gewijzigd. Een bijkomend voordeel van het Actief Donor Registratiesysteem is dat het de nabestaanden ontlast, omdat iedereen staat geregistreerd. Bij een onverwacht overlijden hoeven de nabestaanden in een dergelijke zeer emotionele situatie niet zelf te beslissen tenzij de potentiële donor bij de registratie heeft aangegeven de beslissing aan de nabestaanden te laten. Daarmee wordt de huidige positie van nabestaanden gehandhaafd: indien de familie weigert of het niet aankan, moet de arts niet tot orgaanuitname overgaan. Er komt een duidelijke startcampagne om de overgang tot het nieuwe systeem te markeren en er komt gerichte voorlichting voor analfabeten.

    Het grote voordeel van het Actief Donor Registratiesysteem is dat het enerzijds het recht op zelfbeschikking intact laat en anderzijds leidt tot meer donoren, zodat het aantal mensen dat onnodig op de wachtlijst overlijdt wordt verminderd.

  • E-health: Technologische ontwikkelingen in de zorg

    Nieuwe technologische ontwikkelingen zijn ook in de zorg niet meer weg te denken. Deze dienen echter ter ondersteuning van het personeel of in aanvulling op de zorgverlening te zijn. E-health of andere technologische toepassingen mogen nooit een aanleiding zijn om de menselijke maat in de zorg te laten varen of om bezuinigingen te rechtvaardigen. E-health kan goed werken voor mensen die weten hoe er mee om te gaan, maar we moeten niet vergeten dat er altijd mensen zullen zijn die dat niet kunnen of willen. Onderlinge steun en menselijk contact blijven een voorwaarde voor goede zorg.

  • Het is tijd voor een Nationaal ZorgFonds, zonder eigen risico.

    De belofte van het nieuwe zorgstelsel was dat de zorg transparanter, toegankelijker, efficiënter en goedkoper zou worden. Het tegenovergestelde is waar.De zorg is duurder geworden, terwijl mensen steeds minder zorg vergoed krijgen. Het is totaal ondoorzichtig wat de zorg kost en wie waaraan verdient. De bureaucratie rijst de pan uit. De keuzevrijheid om je eigen hulpverlener te kiezen wordt ingeperkt.

    Het is daarom tijd om een nieuwe weg in te slaan: een Nationaal ZorgFonds, zonder eigen risico. Ten dienste van de bevolking en zorgverleners, zonder commerciële belangen. Premiegeld gaat naar zorg en niet naar marketing, winstuitkeringen en de bureaucratie van 9 bedrijven met 25 zorgverzekeraars die weer 61 basispolissen hebben. De wettelijke taak van de zorgverzekeraars, het uitvoeren van de basisverzekering, wordt wettelijk verlegd naar het Nationaal ZorgFonds

    Het eigen risico wordt afgeschaft. Een boete op ziek zijn is oneerlijk. Bovendien weerhoudt het mensen ervan om tijdig zorg te vragen, zodat problemen verergeren en behandeling uiteindelijk juist meer kost. Het zorgpakket wordt uitgebreid met fysiotherapie, tandzorg en GGZ

    Het Nationaal ZorgFonds verdeelt het geld op basis van een reële zorgbehoefteraming over de regio’s. Er wordt op toegezien dat er in de regio’s geen wachtlijsten ontstaan, er niet teveel of te weinig aanbod is (op basis van zorgbehoefte) en uitkomsten als ligdagen, heropnames, sterftecijfers, voorgeschreven medicatie, calamiteiten, enzovoorts, worden geanalyseerd. Dat vormt de basis van ‘controle’ en advies voor regio’s

  • Een menswaardige dood bij ondraaglijk en uitzichtloos lijden

    Bij ondraaglijk en uitzichtloos lijden moeten mensen kunnen kiezen voor een menswaardige dood en daarbij kunnen rekenen op professionele ondersteuning. Mensen mogen echter nooit in een situatie worden gemanoeuvreerd waarin ze moeten rechtvaardigen waarom ze niet voor euthanasie kiezen, of waarin andere omstandigheden de keuze beïnvloeden, zoals tekortschietende zorg of onvoldoende deskundige palliatieve zorg.

    In de beroepsopleidingen en beroepspraktijk van verpleegkundigen en (huis)artsen moet meer aandacht komen voor euthanasie, begeleiding van het sterven en palliatieve zorg. In elke regio moet een palliatief team beschikbaar zijn ter ondersteuning en advisering van artsen bij begeleiding van terminale patiënten. Zorg in hospices en palliatieve units in verpleeg- en verzorgingshuizen moet voldoende beschikbaar zijn en gefinancierd worden. Thuiszorg bij terminale patiënten moet onbeperkt beschikbaar zijn.

    Het ontwikkelen van een voltooid leven wet, die hulp bij zelfdoding door een niet-arts mogelijk maakt wanneer iemand het leven als voltooid ziet, achten wij onwenselijk.

    Allereerst omdat het buitengewoon ingewikkeld is om vast te stellen dat iemands wens tot hulp bij zelfdoding persistent is, indien er geen sprake is van uitzichtloos en ondraaglijk lijden met een medisch-lichamelijke component. Een mens is een relationeel wezen en omstandigheden kunnen wijzigen waardoor ook een doodswens kan veranderen.

    Ten tweede omdat het risico van de druk op ouderen om te kiezen voor de dood als optie zal toenemen. Een ontwikkeling die we niet wenselijk achten.

    Ten derde omdat er binnen de Euthanasiewet veel mogelijk is en deze wet zich nog ontwikkelt. Binnen de Euthanasiewet zijn er veel meer mogelijkheden dan men doorgaans beseft om tegemoet te komen aan het zwaarwegende recht op zelfbeschikking.

    Tot slot zal het de zorgvuldige praktijk van de Euthanasiewet aantasten waarbij artsen met toetsing voor en achteraf het leven mogen beëindigen.

  • Fraude en privacy in de zorg

    Fraudebestrijding en privacy staan op gespannen voet met elkaar. Frauderen met zorggeld is onacceptabel en moet hard worden aangepakt. Zorgverzekeraars moeten daarom de mogelijkheden die ze hebben beter benutten, fraudebestrijding door aantasting van het medisch beroepsgeheim door private zorgverzekeraars is echter ongewenst. Om het medisch beroepsgeheim te beschermen moeten in het uiterste geval niet private bedrijven zoals zorgverzekeraars inzage krijgen in de medische dossiers omwille van fraudebestrijding, maar onafhankelijke toezichthouders zoals de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) of het Openbaar Ministerie (OM).

    We stoppen met het complexe betalingssysteem met dbc's (diagnose-behandelcombinatie) en het betalen per verrichting. Dit werkt fraude en het maken van fouten in de hand. Het drijft bovendien de kosten vanwege het 'zo optimaal mogelijk' declareren op, terwijl dit maatschappelijk gezien ongewenst is.

  • Goede geestelijke gezondheidszorg onmisbaar voor samenleving

    Goede geestelijke gezondheidszorg is onmisbaar voor onze samenleving. Daarom is het belangrijk dat thuiswonende patiënten voldoende begeleiding kunnen krijgen en dat er voldoende opnameplaatsen beschikbaar zijn. Met goede ggz kunnen we persoonlijke drama’s voorkomen, maar ook maatschappelijke kosten die samenhangen met bijvoorbeeld overlast, zelfdoding, vervuiling en verslaving. In geval van een crisis geldt dat niet de politie, maar ggz altijd beschikbaar is voor de eerste opvang.

    Er is de afgelopen jaren veel bezuinigd op de ggz, met als gevolg een toename van het aantal verwarde personen op straat. Het aantal bedden in instellingen is afgenomen, omdat meer mensen thuis behandeld moeten worden. Helaas zijn de voorzieningen in de wijk die thuisbehandeling mogelijk moeten maken nog lang niet op orde. De SP wil dat de afbouw van het aantal bedden gestopt wordt, totdat de opbouw van ambulante voorzieningen aantoonbaar op orde is.

    De meest kwetsbare ggz patiënten met ernstige psychische problemen moeten van de Zorgverzekeringswet overgeheveld worden naar de Wet langdurige zorg, omdat zij meer baat hebben bij permanente goede ondersteuning dan behandeling. Nu gebeurt dat pas wanneer iemand al drie jaar in een instelling zit.

    In de gespecialiseerde ggz wordt de financiering per verrichting, de zogenaamde diagnose behandeling combinatie (dbc) financiering, vervangen door een zorgbehoefte-financieringssysteem.

  • Kleinschalige huisartsenposten in de buurt

    Huisartsen vervullen een belangrijke rol bij het signaleren van medische problemen. De SP vindt dat er meer moet worden geïnvesteerd in de eerstelijnszorg, waar onder andere fysiotherapeuten, apothekers, maatschappelijk werkers en huisartsen onder vallen.

    Grootschalige huisartsenposten moeten worden afgebouwd. De bouw van poliklinieken in de wijken wordt bevorderd.

    Huisartsenzorg leent zich niet voor concurrentie. Huisartsen worden niet langer betaald op basis van de gedraaide productie. De financiering van huisartsen moet gebaseerd zijn op beschikbaarheid en het abonnementenstelsel, waarbij de huisarts een jaarlijks bedrag per inwoner/patiënt betaald krijgt, aangevuld met een consulttarief.

    Tegelijkertijd moet er een einde komen aan de dwingende contracten van de zorgverzekeraars, die eerstelijnshulpverleners geen andere keuze laten dan te tekenen bij het kruisje. De mededingingswet moet niet langer meer van toepassing zijn op de eerstelijnszorg, zodat huisartsen kunnen samenwerken in plaats van te concurreren.

    Huisartsen en huisartsenpraktijken hebben meer taken gekregen door de veranderingen in de gezondheidszorg. Ondersteuning voor de zorg aan ouderen en mensen met psychische problemen moet worden uitgebreid. Voorts moeten praktijken kleiner in omvang worden, zodat er meer tijd is voor preventieve taken van de huisarts.

  • Jeugdzorg zonder marktwerking en wachtlijsten

    De huidige Jeugdwet die gemeenten de taak heeft gegeven voor de jeugdzorg, moet flink onder handen genomen worden. Om te beginnen komt er een recht op jeugdzorg, en een basistakenpakket voor gemeenten, zodat niet per gemeente verschilt of een kind of gezin met problemen wel of geen ondersteuning krijgt. Het geld wordt geoormerkt. Voor de geestelijke gezondheidszorg geldt dat een verwijzing van een huisarts niet geblokkeerd mag worden door de gemeente. Gemeenten moeten voldoende geld krijgen voor hun jeugdzorgtaak.

    De introductie van marktwerking in de jeugdzorg is de SP een doorn in het oog en wordt zo snel mogelijk teruggedraaid. Jeugdzorg behoort geen winstoogmerk te hebben. De SP wil dat er voldoende plekken zijn in de jeugdzorg. Het is onaanvaardbaar dat kinderen langer op zorg wachten dan nodig is of dat ze in een situatie moeten verblijven die eigenlijk niet meer verantwoord is. Er is te weinig toezicht op de zorg die gemeenten inkopen voor jongeren. Hierdoor kan het voorkomen dat een gemeente geen specialistische zorg (voor slachtoffers van eergerelateerd geweld, anorexia of loverboys) inkoopt, omdat er bij de gemeente geen reëel beeld bestaat van de bestaande vraag hiernaar. Jongeren komen dan in de kou te staan.

    De SP is geen voorstander van eigen bijdragen, want die kunnen ervoor zorgen dat ouders zorg mijden terwijl zij en de kinderen het juist hard nodig hebben.

  • Meer ondersteuning voor mantelzorgers

    Mensen die een ziek familielid verzorgen verdienen meer ondersteuning. Om de mantelzorg te versterken is een aantal maatregelen nodig. De SP stelt een mantelzorgtoeslag voor.

    Wie mantelzorg geeft, heeft extra kosten door misgelopen inkomsten uit werk en reiskosten. Het is alleszins redelijk om daar een onkostenvergoeding tegenover te stellen. Veel mantelzorgers raken overbelast, vooral de werkende mantelzorgers. Uitbreiding van het zorgverlof en ontheffing van de sollicitatieplicht kunnen mantelzorgers ontlasten. Ook moeten mantelzorgers voorrang krijgen bij het verkrijgen van een woning, zodat zij dichter bij hun familielid kunnen wonen. Bij indicatiestelling voor thuiszorg of huishoudelijke verzorging mag aanwezigheid van mantelzorg geen rol spelen. Mantelzorgondersteuning wordt opgenomen in het gemeentelijk basispakket, zodat elke gemeente verplicht is om goede mantelzorgondersteuning te organiseren

  • Pak de farmaceutische industrie aan, niet de patiënt

    Nieuwe geneesmiddelen waar de effectiviteit van bewezen is en waarvan geen goedkopere equivalent bestaat, worden opgenomen in het basispakket. 

    De distributie van geneesmiddelen hoort uitsluitend via (ziekenhuis)apotheken of gecertificeerde drogisten plaats te vinden. De levering van receptgeneesmiddelen via buitenlandse websites wordt verboden. Er moet voldoende tijd zijn om uitleg te geven over het gebruik van medicijnen of een medicijncheck op noodzakelijkheid en samenstelling van medicatie, vooral bij ouderen die 5 of meer medicijnen gebruiken. Er wordt een einde gemaakt aan de verschillen in beschikbaarheid van dure geneesmiddelen per ziekenhuis. 
    Er dient meer openheid te komen over de werkelijke kosten van geneesmiddelen en de prijs die betaald moet worden. De minister stopt met geheime prijsafspraken voor dure geneesmiddelen, zodat de farmaceutische industrie landen niet langer tegen elkaar uit kan spelen. We laten de geneesmiddelenprijzen dalen door het aantal referentielanden uit te breiden en de prijzenwet aan te scherpen, door de prijzen aan te passen aan de goedkoopste landen. Kortingen en bonussen bij apothekers en/of zorgverzekeraars dienen te worden verboden. De inkoop van medicijnen moet landelijk worden geregeld, zodat er een sterkere onderhandelingspositie ten opzichte van de farmaceutische industrie ontstaat. Er wordt onderzocht of de patentduur van een geneesmiddel verkort kan worden of zelfs kan vervallen, als dat middel grotendeels op de universiteit is ontwikkeld met belastinggeld.

    Wetenschappers dienen meer greep te krijgen op het stellen van prioriteiten in het medisch onderzoek, zodat er meer onderzoek gedaan kan worden naar preventie, nieuwe vormen van bevolkingsonderzoek, zeldzame ziekten en bijwerkingen. Door het instellen van een onafhankelijk Nationaal Fonds Geneesmiddelenonderzoek kunnen rechtstreekse financiële banden tussen farmaceuten en onderzoekers voorkomen worden. Alle onderzoeken en onderzoeksresultaten moeten opgenomen worden in een publiek register, zodat wetenschappelijke kennis ten goede komt aan het algemeen belang.

    De kwaliteit van alle geneesmiddelen, dus ook van de alternatieve geneeswijzen, moet door de Inspectie voor de Gezondheidszorg bewaakt worden. De overheid ziet er op toe dat diagnoses worden gesteld en therapieën worden gegeven door mensen die betrouwbaar en deskundig zijn. Er moet altijd de mogelijkheid zijn voor een onafhankelijk onderzoek naar bijwerkingen.

  • Medische missers en medisch letselschadefonds

    De zorg is mensenwerk en dat daarbij soms fouten worden gemaakt is onvermijdelijk. Van die fouten moet echter wel worden geleerd zodat deze in de toekomst voorkomen kunnen worden. Zwijgcontracten tussen ziekenhuizen en slachtoffers en nabestaanden zijn daarom onacceptabel.

    De SP is voorstander van de invoering van een medisch letselschadefonds (no-fault systeem). Slachtoffers of nabestaanden hoeven daarbij niet jarenlang te procederen om financiële genoegdoening te krijgen. Het medisch letselschadefonds compenseert bij medische missers slachtoffers of nabestaanden snel en adequaat voor de geleden schade. Het schadebedrag wordt vervolgens door het fonds verhaald op de hulpverlener, het ziekenhuis of de zorginstelling. Jarenlange juridische procedures worden hierdoor overbodig. Ook komt er meer ruimte voor het erkennen van fouten en het leren daarvan. Om de kwaliteit te borgen komt er een vergunningstelsel voor alle zorginstellingen en privéklinieken.

  • Kleinschalige zorg voor ouderen en gehandicapten

    Het is belangrijk dat mensen die zorg nodig hebben terecht kunnen in veilige en huiselijke verpleeghuizen. Deze zorg moet kleinschalig in de buurt worden aangeboden, zodat mensen niet op het einde van hun leven ver weg moeten verhuizen, van hun bekende omgeving en familie en vrienden. In de kleinschalige verpleeghuizen is er voldoende en goed opgeleid personeel beschikbaar die de bewoners de zorg en aandacht kunnen geven die nodig is.

    In de grootschalige verpleeghuizen die er nog zijn moet het personeel voldoende tijd hebben om naast de dagelijkse lichamelijke verzorging ook aandacht te kunnen besteden aan de bewoners. Daarom moeten de zorgzwaartepakketten (ZZP’s) omgevormd worden tot een betalingsvorm op basis van de zorgzwaarte, personeelsbezetting en omgevingseisen en moet de bureaucratie sterk worden verminderd. De werkdruk in instellingen voor ouderen- en gehandicaptenzorg moet aanpakt worden, door een bezettingsnorm van deskundige en professionele verzorgenden en begeleiders per groep te hanteren. Woonvormen met begeleiding en zorg in de wijk moeten waar mogelijk gestimuleerd worden. Ook moet de mogelijkheid blijven bestaan om te kiezen voor verblijf in een instelling, en moeten er voldoende mogelijkheden zijn voor beschermd wonen en beschut wonen. Voor elk van deze keuzes mogen geen wachtlijsten bestaan. Er moeten voldoende mogelijkheden zijn voor dagbesteding.

    Zolang het kan en zolang mensen dat willen moeten mensen in hun eigen woning of buurt kunnen blijven wonen. Hiervoor dient vanuit de eigen wijk, buurt of dorp zorg beschikbaar te zijn, die mensen hierin ondersteunt. De SP pleit daarom voor kleinschalige, intieme buurtverpleeghuizen en het behouden van verzorgingshuizen. Daarnaast moeten seniorenwoningen en aanpasbare woningen bijgebouwd worden en moeten er meer mogelijkheden geboden worden voor woningaanpassing. Zo wordt gedwongen verhuizing naar grootschalige verzorgings- en verpleeghuizen voorkomen.

  • Versterk het Persoonsgebonden Budget (PGB)

    Het Persoonsgebonden Budget (PGB) moet wat de SP betreft behouden blijven en versterkt worden. Dit kan onder andere door het aanvragen van zorg niet meer op basis van financieringsvorm te doen, maar op zorgbehoefte. Heeft iemand begeleiding of verpleging nodig, dan wordt dat vastgesteld en pas daarna komt de financieringsvorm aan de orde. Ook wordt er eerst gekeken naar wat er geregeld kan worden in de reguliere zorg. Ontbreekt daar het zorgaanbod, dan moet een PGB beschikbaar zijn voor iemand die zorg nodig heeft en dat zelf kan organiseren.

    Georganiseerde aanbieders met personeel, zoals zorgboerderijen, Thomashuizen, thuiszorgaanbieders en aanbieders van begeleiding, moeten ook reguliere zorg gaan leveren. Dit vergroot de keuzevrijheid voor mensen die graag bij een aanbieder zorg willen, maar die geen PGB wensen. Hiervoor is het noodzakelijk dat voor een zorgaanbieder de toelating tot de reguliere zorg beter, goedkoper en sneller mogelijk is. Het grote voordeel hiervan is dat aanbieders onder de Kwaliteitswet gaan vallen en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (de IGZ) toezicht kan houden.

    Voor mensen die werken via het PGB gaat gelden dat opbouw van sociale rechten verplicht wordt. Er moeten dus premies voor pensioen, WW en zorgverzekering worden afgedragen. Ook komt er een mantelzorgcontract: familieleden die hun baan opzeggen om de zorg op zich te nemen en via het PGB een inkomen weten te behouden, krijgen meer zekerheid. Dit contract behelst dat er premies worden betaald voor pensioen en WW, zodat ook de mantelzorger sociale rechten opbouwt. Voor het contract gelden geen urenrestricties, maar wel de mogelijkheid tot beroep op scholingsgelden voor de mantelzorger. De SP is voorstander van het Trekkingsrecht maar is van mening dat het huidige systeem van uitbetaling van het PGB via de Sociale Verzekeringsbank niet werkt. De SP steunt dan ook de ontwikkeling van een nieuw betalingssysteem dat eenvoudig is en zekerheid geeft. Budgethouders en zorgverleners die na de invoering van het Trekkingsrecht in de problemen zijn geraakt verdienen een goede compensatieregeling.

  • Voorkomen is beter dan genezen

    De sociaaleconomische gezondheidsverschillen in ons land zijn groot en de afgelopen jaren niet verkleind. Iemand met een hogere opleiding leeft gemiddeld zeven jaar langer en bijna 20 jaar langer in goed ervaren gezondheid. Het is een taak van de overheid dit verschil te verkleinen. Dat kan voornamelijk door meer aandacht te hebben voor het voorkomen van ziekten en ziek worden. Bewezen effectieve preventieve behandelingen komen in het verzekerde pakket.

    Programma’s ter voorkoming van verslaving aan drugs, alcohol en roken alsmede de hulpverlening bij het stoppen/afkicken van een verslaving moeten worden uitgebreid. Naast het aanpakken van overgewicht, moet overgewicht vooral voorkomen worden. Daarom gaat de jeugd meer sporten, via een vast aantal uren gym op school en schoolzwemmen en komen er meer mogelijkheden om buiten te spelen. Ook komt er een verbod op snoepreclames die gericht zijn op kinderen.

    Roken en meeroken zijn slecht voor de gezondheid. Voorkomen moet worden dat jongeren beginnen met roken. De ‘grijpbaarheid’ van tabak moet verkleind worden door de verkoop van tabak te beperken tot tabaksspeciaalzaken. Ook dient de aantrekkelijkheid van de rookwaren en de verpakkingen daarvan verminderd te worden, door over te gaan op dezelfde, saaie, verpakkingen (plain packaging). Toevoeging van verslavende stoffen en smaakmakers die het aanzetten tot roken van tabak vergroten moet worden verboden.

  • Meer bewegen houdt mensen langer gezond

    Een laagdrempelig en toegankelijk sportaanbod levert een belangrijke bijdrage aan de kwaliteit van de samenleving, waarin verbondenheid, cohesie en het voorkomen van sociale uitsluiting van belang zijn. Daarnaast is meer bewegen gezond. Hoe jonger mensen met sporten beginnen, hoe langer zij doorgaans actief blijven. Daarom is het belangrijk om sporten op jonge leeftijd te bevorderen.

    Sportverenigingen moeten voldoende worden ondersteund, zodat voorkomen kan worden dat zij hun contributie fors moeten verhogen.

    Ook is het verstandig om scholen en sportverenigingen de kans te geven om meer met elkaar samen te werken en gebruik te maken van elkaars ervaringen en accommodaties.

    Kinderen op de basisschool krijgen een sportstrippenkaart, waarmee ze gratis kunnen kennismaken met verschillende sporten.

    Sporten op school is de basis waar alle kinderen bereikt worden om te leren sporten en bewegen. Dit bestrijdt overgewicht onder kinderen en op deze wijze leren kinderen hoe leuk het is om te sporten. Daarom moet er een minimumsportnorm komen voor scholen, om te beginnen met drie uur sport en bewegen per week.

    Op de basisscholen wordt weer gewerkt met vakleerkrachten en schoolzwemmen wordt aan het vakkenpakket toegevoegd.

    In elke buurt moet een gegarandeerde hoeveelheid vierkante meters aan buitenspeelruimte beschikbaar zijn. Daartoe kunnen ook schoolpleinen onder buurttoezicht worden opengesteld voor sporten en spelen van kinderen.

    Sommige mensen hebben de kwaliteiten om topsporter te worden. Ook daarvoor hoort de overheid oog te hebben. Niet alles moet hier worden overgelaten aan de commercie. De overheid heeft een eigen verantwoordelijkheid om getalenteerde sporters een kans te geven de top in hun sport te halen. Extra aandacht is nodig voor sporters met een beperking. Voor de extra kosten die de sporter met een beperking maakt voor vervoer moet een adequate vergoedingsregeling komen.

    De vergoeding van hulpmiddelen ten behoeve van sportbeoefening moet niet alleen sportrolstoelen, maar ook andere hulpmiddelen omvatten. Bij revalidatie is naast dagelijkse hulp en begeleiding naar werk ook begeleiding naar sport van belang. De toegankelijkheid van sportaccommodaties moet worden aangepast voor mensen met een beperking.

    Wanneer we grote topsportevenementen organiseren moet de harde spelregel zijn dat de evenementen door en voor het volk zijn. Topsportontwikkeling moet daarom hand in hand gaan met sporten voor iedereen. De SP ziet liever geen dure grote topsportevenementen als de maatschappelijke kosten hiervan enkel ten goede komen aan het grote bedrijfsleven, reclamebureaus en de topsport.

  • Goede thuiszorg in de buurt

    De SP kiest ervoor om zoveel mogelijk zorg in de buurt, op kleine schaal te organiseren. Door thuiszorg, verpleging, verzorging en dagbesteding in de wijk te organiseren kunnen mensen langer zelfstandig op een vertrouwde plek blijven wonen. Om deze taak goed te kunnen vervullen hebben gemeenten voldoende geld nodig, zodat mensen de zorg krijgen die zij nodig hebben. Het recht op zorg moet weer hersteld worden. Het is niet uit te leggen dat het per gemeente verschilt of en welke ondersteuning of zorg iemand krijgt. Daarom wordt het huidige gemeentelijk basispakket uitgebreid met thuiszorg, dagbesteding en mantelzorgondersteuning, zodat het niet uit maakt waar je woont voor je recht op de zorg die nodig is.

    Voor de zorgtaken moet gewerkt worden met een basistarief om te voorkomen dat er door de bodem van de kostprijs wordt gezakt. De afgelopen jaren hebben thuiszorgmedewerkers ten onrechte flink ingeleverd op hun salaris. Belangrijk is dat gemeenten verplicht worden om het geld dat zij krijgen voor zorg en ondersteuning uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), ook daadwerkelijk te besteden aan zorg. Met voldoende Rijksfinanciering en de plicht zorggeld aan zorg te besteden, kunnen de eigen betalingen vervallen.

    Familie, vrienden of buren kunnen in de ogen van de SP nooit gedwongen worden om professionele zorg te verlenen. Huidige mantelzorgers en vrijwilligers moeten juist meer ondersteuning krijgen in plaats van hogere werkdruk.

  • Behoud kleine ziekenhuizen dichtbij huis

    Er moet een nationaal netwerk van ziekenhuizen komen waarin ziekenhuizen samenwerken op specialistische zorg en waarmee kleine ziekenhuizen behouden blijven. Ziekenhuizen moeten gefinancierd worden op basis van een aantal hoofdparameters, die samen een goede inschatting geven van de geleverde zorg. De financiering per verrichting en/of behandeling (via DBC’s/Dot’s) schaffen we af. Er komt geen winstuitkering voor ziekenhuizen. Wachtlijsten voor ziekenhuiszorg zijn niet acceptabel.

    Ook moet er een einde komen aan de bureaucratie waar verpleegkundigen in het ziekenhuis maar natuurlijk ook zorgverleners in andere zorgdomeinen mee geconfronteerd worden. Dit vermindert immers het werkplezier, verhoogt de werkdruk en leidt tot meer minder tijd voor de zorgbehoevende.

    Zie ook: Rapport 'De verpleegkundige aan het woord' (2016)

  • Goed en democratisch bestuur in de zorg van cruciaal belang

    De zorg is niet van private partijen. De zorg is van ons allemaal. Daarom moet bestuur in de zorg democratisch zijn door een goede vertegenwoordiging van zorgverleners, patiënten en lokale vertegenwoordigers. Als het aan de SP ligt krijgen medezeggenschapsraden in de zorg, instemmingsrecht op alle zaken die raken aan goed bestuur, zoals de benoeming van bestuurders, nieuwbouw en vastgoed, personeelsbeleid, ICT en fusies, maar ook de jaarlijkse begroting. Macht delen is het devies. Daarnaast komt er voor cliëntenraden en ondernemingsraden vrije toegang tot de Ondernemingskamer om te toetsen of er sprake is van wanbeleid of wanbestuur door bestuurders of toezichthouders. Een zorgaanbieder die kwaliteit van zorg verzaakt komt onder curatele te staan van de Inspectie voor de Gezondheidszorg, net zoals nu al gebeurt bij de verpleeghuizen. Ook krijgt de minister de bevoegdheid om bestuurders en/of toezichthouders te ontslaan bij gegraai van zorggeld of het niet delen van de macht met de Ondernemingsraad en de Cliëntenraad. Ten slotte wordt na een faillissement altijd onderzoek gedaan naar mogelijke fraude of wanbeleid in de periode voor het faillissement. Hiermee wordt voorkomen dat bewijsmateriaal verdwijnt of mogelijke betrokkenen al gevlogen zijn

     

  • Samenwerking in plaats van marktwerking in de zorg

    De SP wil tweedeling in de zorg voorkomen en wil daarom af van het eigen risico. Het is een boete op ziek zijn en leidt tot zorgmijding wat zowel maatschappelijke als financiële schade met zich meebrengt. Gezamenlijk brengen we de kosten voor de zorg op via inkomensafhankelijke premies en de algemene belastingen. Marktwerking in de zorg maakt van zorg verlenen een verdienmodel en van de patiënt een product, marktwerking heeft daarom geen plaats in de zorg. De bureaucratie neemt toe omdat iedere (be)handeling omschreven en genoteerd moet worden. De SP wil af van deze bureaucratie.

    Een Nationaal ZorgFonds komt in de plaats van de concurrerende zorgverzekeraars. De zorg wordt in regionaal en democratisch verband vormgegeven en het Kwaliteitsinstituut, Nationaal ZorgFonds en de Inspectie zien toe op respectievelijk de toegang tot zorg en de kwaliteit van de zorg.

    Zorginstellingen gaan samenwerken om de zorg beter en effectiever te maken en worden gefinancierd op basis van beschikbaarheid van functies en demografische kenmerken. Artsen werken in loondienst en zorginstellingen hebben geen winstuitkering. De financiering per verrichting en/of behandeling (via DBC’s/Dot’s) schaffen we af, aangezien dit vooral een enorme bureaucratie met zich meebrengt. We gaan versnippering van de zorg tegen door in samenwerking optimaal gebruik te maken van kennis en middelen.

    Er moet een einde komen aan de indicatie- en controlegekte. Dat scheelt heel veel bureaucratie. De Nederlandse Zorgautoriteit en het Centrum Indicatiestelling Zorg kunnen worden afgeschaft. Of iemand zorg nodig heeft en hoeveel, moet vastgesteld worden door de mensen die er het meeste verstand van hebben en het dichtst bij de mensen staan. Zij kennen de situatie en kunnen bijvoorbeeld ook de belasting van mantelzorgers beoordelen. Een indicatie kan prima door de wijkverpleegkundigen, in samenwerking met de huisarts, gesteld worden. Mantelzorg mag niet afgedwongen worden in de indicatie.

    Europa gaat niet over ons zorgstelsel. Wel werken we samen bij epidemie-uitbraken, het verbieden van consumentenreclame voor medische producten, het bevorderen van onderzoek naar geneesmiddelen die de commercie niet interessant vindt en het aanpassen van patenten zodat geneesmiddelen toegankelijker zijn voor ontwikkelingslanden. Samen met andere landen geneesmiddelen inkopen versterkt de onderhandelingspositie ten opzichte van de farmaceutische industrie. Europese samenwerking is ook nodig om te voorkomen dat slecht functionerende artsen niet in andere landen aan de slag kunnen.

Werk en inkomen

  • Voor een goed pensioen en meer koopkracht

    We verlagen de AOW-leeftijd naar 65 jaar, zodat iedereen vanaf 65 jaar kan stoppen met werken. Eventuele overgangsproblemen worden gecompenseerd.

    Als ouderen het willen, moet het mogelijk zijn om aan het arbeidsproces te blijven deelnemen. Voor hen moeten dan wel dezelfde rechten en plichten gelden als voor alle werkende mensen, zodat er geen verdringing plaatsvindt. Het inkomen van ouderen dient de koopkrachtontwikkeling van de werkende mens te volgen, zodat ook ouderen kunnen profiteren van welvaartsontwikkelingen.

    De SP vindt dat in de besturen van pensioenfondsen ook vertegenwoordigers van gepensioneerden thuishoren. De besturen moeten dan bestaan uit 1/3 werknemers, 1/3 werkgevers en uit 1/3 vertegenwoordigers van gepensioneerden.

    Pensioenen zijn geen Europese bevoegdheid. We hebben in Nederland een stelsel opgebouwd, waarbij zowel werkgevers als werknemers betrokken zijn. Europese initiatieven die erop gericht zijn om meer marktwerking in te voeren en alleen de werknemers verantwoordelijk te maken voor hun pensioenopbouw, zijn onacceptabel.

  • Volledige werkgelegenheid en eerlijke lonen

    Om onze welvaart te behouden is het nodig dat iedereen die kan werken, dat ook doet en er de mogelijkheden voor krijgt. Volledige werkgelegenheid dient centraal te staan in het sociaal-economisch beleid. Daarom wil de SP dat bedrijven het maken van winst combineren met het behoud van werkgelegenheid, door bijvoorbeeld te investeren in onderzoek, ontwikkeling en de scholing van werknemers. De overheid moet maatregelen nemen om mensen aan de slag te krijgen, bijvoorbeeld door een industriepolitiek gericht op innovatie en door investeringen in de publieke sector. Alle vormen van discriminatie, zoals leeftijdsdiscriminatie, dienen door de arbeidsinspectie te worden opgespoord en bestreden.

    Daarnaast dienen bedrijven en instellingen te worden aangesproken op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid voor het scheppen van werk voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten, afgestudeerde VMBO’ers en kinderen van migranten. Zij maken met scholen afspraken over stageplekken voor leerlingen en studenten.

    De tweedeling op de arbeidsmarkt tussen mensen met een vast contract en mensen met een tijdelijk contract wordt steeds groter. De SP vindt dat structureel werk moet worden uitgevoerd met vaste contracten. Uitzendwerk is er voor piekperiodes, om ziekte op te vangen en in seizoenswerk. Daarom maken wij het voor werkgevers goedkoper om mensen in vaste dienst te nemen en maken wij het in dienst nemen van flexwerkers duurder. Uitzendkrachten hebben recht op dezelfde beloning als vergelijkbare vaste medewerkers die hetzelfde werk doen. Dit geldt niet alleen voor de salarisschalen, maar ook voor inkomsten die voortvloeien uit de CAO, zoals winstdeling en een dertiende maand.

    Een vergunningplicht voor uitzendondernemingen moet worden ingevoerd zodat misstanden worden voorkomen. Arbeidsbemiddeling zou uiteindelijk een taak van de overheid en werkgevers en werknemers zelf moeten zijn en niet worden overgelaten aan de markt.

  • Reguleer arbeidsmigratie en voorkom illegale arbeid

    Arbeidsmigratie uit de nieuwe lidstaten van de Europese Unie en daarbuiten moet beter worden geregeld. Werkgevers kunnen geen beroep doen op buitenlandse arbeidskrachten als er geen garanties zijn voor het uitbetalen van gelijk loon voor gelijk werk en voor fatsoenlijke huisvesting van arbeidsmigranten. Inzet van illegale arbeid is schadelijk voor binnen- én buitenlandse arbeidskrachten en moet worden voorkomen.

  • Een sociale bijstand zonder pesterijen

    De SP vindt de bijstandsnorm structureel te laag. Om de armoede te bestrijden wil de SP een structurele verhoging van het minimumloon en daaraan gekoppelde uitkeringen met tien procent. Wij pleitten ook voor de afschaffing van de kostendelersnorm dat een boete is op samenwonen en de mantelzorg en gezinnen in ernstige financiële problemen brengt. Gemeenten krijgen weer de mogelijkheid om categoriale bijstand te verstrekken. De sollicitatieplicht is geen automatisme meer voor groepen met weinig kansen op de arbeidsmarkt. Er wordt gekeken naar de individuele omstandigheden en de perspectieven op werk. Uitkeringen en voorschotten worden tijdig verstrekt, de menselijke maat staat centraal bij de uitvoering van de Participatiewet.

    De hulp aan werkzoekenden laat nogal eens te wensen over. We zien dat gemeenten en het UWV allerlei commerciële re-integratiebureaus inschakelen om mensen aan het werk te krijgen. Deze bedrijven bekommeren zich voor een deel meer om de winst dan om maatwerk en het vinden van werk voor hun klanten. Helaas gaat het vaak om gesol met mensen, waarbij begeleiding op maat ontbreekt. Mensen krijgen geen echte hulp en uiteindelijk geen werk. Daarom wil de SP dat gemeenten de hulp aan werklozen zelf organiseren. Voor specifieke groepen die speciale begeleiding nodig hebben, kunnen gemeenten wel diensten van gespecialiseerde bedrijven inschakelen. Er wordt ingezet op opleiding en scholing, zodat mensen ook een duurzame arbeidsplek vinden en niet meer terugvallen op een uitkering. Nutteloze treitertrajecten en verspilling worden gestopt. De verplichte tegenprestatie in de bijstand wordt afgeschaft en het geld dat nu besteedt wordt aan nutteloze re-integratietrajecten gaan wij investeren in echte banen.

    Werk moet altijd lonen en wij strijden tegen verdringing van betaald werk en werken zonder loon. Wij hebben hiervoor een wetsvoorstel ingediend in de Tweede Kamer.

    Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om werkcentrales op te richten om mensen die (nog) geen werk kunnen vinden scholing en praktijkervaring te bieden, tegen een eerlijk loon. De gemeentelijke werkcentrales kunnen mensen die niet direct op eigen kracht een reguliere baan kunnen krijgen, een publieke baan aanbieden tegen een eerlijk loon. Gemeenten krijgen via ‘social return’ meer mogelijkheden om bij aanbestedingen voorwaarden te stellen voor het reserveren van banen voor werkzoekenden zonder dat dit leidt tot verdringing.

  • Eerlijk delen en armoede bestrijden

    Om de armoede te bestrijden stelt de SP een structurele verhoging van het wettelijk minimumloon en daaraan gekoppelde uitkeringen voor van 10 procent voor de komende vier jaar. Het geld dat bestemd is voor gemeentelijke armoedebestrijding moet daar ook daadwerkelijk voor worden gebruikt. Door de zorgpremies inkomensafhankelijk te maken komt het geld daar terecht waar het het hardste nodig is. Gemeenten moeten meer mogelijkheden krijgen om armoede te bestrijden, schulden te saneren en te voorkomen dat kinderen opgroeien in armoede.

    De kinderbijslag vervalt voor gezinnen met de hoogste inkomens. Kinderbijslag wordt afgetopt bij een huishoudinkomen van 73.000.

    Het maximumsalaris in de publieke en semi-publieke sector, zoals in ziekenhuizen, universiteiten en woningcorporaties, wordt gelijk gesteld aan een ministerssalaris. Binnen bedrijven wordt de groeiende tweedeling in inkomens aangepakt door alle werknemers onder de CAO’s te brengen, zodat er een koppeling komt tussen de hoogste en laagste inkomens. CAO’s blijven algemeen verbindend. De ondernemingsraad krijgt een instemmingsrecht over de topsalarissen in het bedrijf.

    De SP wil dat de uitkeringen die politici krijgen worden gelijkgesteld met die van werknemers. Het wachtgeld voor politici komt meer in overeenstemming met de hoogte en de duur van de WW. Ook politici moeten een sollicitatieplicht hebben. De uitkering voor politici dient in overeenstemming te zijn met de WIA. De SP wil grenzen stellen aan de nevenfuncties en -inkomsten van politici. Politici moeten geen belangen hebben in organisaties waarover zij in het parlement het woord voeren.

    Wat de SP betreft zouden voedselbanken overbodig moeten worden.

  • Voor sociale werkplaatsen en steun voor jongehandicapten

    Door de Participatiewet is het vanaf 2015 niet meer mogelijk voor nieuwe mensen om in te stromen in de sociale werkvoorziening. Dit is onwenselijk, de sociale werkvoorziening zorgt dat er werk is voor arbeidsbeperkten en de Participatiewet niet. Regio’s zoals Noord-Oost Groningen en Zuid-Limburg, die door de Participatiewet worden geconfronteerd met grote tekorten moeten voldoende worden gecompenseerd.

    De massale herkeuring van mensen met een Wajong-uitkering is onwenselijk. Het leidt tot onzekerheid en rechtsongelijkheid omdat een deel van deze mensen eerder te horen heeft gekregen dat er nooit meer een herkeuring zou plaatsvinden. De SP is tegen de verslechteringen in de regeling voor jonggehandicapten. Deze mensen zijn jaren in de steek gelaten en onvoldoende begeleid naar werk. Velen willen dolgraag aan het werk, maar er zijn te weinig werkgevers die hen willen opnemen. De SP vindt dat werkgevers ruimte moeten maken voor jonggehandicapten, en dat zij hulp moeten krijgen bij het creëren van deze banen.

    Het UWV moet in de vacatures voorzien, de jonggehandicapte begeleiden, werkplekken passend maken en de papieren rompslomp voor werkgevers overnemen. Elk gewerkt uur moet voor de werknemer een netto-inkomensverbetering betekenen.

  • Bescherming tegen ontslag en werkloosheid

    Bij werkloosheid hebben mensen recht op een werkloosheidsuitkering. De SP is tegenstander van de verslechteringen in de duur en hoogte van de WW. Aan artiesten met flexibele contracten en tijdelijke producties moeten lagere eisen worden gesteld voor een WW-uitkering, zodat ook zij nog aanspraak daarop kunnen maken. 

    De SP houdt de ontslagbescherming intact. De sollicitatieplicht wordt afhankelijk van de individuele omstandigheden en de perspectieven op werk. Het automatisch opleggen van een sollicitatieplicht aan 60-plussers verdwijnt dus. 

    We willen geen Europese bemoeienis met ons arbeids- en ontslagrecht en sociale voorziening.

  • Billijke eisen voor arbeidsongeschikten

    De onbillijke keuringseisen waarmee WAO’ers de afgelopen jaren zijn herbeoordeeld, worden afgeschaft. Mensen die al herbeoordeeld zijn krijgen de mogelijkheid om een nieuwe beoordeling aan te vragen, tegen billijke keuringseisen, in plaats van de huidige te strenge en onrechtvaardige eisen.

    De keuringseisen voor de WIA worden versoepeld. De uitkering voor een gedeeltelijk arbeidsongeschikte wordt gekoppeld aan het laatstverdiende loon in plaats van aan het minimumloon. Ook de groep die voor 15% tot 35% arbeidsongeschikt is, heeft recht op een uitkering.

Wonen

  • Dakloosheid

    Gemeenten worden verantwoordelijk voor een sluitend vangnet van voorzieningen voor de opvang van dak- en thuislozen en begeleide woonplekken. Huisuitzettingen worden zoveel mogelijk voorkomen. Via prestatieafspraken met de woningcorporaties wordt geregeld dat (wanneer dat verantwoord is) mensen doorstromen naar een vorm van zelfstandig wonen, zo nodig met begeleiding.

  • Investeer in energiebesparing en duurzaamheid

    De overheid moet wettelijke financiële prikkels geven voor het bevorderen van maatschappelijke doelen op het gebied van wonen en wijken, zoals levendige en veilige wijken, energiebesparing en duurzaamheid. Ook zuinig ruimtegebruik, betere benutting en goed onderhoud van de bestaande voorraad en behoud van het cultureel erfgoed gelden als maatschappelijke doelen.

    We maken afspraken om alle woningen energiezuinig en duurzaam te maken. Woningcorporaties gebruiken hun extra investeringsruimte mede om bestaande woningen te verbeteren tot gemiddeld energielabel B in 2021. Dit is goed voor het milieu, maar ook voor de portemonnee van huurders. Woningbezitters die voor hun woning samen met andere woningbezitters een collectief energieplan willen maken, worden daarbij geholpen.

    Het ombouwen van leegstaande kantoren, winkels en scholen en de omvorming van verouderde bedrijventerreinen naar een nieuwe (woon)bestemming wordt gestimuleerd, in het bijzonder voor jongeren en starters. Dat is goed voor de leefbaarheid en duurzaamheid, zorgt voor een beter gebruik van de schaarse ruimte en levert een bijdrage aan de groeiende behoefte aan betaalbare woningen.

    Voor de bestaande gebouwenvoorraad komt er een gebouwgebonden dossier, dat geregistreerd wordt bij het kadaster. In dit dossier worden alle belangrijke gegevens over een gebouw voor de huidige en toekomstige gebruikers geregistreerd: aanwezigheid van asbest, energielabel, aankoopkeuringen, informatie over de toestand van de fundering. Iedere vier jaar krijgt een gebouw een APK-keuring, te beginnen met de gebouwinstallaties. De kwaliteit van het binnenklimaat en van gebouwinstallaties is in veel gebouwen ver onder de maat. Een systematische aanpak kan een grote bijdrage leveren aan de volksgezondheid en veel werk opleveren voor installateurs en aannemers.

  • Verrommeling van landschap tegengaan

    We leven met veel mensen op een klein stukje aarde. Die ruimte moeten we slim gebruiken, voor wonen en natuur, economie en recreatie. De grenzen tussen bebouwd en onbebouwd gebied moeten scherp blijven, om verrommeling van het landschap tegen te gaan. De grondmarkt moet grondig op de schop. De overheid moet zijn greep op onze grond terugkrijgen en speculatie de kop indrukken. De voorwaarden waaronder projectontwikkelaars grond kunnen verwerven worden daarom scherper. Bouw van kantoren en bedrijventerreinen wordt niet toegestaan wanneer daar geen duidelijke vraag naar is.

    In sommige gebieden krimpt de bevolking. Maatregelen zijn nodig om die gebieden leefbaar te houden. Nederland heeft een mooie traditie van volkshuisvesting, om iedereen een fatsoenlijk en betaalbaar thuis te bieden. In een plezierige buurt, met voldoende voorzieningen. Die verworvenheid is te grabbel gegooid.

  • Huren en huurverlaging

    In zes jaar tijd zijn sociale huurwoningen bijna dertig procent duurder geworden, waardoor meer dan een half miljoen mensen moeite heeft om de huur te betalen. Huurders krijgen daarom een huurverlaging. We streven naar meer gemengde wijken, daarom moeten ook middeninkomens (tot anderhalf keer modaal) in aanmerking komen voor een betaalbare huurwoning.

    Lees ook ons onderzoek ‘Huur te Duur’.

    De verhuurdersheffing wordt omgezet in een investeringsplicht. Dat verruimt de investeringsruimte van de woningcorporaties. Zo komt er geld beschikbaar dat we kunnen gebruiken om extra betaalbare huizen te bouwen, de huren van bestaande woningen te verlagen en de corporatiewoningen energiezuiniger en levensloopbestendig te maken.

    De huurverhogingen van sociale huurwoningen gaan we beperken tot de inflatie. Ook in de particuliere sector leggen we de huren aan banden en zorgen we dat deze huurders meer bescherming krijgen. Tijdelijke huurcontracten hollen de rechten van huurders uit en worden beperkt.

    De maximale huurprijs moet gebaseerd worden op een verbeterde puntentelling, niet op de marktwaarde van de woning. 

    Bij woningtoewijzing hanteren we voor mensen in een schrijnende of kwetsbare situatie de voorrangregeling. Lokaal maatwerk om een specifieke groep tegemoet te komen moet mogelijk blijven. Daarnaast maken we een eenduidig systeem voor het hele land, waardoor mensen die moeten verhuizen hun inschrijfduur voor een woning kunnen meenemen.

    Alle uitspraken van Huurcommissies moeten openbaar worden en gepubliceerd op internet. De Huurcommissies moeten zich actief gaan bemoeien met het waarborgen van een energiezuinig beheer van woningen.

    Het bij herhaling vragen van bovenwettelijke huren moet vervolgd kunnen worden op basis van het Wetboek van Strafrecht. Ook vormen van intimidatie om huurders uit het huis te krijgen moeten eenvoudiger strafrechtelijk aangepakt kunnen worden. Huisjesmelkers moeten streng worden aangepakt.

  • De hypotheekrenteaftrek wordt afgebouwd

    De SP wil de renteaftrek voor alle huishoudens garanderen tot de rente over de eerste  350.000 euro hypotheekschuld, tegen een maximale belastingaftrek van 42 procent. Daarnaast moet het aflossen van de hypotheekschuld fiscaal het voordeligst worden. Concreet betekent dit dat er voor een huishouden met een inkomen van 50.000 euro en een hypotheek van 300.000 euro niets verandert. Een huishouden met een inkomen van 100.000 euro en een hypotheek van 500.000 euro zal ook de rente over de eerste 350.000 euro hypotheekschuld tegen 42 procent mogen aftrekken. De veranderingen in de hypotheekrenteaftrek moeten binnen 10 jaar bereikt worden zodat de woningmarkt de fiscale veranderingen rustig kan verwerken.

    De rechtsbescherming van eigenaar-bewoners op erfpachtgrond wordt verbeterd, door de invoering van een wettelijk verplicht modelcontract voor nieuwe overeenkomsten. Bestaande erfpachtovereenkomsten worden geconverteerd op het moment dat een woning verkocht wordt.

    De laatste jaren zijn de gemeentelijke lasten, zoals de rioolrechten, reinigingsrechten en afvalstoffenheffing, relatief veel gestegen. De rijksoverheid moet de gemeenten verplichten om beter verantwoording af te leggen over deze gemeentelijke lasten, bijvoorbeeld door de verplichte deelname aan een jaarlijkse benchmark.

  • Meer evenwicht tussen de Randstad en de regio

    Waar de Randstad te maken heeft met bevolkingsgroei, hebben veel andere regio’s te maken met bevolkingskrimp, in combinatie met vergrijzing van de bevolking. Dit vraagt om een specifiek beleid en andere keuzes ten aanzien van woningbouw, scholen en zorginstellingen, bedrijfsterreinen (waaronder winkels en kantoren) en openbaar vervoer. De gemeenten en provincies krijgen meer ruimte voor regionale keuzes, die waar nodig door het Rijk met wetgeving en financiën zullen moeten worden ondersteund. We stellen daarom onder meer een leefbaarheidsfonds voor.

    Per regio kan worden bekeken welke economische impulsen het beste passen, bijvoorbeeld recreatie en toerisme, zorg, maakindustrie of logistiek. Voor toerisme geldt dat Nederland veel mooie plekken heeft buiten de Randstad. We kunnen fiets-, wandel- en verblijftoerisme buiten de Randstad aantrekkelijker maken, waarbij de inkomsten ten goede komen aan de regio. We willen meer regionaal maatwerk mogelijk maken. Bij aanbestedingen moet regionaal werk ook regionaal kunnen worden gegund, om werkgelegenheid te behouden. In krimpgebieden moeten overheidsorganisaties niet worden gesloten. Het vestigen van publieke diensten in regio’s met veel werkloosheid gaan we juist bevorderen.

  • Ouderen- en zorgwoningen

    Steeds meer ouderen en mensen met een beperking hebben moeite om een geschikte en betaalbare huurwoning te vinden. Wij willen dat deze groepen meer keuzevrijheid krijgen om te (blijven) wonen waar ze graag wonen, door woningen en de woonomgeving levensloopbestendig te maken. Ook moet maatwerk bij het bepalen van de huurprijs voor aangepaste huurwoningen mogelijk zijn.

    Overheidsgebouwen moeten altijd toegankelijk zijn voor mensen met een beperking. Er moeten weer bruikbaarheidseisen en regels komen voor de toegankelijkheid van woningen. Zo wordt voorkomen dat huizen ongeschikt zijn voor aanpassingen voor bijvoorbeeld een rolstoel.

  • Stop de woningnood, we gaan bouwen

    Om de woningnood tegen te gaan moet de voorraad sociale huurwoningen vergroot worden. De wachtlijsten worden dan korter en ook middeninkomens kunnen aanspraak maken op een betaalbare huurwoning waardoor wijken gemengder worden. 

    In alle gemeenten met een tekort aan sociale huurwoningen wordt de sloop en verkoop van corporatiewoningen aan banden gelegd. Verkoop van corporatiewoning mag alleen nog aan andere corporaties of aan de zittende huurder, mits er een terugkoopgarantie is van de corporatie. 

    Leegstand is zonde in ons druk bevolkte land. We stimuleren daarom het hergebruik van panden of het wonen boven winkels. Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om leegstand van kantoren, winkels en bedrijfspanden aan te pakken, zodat hiermee extra woonruimte kan worden gecreëerd. Panden die lang leeg staan moeten alsnog bewoond kunnen worden. Huisjesmelkers worden harder aangepakt.

  • Geen bezuiniging op huurtoeslag

    De SP is voorstander van een radicaal ander overheidsbeleid voor de bouw- en woningmarkt. Iedereen heeft recht op een fatsoenlijk dak boven zijn hoofd, ongeacht het inkomen. Zo nodig springt de overheid financieel bij voor huishoudens die daar niet op eigen kracht in kunnen voorzien We onderzoeken of op termijn een woontoeslag kan worden ingevoerd, waarbij het niet uitmaakt of iemand een koopwoning of huurwoning heeft.

    Zolang de huurtoeslag in het huidige systeem bestaat, mag hier niet op bezuinigd worden. De SP steunt de invoering van een huurtoeslag voor kamerbewoners. Bewoners van onzelfstandige wooneenheden in studentencomplexen moeten ook in aanmerking kunnen komen voor huurtoeslag.

    Ook vinden wij dat aanvragers van huurtoeslag die gedupeerd worden door fouten of een lange behandeltermijn door de Belastingdienst gecompenseerd moeten worden.

  • Investeren in de leefbaarheid van wijken

    We starten met een duurzaam wijkenbeleid, waarbij gemeenten meer ruimte krijgen om veilige en leefbare wijken in te richten en deze ook goed te onderhouden. Woningcorporaties mogen meer investeren in de leefbaarheid van de buurt, onder meer door overlast tegen te gaan (bijvoorbeeld door het aanstellen van huismeesters).

    We streven naar meer gemengde wijken, daarom moeten ook middeninkomens (tot anderhalf keer modaal) in aanmerking komen voor een betaalbare huurwoning.

    De uitbreiding van de Rotterdamwet, het weren van mensen met een crimineel of overlast gevend verleden uit bepaalde wijken, lost problemen niet op, maar smeert ze uit over het land. En buurtbewoners hebben er niets aan. Uit onderzoek blijkt dat de leefbaarheid niet is toegenomen in de wijken waar de Rotterdamwet geldt.

    De SP wil dat er na jaren eindelijk weer een wijkenbeleid gaat komen. Wijkmeesters, huismeesters en buurtagenten kunnen problemen niet alleen vroegtijdig signaleren, zij kunnen er ook iets aan doen voordat het uit de hand loopt.

    De SP doet vier voorstellen:

    1. Zorg voor een leefbare buurt, met voldoende ogen en oren in de wijk. Geef buurtbewoners medezeggenschap over hun eigen wijk en omgeving. Zorg voor voldoende buurtmeesters bij corporaties en bij de politie voor voldoende wijkagenten.
    2. Bouw de verhuurderheffing om in een investeringsplicht zodat er voldoende betaalbare woningen kunnen worden gebouwd en er in een buurt geïnvesteerd kan worden. Dat kan met een landelijk buurtverbeteringsfonds, waarbij rekening wordt gehouden met lokale verschillen en zeggenschap van bewoners.
    3. Voorkom en bestrijd tweedeling. Investeer in gemengde wijken. Bouw gemengd zodat wijken en scholen gemengd worden.
    4. Straf criminelen via de rechter, niet via een gemeente of woningbouwcorporatie. Jaag ze na het uitzitten van hun straf niet op, maar zorg voor een goede begeleiding bij het vinden van een plek vinden in de samenleving.
  • Meer zeggenschap voor huurders

    De meeste woningcorporaties zijn omgezet in stichtingen, waar de huurders en woningzoekenden niets meer te zeggen hebben. Bij woningcorporaties moet de menselijke maat gelden en ze moeten kleinschalig werken. De SP is voorstander van de herinvoering van de verenigingsstructuur bij de woningcorporaties, waarbij de ledenvergadering het hoogste controlerend orgaan is.

    De afgelopen periode hebben huurders al meer zeggenschap gekregen dankzij voorstellen van de SP.

    Maar huurders moeten meer te zeggen krijgen over het huurbeleid, de investeringen en andere belangrijke beslissingen, zoals de verkoop van woningen van de woningcorporatie. Er komt onafhankelijke arbitrage als huurders, corporaties en gemeenten het niet eens worden.

    De SP is er voorstander van dat het inkomen van directeuren van corporaties weer via de corporatie-CAO wordt geregeld. Salarissen en bijkomende vergoedingen dienen te passen bij de sociale taak van een woningcorporatie, dus zeker niet hoger te zijn dan het inkomen van de minister-president.

Onderwijs en cultuur

  • Basisonderwijs en voortgezet onderwijs: Meer vertrouwen in docenten

    Een school is geen toetsfabriek. De SP wil meer vertrouwen geven aan leraren en stoppen met de oprukkende afrekencultuur. Verplichte toetsen, eisen van de Inspectie en bureaucratie worden tot een minimum beperkt. Leraren weten vaak heel goed zelf welk niveau een leerling aankan. De verplichte eindtoets in het basisonderwijs moet verdwijnen. Basisscholen beslissen zelf of en welke eindtoets zij afnemen.

    Om leerkrachten meer ruimte te geven zetten we in op extra ondersteuning, bijvoorbeeld via conciërges en onderwijsassistenten. Zeker met het zogenaamde passend onderwijs, waarbij meer kinderen uit het speciaal onderwijs naar reguliere scholen gaan, hebben leerkrachten extra ondersteuning nodig.

    In de grote steden zijn steeds meer ‘witte’ en ‘zwarte’ scholen te vinden. De SP is voorstander van gemengde scholen. Daartoe dienen basisscholen afspraken te maken met gemeenten over gemengde toelating van leerlingen, bijvoorbeeld door met twee inschrijflijsten te werken: één inschrijflijst voor leerlingen zonder en één inschrijflijst voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, bijvoorbeeld bij taal. Nieuwe scholen moeten een afspiegeling van de omgeving vormen. Orthodoxe scholen moeten ook Nederlandse normen en waarden onderwijzen. Ook mogen deze scholen niet langer leerlingen weigeren als zij de grondslag van de school wel respecteren, maar niet onderschrijven.

  • Minimaal één bibliotheek per gemeente

    Er moet een goed landelijk netwerk van publieke bibliotheken zijn. Voor elke Nederlander moet een goede bibliotheekvoorziening in de buurt beschikbaar zijn. Want een bibliotheek is van enorme waarde voor de samenleving, niet alleen om boeken uit te lenen en mensen te informeren maar ook als ontmoetingsplek, een plek voor huiswerk, leesbevordering, toegang tot computers, taalcursussen, en allerlei culturele activiteiten. Wij vinden dat bibliotheekwerk het beste in handen is bij daarvoor opgeleide professionals. De SP pleit voor minimaal één bibliotheek per gemeente, en verder voldoende bibliotheekvoorzieningen in de wijken en dorpen.

  • Geen bezuinigingen op cultuur en gratis toegang tot rijksmusea

    De SP pleit voor een breed en toegankelijk cultuuraanbod. We stoppen met bezuinigen op cultuur. Marktwerking en sponsoring zijn nooit een waarborg voor een kwalitatief en afwisselend aanbod aan cultuuruitingen. Om vermarkting en verschraling tegen te gaan moet de overheid toezien op een breed aanbod.

    De vaste collectie van rijksmusea moet gratis toegankelijk zijn voor Nederlanders, om te beginnen één dag per week. De rijkscollectie is eigendom van alle Nederlanders en er hoort geen kassa te staan tussen ons en deze prachtige collectie. Rembrandt en Van Gogh zijn van ons allemaal. Daarnaast moeten musea zich blijven inspannen om een breed publiek te bereiken.

    De Nederlandse popmuziek kan een extra impuls goed gebruiken. Er gebeurt te weinig om poptalent te stimuleren. Succesvolle popmuzikanten hebben ook een economische betekenis, zeker wanneer zij internationaal doorbreken. Een speciaal fonds voor talentvolle bands geeft meer kansen aan de subtop. Lokale regelgeving kan waar mogelijk worden aangepast om livemuziek te stimuleren.

  • Voor toegankelijk hoger onderwijs

    Goed en toegankelijk hoger onderwijs zijn van groot belang voor de samenleving. Toch wordt studeren steeds moeilijker gemaakt. De groei van het aantal studenten wordt niet gevolgd door extra financiering. De studiefinanciering voor hbo en universiteit is omgezet in een schuldenstelsel, door de politieke voorstanders verhullend ‘sociaal leenstelsel’ genoemd. Een goede studiebeurs is van groot belang voor toegankelijk hoger onderwijs. Het schuldenstelsel werpt een hoge drempel op. Veel jongeren zien af van een studie, omdat zij de hoge schulden vrezen, die als een molensteen om hun nek hangt. De SP wijst een schuldenstelsel daarom af. De SP wil dat er een volwaardige studiebeurs komt. Hiermee wordt studeren voor jongeren uit minder draagkrachtige gezinnen beter bereikbaar.

    Het collegegeld voor een tweede studie is totaal uit de hand gelopen. Voor sommige studies moet meer dan 10.000 euro worden betaald. Hiermee wordt ambitie bestraft in plaats van beloond. De SP wil voor een tweede studie niet meer dan het wettelijke collegegeld rekenen.

    In het mbo, hbo en op de universiteit zien we steeds meer selectie aan de poort. Selectieprocedures vormen vooral een barrière voor leerlingen uit gezinnen met een laag inkomen. Selectie mag geen groepen benadelen of kansengelijkheid ondermijnen. Dat is een belangrijke maatschappelijke taak. De SP wil daarom selectie aan de poort tot een minimum beperken.

    De kwaliteit en de onafhankelijkheid van de wetenschap staan onder druk. Onafhankelijk onderzoek is van groot belang voor de samenleving. In toenemende mate is onderzoek financieel afhankelijk van opdrachtgevers. Het gevaar van beïnvloeding is het sterkst wanneer het onderzoek slechts door één partij wordt gefinancierd. Beroepseer, academische ethiek en wetenschappelijke onafhankelijkheid komen steeds verder onder druk te staan. De onafhankelijkheid van onderzoek kan pas echt worden gegarandeerd wanneer de druk op publicaties en rendementseisen op wetenschappelijk onderzoek verleden tijd zijn. Er zal meer budget beschikbaar moeten komen voor ongebonden en onafhankelijk onderzoek (‘eerste geldstroom’). De SP pleit voor openbaarheid van financiering van onderzoek, nevenfuncties van wetenschappers en recht op publicatievrijheid. Onderzoeksresultaten moeten openbaar toegankelijk en beschikbaar zijn zodat wetenschappelijke kennis ten goede komt aan het algemeen belang.

    In 2016 verscheen ‘Wetenschapper aan het Woord’, een SP- onderzoek onder bijna 1.000 wetenschappers. De resultaten en aanbevelingen zijn in dat rapport te vinden.

  • Maak van de kinderopvang een publieke voorziening

    De kinderopvang moet weer een publieke voorziening worden. Sinds de invoering van de marktwerking grepen buitenlandse investeerders en durfkapitalisten hun kans. Zij kochten de kinderopvangbedrijven met maar één doel: winst maken. Dit is ten koste gegaan van de kwaliteit. De SP wil dergelijke investeerders weren uit de kinderopvang.

    Kinderopvang moet betaalbaar zijn en van goede kwaliteit. Daarom wil de SP een recht op gratis kinderopvang van vier dagdelen voor kinderen van twee tot vier jaar. Zo krijgt elk kind de mogelijkheid om in de opvang spelenderwijs te leren en zichzelf in een groep te ontwikkelen. 

    Het toezicht op de opvang wordt verbeterd en ouders krijgen meer rechten en meer inspraak in de kwaliteit en de kosten van de kinderopvang. Kinderopvangorganisaties worden regelmatig geïnspecteerd en de adviezen van de GGD-inspecteurs moeten door de gemeenten nageleefd worden. Dit gebeurt nu nog te vaak niet.

    Peuterspeelzalen blijven laagdrempelige voorzieningen voor alle kinderen. Personeel op de groep is geschoold om (spraak-)problemen te herkennen en adequaat te reageren. Door het vroeg signaleren van problemen kunnen kinderen al in een vroeg stadium geholpen worden waardoor de stap naar de basisschool met minder hobbels gepaard zal gaan.

    De SP is warm voorstander van inkomensafhankelijke kinderbijslag. Ook ouders die hun werk kwijtraken hebben nog zes maanden recht op kinderopvangtoeslag zodat ze niet tegen wachtlijsten aanlopen op het moment dat ze snel weer een baan vinden of geconfronteerd worden met forse bedragen die ze moeten terugbetalen aan de Belastingdienst.

     

  • Kleine klassen

    In het basisonderwijs bestaat één op de 11 klassen uit 30 leerlingen of meer. Te grote klassen zijn een van de grootste ergernissen van leerkrachten en ouders. Het doet afbreuk aan de kwaliteit van het onderwijs. Kleine klassen zorgen voor meer aandacht en ondersteuning voor de leerlingen en verlagen de werkdruk van leraren. Nu de invoering van het zogenaamde passend onderwijs tot grote problemen leidt, zijn kleinere klassen extra noodzaak.

    De SP heeft samen met D66 een initiatiefwetsvoorstel gemaakt, die per direct een einde maakt aan megaklassen van dertig of meer leerlingen in het basisonderwijs. Het voorstel regelt op termijn een gemiddelde klassengrootte van 23 leerlingen per school of locatie.

    Zie ook: SP-voorstel voor kleine klassen (2015)

  • Bestrijd laaggeletterdheid, investeer in bibliotheken

    De 1,5 miljoen laaggeletterden in Nederland - of mensen die geletterd zijn in een andere taal dan het Nederlands- moeten meer en betere mogelijkheden krijgen om te leren lezen en schrijven. De regering dient erop toe te zien dat gemeenten een goed en laagdrempelig aanbod van educatie/volwassenenonderwijs aanbieden. Ook bedrijven moeten hun verantwoordelijkheid nemen en waar nodig hun personeel bijscholen.

    Het volwassenenonderwijs voor taal en rekenen is een belangrijke publieke voorziening. Dit mag niet aan de markt worden overgelaten. De bereikbaarheid van bibliotheken speelt een grote rol bij de aanpak van laaggeletterdheid. Helaas is er de afgelopen jaren in veel gemeenten fors bezuinigd op bibliotheken. De SP vindt dat er een wettelijk minimum moet komen voor tenminste één bibliotheek per gemeente. Zo wordt ervoor gezorgd dat er geen gemeenten zonder bibliotheken zijn.

  • De Nederlandse Publieke Omroep verdient bescherming én verdere ontwikkeling

    De Nederlandse Publieke Omroep verdient bescherming én verdere ontwikkeling. De SP hecht waarde aan een pluriform aanbod waarbij kijkcijfers van ondergeschikt belang zijn. Omroepen moeten in staat worden gesteld programma’s van hoge kwaliteit te maken. Het is onwenselijk dat programma’s van de publieke omroep op internet alleen tegen betaling verkrijgbaar zijn.

    Televisiekijkers hebben recht op inspraak over het zenderaanbod op televisie en radio. De regering dient te zorgen voor volwaardige consumenteninvloed op digitale zenderpakketten. Zonder inspraak zijn de kabelbedrijven heer en meester over de inhoud van zenderpakketten. Er moet een tegenmacht zijn waar kijkers terecht kunnen.

  • Voor kleinschalige MBO-opleidingen

    Het MBO leidt circa 500.000 jongeren op tot vakmensen. De afgelopen jaren heeft het MBO veel last gehad van omstreden onderwijsvernieuwingen en schaalvergroting. Veel mbo-instellingen zijn verworden tot leerfabrieken. De schaalvergroting heeft verkeerd uitgepakt. Er is veel bureaucratie en weinig persoonlijk contact tussen docenten en studenten. Dankzij de SP is er een fusietoets gekomen waarmee nieuwe scholenfusies streng worden getoetst. Om schaalverkleining te stimuleren willen we dat scholen de kans krijgen uit een groot schoolbestuur te stappen. De SP wil de bouw van kleine scholen stimuleren, bijvoorbeeld door middel van een financiële prikkel. Bestuurders die zich schuldig maken aan wanbeleid worden persoonlijk aansprakelijk gesteld. Zij mogen geen nieuwe onderwijsfuncties bekleden. In het onderwijs verdient niemand meer dan een minister.

    In het MBO is sinds 2014 een nieuwe manier van financieren ingevoerd, waarbij de bekostiging voor een student in het eerste jaar hoog is en daarna geleidelijk afneemt. Het verkleint de ‘stapelkansen’ van een MBO-er: als een student een opleiding heeft gevolgd en door wil stromen naar een hoger niveau binnen het mbo, zorgt dit voor minder inkomsten voor de school. De financiering werkt stapelen tegen. Dat belemmert de emancipatie van leerlingen. Deze manier van financieren in het mbo moet wat de SP betreft worden aangepakt. De school moet voldoende financiering krijgen voor elke student. De meest passende opleiding hoort op onderwijsinhoudelijke gronden gekozen te worden, niet op basis van financiële argumenten.

    De SP wil kleinschalige opleidingen waar veel ruimte is voor contact tussen student en docent. Waar mogelijk worden VMBO en MBO niveau 1 en 2 opleidingen worden samengevoegd tot kleine vakscholen. Beroepsopleidingen dienen praktijkgericht te zijn, met veel ruimte voor maatwerk. Met kleine klassen en intensieve begeleiding worden deze jongeren goed opgeleid en wordt schooluitval bestreden. In overleg met het bedrijfsleven moet gezorgd worden voor voldoende stageplekken. De begeleiding bij stages moet op orde zijn. De SP vindt het onverstandig dat vierjarige MBO-opleidingen worden ingekort naar drie jaar. Dit moet per opleiding bekeken worden.

    De belangrijkste recente onderwijsvernieuwing in het MBO is het competentiegericht onderwijs. Bij deze onderwijsvorm is vakkennis te vaak onderschat. Studenten werden te vaak aan hun lot overgelaten. Door protesten van leerlingen en leraren wordt nu geleidelijk erkend dat vakdocenten en vakkennis een grotere rol moeten spelen in het beroepsonderwijs. Grote onderwijshervormingen worden nooit meer over de hoofden van scholieren, studenten en docenten doorgevoerd.

    De ouderbijdrage wordt begrensd en is altijd vrijwillig, alle kinderen moeten kunnen meedoen aan activiteiten. Scholen die hiermee sjoemelen worden beboet. Scholen - bijvoorbeeld in het mbo - mogen studenten niet extra laten betalen voor zaken die noodzakelijk zijn voor de opleiding. 

  • Gelijke kansen: onderwijs als emancipatiemotor

    De SP wil beter onderwijs dat kinderen alle kansen biedt, ongeacht je afkomst of de dikte van de portemonnee van je ouders. In de SP- nota ‘Onderwijs als emancipatiemotor’ (PDF) staan verschillende voorstellen om dat mogelijk te maken. Enkele belangrijke voorstellen zijn:

    1. We willen een volwaardige studiebeurs. Het leenstelsel is een schuldenstelsel. Jongeren starten zo hun carrière met een schuld van tienduizenden euro’s.
    2. Kleine klassen. We stoppen met klassen van 30 leerlingen of meer. We werken toe naar een klassengrootte van gemiddeld 23 leerlingen per klas.
    3. We maken het stapelen van diploma’s mogelijk. Scholen die leerlingen kansen bieden en diploma’s laten stapelen worden beloond.
    4. We willen de beste leraren op de beste scholen. Meer leraren zijn hoog opgeleid. Wie voor de klas staat, is bevoegd.
    5. We breken de macht van de schoolbesturen. Het geld moet naar de klas, niet naar de kas. Daartoe worden besturen gedwongen. Salarissen van onderwijspersoneel worden weer landelijk uitbetaald.
    6. Stop de afrekencultuur. We maken een eind aan perverse prikkels via prestatiecontracten en rendementsmaatregelen. De leraar krijgt ruimte en vertrouwen. We stoppen met de verplichte eindtoets in het basisonderwijs en de verplichte rekentoets in het voortgezet onderwijs.
  • Geld voor leraren en niet voor prestigeprojecten

    In het onderwijs wordt gewerkt met de zogenaamde lumpsumfinanciering. Dat betekent dat schoolbesturen één budget krijgen dat vrij besteedbaar is. Daarmee ontstaat het gevaar dat geld voor personeel wordt gebruikt voor andere zaken, zoals dure gebouwen, bureaucratie en management. Het gevolg is grotere klassen en meer onbevoegde leraren.

    De SP wil dat lonen voor onderwijspersoneel apart worden uitgekeerd, via een landelijke CAO. Zo wordt voorkomen dat geld voor leraren wordt gebruikt voor andere zaken. De Onderwijsinspectie ziet toe op een zinvolle besteding van het onderwijsgeld, kostbare prestigeprojecten worden een halt toegeroepen. Bestuurders verdienen een salaris dat in redelijke verhouding staat tot dat van leraren.

  • Het niveau van de lerarenopleidingen gaat omhoog

    Op de Pabo’s moet het niveau van taal- en rekenen van studenten worden verhoogd. Dit kan via een ‘intaketoets’, een bijspijkerprogramma en een eindtoets na het eerste jaar. De tweedegraads lerarenopleidingen moeten meer aandacht besteden aan de vakinhoud.

  • Het zogenaamde ‘passend onderwijs’: Speciaal onderwijs moet toegankelijk blijven

    De SP wil dat het speciaal onderwijs toegankelijk blijft voor kinderen die dat nodig hebben.

    Het zogenaamde 'passend onderwijs' gaat over het onderwijs aan leerlingen met een stoornis of beperking. Achterliggende gedachte is dat meer leerlingen met een beperking op 'normale' scholen worden opgenomen in plaats van in het speciaal onderwijs. Voor sommige leerlingen is dat mogelijk, maar de SP stelt ook dat er genoeg plaats moet blijven in het speciaal onderwijs.

    Binnen de huidige omstandigheden - met grote klassen en een hoge werkdruk - is het onverantwoord om alle leerlingen met een beperking op gewone scholen te plaatsen. Passend onderwijs komt dan neer op knellend onderwijs. Bovendien kan van een leraar niet worden verwacht dat die maatwerk kan bieden voor alle leerlingen uit het speciaal onderwijs. Dat waren ook de resultaten en conclusies van een SP-onderzoek naar Passend Onderwijs.

    In het speciaal onderwijs kan soms meer recht worden gedaan aan de hulpvraag van deze leerlingen. De kwaliteit van dit speciaal onderwijs zal hoog moeten zijn. De SP heeft onderzoek gedaan naar de gang van zaken in het speciaal onderwijs. De belangrijkste conclusie van dit rapport is dat er een cocktail van problemen in de klas in het speciaal onderwijs ontstaat, doordat de problematiek van leerlingen steeds zwaarder wordt, klassen groter worden en klassenassistenten zijn wegbezuinigd.

  • Geen schuldenstelsel, wel studiefinanciering

    Een goede studiebeurs is van groot belang voor toegankelijk onderwijs. Invoering van een schuldenstelsel (door voorstanders eufemistisch leenstelsel genoemd) werpt een hoge drempel op. Veel jongeren zien af van een studie als de basisbeurs wordt omgezet in een lening. De SP wijst het schuldenstelsel daarom af. De SP wil de invoering van een volwaardige studiebeurs en dat de aanvullende beurs wordt verhoogd. Hiermee wordt studeren voor jongeren uit minder draagkrachtige gezinnen beter bereikbaar.

  • Voortgezet Onderwijs: geen onbevoegde docenten voor de klas

    Het onderwijs wordt beter als meer leraren hoog opgeleid zijn. Onbevoegd lesgeven moet worden bestreden. Leraar zijn is een vak. Dat vak verdient bescherming én beloning. Voordat je het vak kunt uitoefenen moet je een bevoegdheid halen. Er bestaan op dit moment te veel uitzonderingen op die eenvoudige regel, met als resultaat dat er veel onbevoegd wordt lesgegeven. Onbevoegd lesgeven gebeurt vooral bij vakken waar tekorten zijn. De beleidsvrijheid van schoolbesturen is te groot. Het beroep van leraar wordt op deze manier alsmaar uitgehold. Onbevoegd lesgeven moet zoveel mogelijk worden tegengegaan. Volgens de SP geldt als uitgangspunt: wie voor de klas staat, is bevoegd. De uitzonderingen op die regel worden stapsgewijs beperkt. Onbevoegde leraren moeten van hun werkgever de mogelijkheid krijgen om binnen twee jaar hun bevoegdheid te halen. We streven naar 100 procent bevoegde lessen. Tegelijk willen we het aantrekkelijk maken dat leraren tijdens hun loopbaan doorleren en vervolgopleidingen doen.

    Grote onderwijshervormingen worden nooit meer top-down, over de hoofden van scholieren en docenten doorgevoerd.

    Jarenlang is er binnen en buiten de Tweede Kamer actie gevoerd tegen De Wet Onderwijstijd, met daarin de 1040-urennorm. Deze urennorm, ook wel ‘ophokplicht’ genoemd, verplichtte scholen om ieder jaar 1040 lesuren te geven, zonder dat de scholen daar extra budget voor kregen. Deze wet is nu ingetrokken en wat de SP betreft blijft dat zo. Jongeren verdienen goed onderwijs met voldoende financiering en zinvolle lesuren. Dat wordt niet bereikt door de 1040-urennorm.

    De maatschappelijke stage is een belangrijk middel om jongeren kennis te laten maken met de maatschappij. Gedurende de stage wordt belangstelling gewekt voor het werken zonder winstoogmerk, in dienst van de samenleving. Bijvoorbeeld in de zorg, het onderwijs, of de welzijnssector. We hebben dan ook tegen de afschaffing ervan gestemd.
     

  • Werkdruk docenten

    Nederlandse leraren geven meer uren les en zien meer leerlingen dan collega’s in andere landen. Dat komt de kwaliteit van het onderwijs niet ten goede. Door de invoering van het zogenaamde passend onderwijs is de bureaucratie fors toegenomen. Scholen zijn opgenomen in samenwerkingsverbanden die het werk niet overzichtelijker hebben gemaakt. Geld komt lang niet altijd in de klas terecht.

    Goed onderwijs kan alleen gedijen in een klimaat waar leraren tijd en ruimte hebben om lessen inhoudelijk goed voor te bereiden en leerlingen te ondersteunen. De SP wil daarom kleine klassen en heeft voor het basisonderwijs een ‘wetsvoorstel kleine klassen ingediend’. Het aantal lesuren voor leraren in het voortgezet onderwijs willen we verlagen van 25 naar 20 uur per week. Daardoor ontstaat meer tijd voor lesvoorbereiding en andere zaken. Het verlagen van de lesuren betekent dat er veel nieuwe leraren bij moeten komen. Dit doel zal stapsgewijs bereikt moeten worden, door meerjarig extra te investeren in onderwijs.

Economie

  • Ondersteun de kleine ondernemer

    Nederland telt meer dan anderhalf miljoen – vooral kleine – bedrijven. Het midden- en kleinbedrijf heeft met recht de naam de motor van de economie te zijn en is de plek waar de meeste banen worden gemaakt. Kleine ondernemers zijn van grote waarde voor de economie, maar het starten van een onderneming is vaak onnodig moeilijk.

    Er is te veel bureaucratie en nauwelijks sociale zekerheid.Ruim 1 op de 7 zelfstandigen leeft onder de armoedegrens en twee derde van de ZZP’ers bouwt geen pensioen op of verzekert zich niet tegen arbeidsongeschiktheid. Kleine ondernemers en zelfstandigen krijgen te weinig aandacht van de politiek. Achtereenvolgende regeringen hebben vooral oog gehad voor middelgrote en grote ondernemingen.

    De SP wil dat er structurele maatregelen worden genomen om kleine ondernemers te ondersteunen.Allereerst moet er een Nationale Investeringsbank komen, die ondernemers kan ondersteunen met kredieten. Daarnaast moet de kleinschaligheidaftrek fors worden verhoogd en het belastingtarief over de eerste 200.000 euro winst moet omlaag. De lasten van het doorbetalen van ziek personeel worden eerlijker verdeeld, zonder dat dit ten koste gaat van zieke werknemers. Ook moet er een verbod komen op verkoop onder de inkoopprijs.

    Zie ook het SP-rapport ‘100% hart voor de Zaak

  • Verbeter de bescherming van consumenten

    De SP hecht veel waarde aan een goede bescherming van consumenten. Daarom moet de Consumenten Autoriteit meer geld én meer menskracht krijgen.

  • Voor innovatieve industriepolitiek

    De SP is voorstander van het voeren van een innovatieve industriepolitiek, vooral gericht op de maakindustrie. Hiervoor wil de SP onder meer de aansluiting van (v)mbo’ers op het bedrijfsleven verbeteren, zodat het tekort aan geschoold productiepersoneel wordt opgeheven. Ook wil de SP een deel van het risico afdekken dat banken lijden op leningen voor onderzoek en ontwikkeling. De SP is voorstander van overheidssteun aan de scheepsbouw, zolang deze is toegestaan door Brussel en eveneens door andere landen wordt verleend.

  • Meer investeren in innovatie

    Voor een bloeiende economische ontwikkeling is innovatie van groot belang. In die vernieuwing blijft Nederland achter. De afgelopen kabinetsperiode is gebleken dat zowel de overheid als het bedrijfsleven te weinig geld in innovatie steken. Ook grotere bedrijven die er financieel goed voor staan, investeren te weinig in onderzoek en ontwikkeling.

    De uitgaven aan Research en Development moeten over de volle breedte omhoog. Voor iedere euro overheidssubsidie zal het bedrijfsleven twee euro moeten gaan investeren.Bijna 80 procent van onze technologische innovatie komt uit de industrie. Nederland gaat dan ook, wat de SP betreft, een innovatieve industriepolitiek voeren. De overheid ondersteunt de industrie bij het halen van die doelen, onder andere door het oprichten van een Nationale Investeringsbank die voorziet in de behoefte aan hoog-risicovolle leningen.

    De bank financiert innovatieve projecten, die pas op lange termijn rendement opleveren. Uitwisseling van kennis tussen bedrijfsleven, universiteiten en kennisinstituten wordt verder gestimuleerd. Daardoor wordt universitaire kennis beter ontsloten en benut voor praktische toepassingen.De industrie creëert werkgelegenheid over de volle breedte van de arbeidsmarkt.

    Mensen die werken met hun handen zijn ook in de toekomst hard nodig. Tegelijkertijd blijkt dat bijna de helft van de bedrijven een tekort heeft aan geschoold productiepersoneel. De aansluiting van (V)MBO’ers op het bedrijfsleven moet worden verbeterd, zodat het tekort aan geschoold personeel kan worden aangepakt.

  • Beperk het aantal koopzondagen

    Beperk het aantal koopzondagen tot 12 per jaar. In gebieden die van zichzelf een toeristische aantrekkingskracht hebben kunnen extra koopzondagen worden toegestaan.

    De SP wil het aantal koopzondagen beperkt houden omdat het voor werknemers en kleine zelfstandigen belangrijk is dat er een gezamenlijke dag is waarop de winkels in meerderheid gesloten zijn. Extra koopzondagen bevoordelen het grootwinkelbedrijf ten opzichte van de kleine middenstanders.Voor de kleine middenstand leiden extra koopzondagen nauwelijks tot meer omzet, maar winkeliers moeten wel vaker in hun winkel staan om hetzelfde te verdienen. Uitbreiding van koopzondagen gaat dan ook ten koste van het MKB.

    Daarnaast zien veel werknemers zich gedwongen om op zondag te werken. Uit onderzoek van de vakbond blijkt dat velen dat tegen hun zin doen. Ook is het belangrijk dat er een gemeenschappelijke dag is waarop verenigingsactiviteiten georganiseerd kunnen worden en mensen activiteiten kunnen ondernemen met familie en vrienden. De SP vindt het belangrijk dat zo veel mogelijk mensen daar aan mee kunnen doen. In Nederland is de meest aangewezen dag hiervoor de zondag omdat dit een dag is waarop de meeste mensen vrij zijn, overheidsdiensten veelal gesloten zijn en ook scholen en universiteiten dicht zijn.

  • Regels voor verantwoord ondernemen in het buitenland

    Veel Nederlandse bedrijven doen goede zaken met het buitenland. En we mogen er trots op zijn dat Nederlandse bedrijven op die manier bijdragen aan de groei van welvaart in landen waar de mensen veel armer zijn dan wij hier. Maar helaas komt er in veel landen schending van mensen-, arbeids- of milieurechten voor. En soms zijn daar Nederlandse bedrijven of dochterondernemingen van Nederlandse bedrijven bij betrokken. De SP wil dat er regels worden gemaakt voor bedrijven die overzee zaken doen. Anders dan de neoliberale visie van een aantal andere partijen gelooft de SP dat de overheid eisen mag stellen aan de verantwoordelijkheid van ondernemen ver weg omdat consumenten het recht hebben om te weten of de maker van het product dat ze kopen eerlijk is betaald, of dat het geld alleen maar in de diepe zakken van een handelaar achterbleef.

    Daarom stellen wij het volgende voor:

    • Alle middelgrote en grote Nederlandse ondernemingen rapporteren ieder jaar over wat ze doen om hun productie en import menswaardig en milieuvriendelijk te krijgen of te houden.
    • Alle middelgrote en grote Nederlandse ondernemingen verbeteren de transparantie in hun keten van toeleveranciers. Zo wordt voor consumenten ook duidelijk wat ze kopen.
    • Bedrijven die in aanmerking willen komen voor financiële steun van de overheid, bijvoorbeeld een subsidie of garantie, moeten aantonen dat zij belangrijke arbeidsrechten in het buitenland, zoals het niet gebruik maken van dwangarbeid, het toestaan van vrijheid van vereniging van werknemers (vrijheid van vakbond) respecteren en dit waar mogelijk actief bevorderen. Op zijn minst moet dit het actief onderschrijven van de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen zijn.
    • Nederlandse bedrijven met dochterondernemingen zijn aansprakelijk voor de werkwijze van het dochterbedrijf in andere landen.
  • Hogere boetes voor kartelovertredingen

    De SP wil dat overtredingen van het mededingingsbeleid beter worden aangepakt. De afgelopen jaren zijn boetes op kartelvorming verhoogd, maar het onderzoek ernaar blijft achter. De Autoriteit Consument en Markt moet zich hier harder op richten.

     

  • Meer aandacht voor problemen MKB

    Het Midden- en Kleinbedrijf is het hart van onze economie: 99 procent van alle bedrijven in Nederland is klein, met 50 medewerkers of minder. Deze belangrijke spil van werkgelegenheid is wendbaar, innovatief en in staat om maatwerk te leveren in de meest uiteenlopende specialisaties. Het kleinbedrijf is dan ook een onmisbare toeleverancier van het grootbedrijf.

    De menselijke maat 

    Daarnaast weerspiegelt het kleinbedrijf de menselijke maat; door hun schaal en aard bevinden kleine bedrijven zich midden in de samenleving, tussen de mensen. Ze zorgen voor bedrijvigheid in de buurten, voor werkgelegenheid in dorpen en voor de leefbaarheid van het platteland. Bovenal is de betrokkenheid bij de zaak van ondernemers en werknemers in het kleinbedrijf groot.De SP wil 100% hart voor de zaak 

    De SP wil dat de politiek meer oog krijgt voor de belangen en problemen van kleine bedrijven. De machtspositie van het kleinbedrijf ten opzichte van het grootbedrijf is vaak zwak waar het gaat om onderhandelingen over prijzen, het huren van bedrijfslocaties of het krijgen van overheidsopdrachten. Er moet meer besef komen van het belang, de positie en de problemen van kleine bedrijven. De SP wil dat er bij het maken van regels en wetten meer rekening wordt gehouden met het kleinbedrijf. Het plan '100% Hart voor de Zaak' bevat tientallen voorstellen om de positie van kleine zelfstandigen te verbeteren. Alle onderwerpen waarmee deze bedrijven te maken krijgen komen aan bod, van financiering tot mobiliteit en van lastendruk tot bestrijding van criminaliteit.

    Alle ondernemers moeten gelijke toegang hebben tot overheidsopdrachten. Bij aanbestedingen moet de overheid ophouden met het onnodig clusteren van opdrachten. Het clusterverbod dat nu bestaat moet beter worden gehandhaafd. Er komt een Aanbestedingsautoriteit waar ondernemers hun beklag kunnen doen, die onderzoek doet naar misstanden bij aanbestedingen en die overheden helpt om beter aan te besteden.

    Zie ook: Het plan '100% Hart voor de Zaak'

  • Meer concurrentie tussen telecomdiensten

    Voor een goed werkende en concurrerende telecommunicatiemarkt acht de SP het noodzakelijk dat er meer concurrentie komt tussen de verschillende soorten infrastructuur, evenals tussen de diensten op de betreffende infrastructuur. De infrastructuur moet bij voorkeur in overheidshanden zijn, om eerlijke concurrentie te kunnen garanderen.

  • Betere telecommunicatie

    Nederland heeft een van de beste telecommunicatie-infrastructuren ter wereld. Mede door de Amsterdam Internet Exchange en onze goede kabels zitten veel innovatieve en ICT-bedrijven in Nederland. Dit willen we zo houden en daarom moet de overheid ervoor zorgen dat die infrastructuur op peil blijft.

    Iedere Nederland moet in de bewoonde gebieden van Nederland gebruik kunnen maken van zijn mobiele telefoon, bijvoorbeeld om 112 te kunnen bereiken. Nu komt het te vaak voor dat er witte vlekken zijn. De overheid kan door dit in de vergunningen op te nemen ervoor zorgen dat telecomproviders hier aan gehouden worden.

    Iedere Nederlander moet toegang krijgen tot breedbandinternet. Als telecomproviders zelf geen infrastructuur aanleggen mogen zij burgers die zelf een netwerk willen laten aanleggen niet tegenwerken. De overheid stimuleert de aanleg van nieuwe kabels door advies en waar nodig en mogelijk de inzet van middelen.

    Voor een goed werkende telecommunicatiemarkt acht de SP het noodzakelijk dat er eerlijke concurrentie is. Zo moet er concurrentie mogelijk worden op de kabel.

Recht en veiligheid

  • Laat kinderen zoveel mogelijk in oorspronkelijke omgeving opgroeien

    Veel adoptieouders zetten zich met hart en ziel in voor hun kinderen. Niettemin moet het belang van het kind voorop staan en het uitgangspunt zijn dat kinderen zoveel mogelijk in hun oorspronkelijke omgeving op kunnen groeien en moet er alles aan gedaan worden om te voorkomen dat adoptie tot kinderhandel verwordt. Adoptie uit het buitenland is bovendien een kwetsbaar proces, waarbij veel mis kan gaan. Daarom moet er terughoudend en uiterst zorgvuldig worden omgegaan met adoptie van kinderen uit het buitenland. De overheid controleert nauwgezet of er geen sprake is van kinderontvoering, kinderhandel of corruptie. De bewaartermijn van adoptiedossiers moet fors worden verlengd.

  • Meer geld voor gesubsidieerde rechtsbijstand

    De integriteit van advocaten wordt met enige regelmaat ter discussie gesteld. Een paar corrupte figuren kunnen het aanzien van de hele beroepsgroep schaden. Daarom moet de Nederlandse Orde van Advocaten zeer alert zijn op vakgenoten die over de schreef gaan en daar hard tegen optreden.

    Er moet meer gedaan worden om de sociale advocatuur aantrekkelijk te houden voor beginnende advocaten: daartoe moet de uurvergoeding voor deze rechtshulpverleners omhoog en moet de bureaucratie in de gesubsidieerde rechtsbijstand drastisch worden teruggedrongen.

  • Haal meer uit de periode van de asielprocedure

    Uitgeprocedeerde asielzoekers houden recht op opvang waarbij van hen wordt verwacht dat zij meewerken aan oplossingen, zoals terugkeer of een medische behandeling ten behoeve hiervan. Ook de Raad van Europa heeft aangegeven dat kwetsbare vreemdelingen opvang moeten krijgen. Gemeenten hebben bovendien een zorgplicht en altijd het recht om opvang te bieden aan kwetsbare mensen (ouderen, zieken, vrouwen, kinderen), ook als zij illegaal zijn. De overheid mag de gemeenten die ervoor kiezen om bed-bad-brood te bieden niet tegenwerken.

    Asielzoekers moeten meer mogelijkheden krijgen om snel onze taal te leren. Dat vergroot de kans dat zij goed kunnen integreren en het voorkomt dat mensen lange dagen niets anders kunnen doen dan wachten. Ook moeten asielzoekers tijdens hun procedure sneller aan het werkkunnen; dat is niet alleen goed voor de integratie maar daarmee betalen zij ook mee aan hun opvang.

    Het vasthouden van illegaal in Nederland verblijvende vreemdelingen mag wat de SP betreft alleen voor zeer korte tijd (wanneer er direct zicht is op uitzetting. Vreemdelingenbewaring mag niet worden gebruikt om mensen te dwingen mee te werken aan terugkeer. Vreemdelingen zijn geen criminelen en het gevangenisregime dat in vreemdelingenbewaring wordt gehanteerd moet worden afgeschaft. Volgens de SP mogen kinderen in geen geval in vreemdelingenbewaring worden genomen.

    Ook de zorgen van buurtbewoners moeten serieus genomen worden. Het bepalen van de grootte van een asielzoekerscentrum is een kwestie van maatwerk: in een dorp van 200 inwoners kun je niet 700 mensen opvangen. Bewonerscomités moeten inspraak krijgen in hoe de opvang eruit komt te zien. De voorzieningen die mogelijk overbelast worden zoals openbaar vervoer en kwalitatief hoogwaardig (mobiel) internet moeten worden verbeterd. De inkoop van wat nodig is in asielzoekerscentra moet zoveel mogelijk plaatsvinden bij het lokale bedrijfsleven, zodat opvang iedereen ten goede komt. Alle gemeenten moeten evenredig bijdragen, ook gemeenten met rijke inwoners moeten plekken aanbieden. Voor toekomstige situaties houden we reservecapaciteit voor (tijdelijke) opvang achter de hand.

    Vrijwilligers die willen helpen bij de opvang en de integratie van vluchtelingen wordt ruimte geboden waar dat maar kan. Per slot van rekening is het goed als de integratie vanuit de samenleving op gang komt en alle handen zijn daarbij welkom.

    Lees ook: Vluchtelingenkrant "Vrede en solidariteit"

  • Meer geld voor opvang van vluchtelingen in eigen regio en pak oorzaken om te vluchten aan

    In internationale verdragen is vastgelegd dat vluchtelingen recht hebben op bescherming tegen vervolging, terreur of oorlog. Het is belangrijk dat dat recht blijft bestaan; niet alleen voor de vluchtelingen van vandaag maar ook voor die van morgen. Voor een deel is dat in ons eigen belang. We weten immers niet wie er in de toekomst nog allemaal met oorlog en vervolging te maken zullen krijgen. De meeste vluchtelingen worden opgevangen in de regio. We moeten daarvoor meer geld en middelen beschikbaar stellen. Nederland moet in haar asielbeleid uitvoering geven aan de verdragen waaraan we ons gebonden hebben. De asielprocedure moet snel, zorgvuldig, eerlijk en duidelijk zijn. Wie mag blijven, moet zo snel mogelijk inburgeren. Wie niet mag blijven, moet het land verlaten.

    Tijdens extreem grote vluchtelingenstromen, zoals die uit Syrië, en voor langdurige humanitaire rampen is een eerlijke verdeling van vluchtelingen over alle andere landen, ook de landen die wat verder weg liggen, een noodzaak. Het zal altijd zo zijn dat vluchtelingen voornamelijk in hun eigen buurlanden worden opgevangen maar een klein deel van hen zal verder trekken; vaak ook omdat de omstandigheden in vluchtelingenkampen slecht zijn. Daarvoor doen veel vluchtelingen een beroep op mensensmokkelaars, waardoor er een hele industrie ontstaat waar veel geld aan wordt verdiend en die gevaarlijk is voor zowel de vluchtelingen als ook voor anderen. Daarom moeten de Verenigde Naties meer mensen de kans geven om elders op de wereld een nieuw bestaan op te bouwen. Op die manier kunnen we de stromen mensen beter beheersbaar maken.

    De oorzaken waarvan mensen vluchten moeten worden aangepakt. Bommen gooien in oorlogsgebieden zorgt er niet voor dat de oorlog stopt en daarom is de SP zeer kritisch waar het gaat om deelname aan oorlogen in bijvoorbeeld Irak. Daarnaast moet de welvaart eerlijker verdeeld worden over de wereld. De SP vindt dat de wereldwijde economische ongelijkheid moet worden verminderd, onze handel moet eerlijker en belastingontwijking moet worden aangepakt.

    Lees ook: Vluchtelingenkrant 'Vrede en solidariteit' (2016)

  • Meer buurtagenten en een grotere pakkans voor criminelen

    Criminaliteit en overlastgevend gedrag verzieken het leven van veel mensen en moeten daarom worden bestreden. Elk jaar worden in Nederland miljoenen strafbare feiten gepleegd, en veel mensen worden eenmaal of vaker slachtoffer. Dat loopt van vernieling en diefstal tot verkrachting en moord. De politie doet zijn best, maar weet slechts bij een klein deel van de wetsovertredingen een verdachte te vinden. Van dat kleine percentage wordt een nog veel kleiner gedeelte voor de rechter gebracht. Vanwege capaciteitsgebrek stelt de politie nu prioriteiten en blijven er zaken liggen. De capaciteit bij politie en justitie moet worden uitgebreid en alle aangiften moeten in behandeling worden genomen. Daders moeten de schade die zij aanrichten vergoeden.

    Het overgrote deel van de criminaliteit is lokaal en moet dan ook lokaal worden aangepakt. In teveel buurten gaat het niet goed, een kwart van de bevolking voelt zich wel eens onveilig. Buurtagenten moeten voldoende tijd in de buurt op straat kunnen zijn. Een buurtagent die de mensen in de buurt kent en gekend wordt door de mensen kan problemen voorkomen. Er komen meer buurtagenten en kleinschalige politieposten bij. Wat de SP betreft krijgen op lokaal niveau diefstal (inclusief winkelcriminaliteit), geweldsdelicten, inbraak en overlastgevende groepen prioriteit.

    Veiligheid is vooral mensenwerk. Er moet voldoende politie in de buurten aanwezig zijn als aanspreekpunt. De wijkagent moet de mensen in de buurt kennen en gekend worden door de mensen. Dat maakt buurten aantoonbaar veiliger. De overlast en de verloedering in de buurten moet worden aangepakt. Bij alle maatregelen en voorstellen om de samenleving veiliger te maken beoordelen we de effectiviteit. Cameratoezicht kan bijvoorbeeld in een aantal gevallen helpen, maar het is zeker niet de oplossing voor de problemen in de buurten. Aan schijnveiligheid hebben we niets.

    Ook tegen het bedrijfsleven worden ieder jaar miljoenen strafbare feiten gepleegd. Bedrijven kunnen te maken krijgen met inbraak, vernieling, diefstal of geweld. Vooral in de detailhandel en de horeca is men vaak het slachtoffer. De totale schade van criminaliteit tegen het bedrijfsleven loopt elk jaar in de honderden miljoenen euro’s. Criminaliteit tegen het bedrijfsleven is een groot probleem en moet stevig worden aangepakt.

    Er moet meer capaciteit komen bij politie, Openbaar Ministerie om aangiften in behandeling te nemen, onderzoeken te doen en dus de pakkans te vergroten. Ook moeten de wachttijden bij het Openbaar Ministerie en het Nederlands forensisch Instituut voorkomen worden. Daarom wil de SP extra investeren om de kwaliteit van hun opsporingswerk te garanderen.

    Een deel van de criminaliteit in Nederland gebeurt in georganiseerd verband, waarbij soms internationale netwerken actief zijn. De slagkracht en de expertise van de Nederlandse politie en het magistraat moeten worden vergroot om dit te bestrijden. Er moet meer werk worden gemaakt van het bestrijden van internetcriminaliteit, witwaspraktijken en de vermenging van de onderwereld met de bovenwereld.

    Het beter begeleiden van criminelen na het uitzitten van de straf kan voorkomen dat mensen nog eens in de fout gaan. Veelplegers kunnen nu voor een aantal relatief kleine strafbaar feiten twee jaar worden opgesloten in een gevangenis (een 'Inrichting voor Stelselmatige Daders'). Die tijd in detentie moet veel nuttiger worden besteed. Intensieve verslavingsbegeleiding moet voorkomen dat mensen weer in de fout gaan en daarmee de samenleving tot last zijn.

  • Dierenmishandeling en –verwaarlozing moeten worden aangepakt

    Dierenmishandeling en –verwaarlozing moeten worden aangepakt. De kennis en capaciteit bij toezichthouders moet worden uitgebreid. Recidiverende dierenbeulen krijgen een verbod om dieren te houden, zo nodig langdurig. Mensen die onder invloed van een stoornis de fout in zijn gegaan moeten behandeld worden.

  • Het legaliseren van softdrugs

    De verkoop en teelt van softdrugs voor de Nederlandse markt moet worden gelegaliseerd. Aan de vreemde situatie dat het gedoogd wordt dat coffeeshops softdrugs mogen verkopen maar het niet geteeld mag worden moet een einde komen. Het wordt steeds duidelijker dat legalisering grote voordelen heeft. Er kunnen eisen en beperkingen worden gesteld, bijvoorbeeld aan het THC-gehalte. Kwaliteitscontroles van de softdrugs die in coffeeshops wordt aangeboden wordt mogelijk, het beperken van de gezondheidsschade moet voorop staan. Ook wordt met legalisering voorkomen dat de georganiseerde misdaad enorm veel geld verdient met de productie en handel in softdrugs. Legalisering van softdrugs leidt ook tot een forse besparing voor politie en justitie en tot extra inkomsten door belastingheffing. Er moet meer ingezet worden op preventie en het geven van goede voorlichting aan de jeugd.

    Handel in harddrugs moet strafbaar blijven. Voorlichting over de schadelijke gevolgen van het gebruik van harddrugs blijft ook van groot belang.

  • Eerlijkere regels voor partneralimentatie

    Meer dan één op de drie huwelijken eindigt in een scheiding. Jaarlijks maken meer dan 50.000 kinderen de scheiding van hun ouders mee. Een kwart van alle kinderen van wie de ouders scheiden, verliest op termijn het contact met één van beide ouders, in de meeste gevallen de vader.

    Kinderen hebben – ook na echtscheiding - recht op verzorging door en contact met beide ouders. De SP is daarom voorstander van gelijkwaardig ouderschap en heeft het voor elkaar gekregen dat dit inmiddels ook in de wet verankerd is. Ouders zullen hierover met elkaar afspraken moeten maken. Komen zij er niet uit dan zal de rechter dat moeten doen.

    Er is een wetswijziging nodig om de partneralimentatieregels eerlijker te maken. In de wet staat dat 12 jaar alimentatie betalen de maximumtermijn is, maar in de praktijk is dit de standaard geworden, terwijl dit in veel gevallen onredelijk lang is. Er moet beter gekeken worden naar alle omstandigheden in een bepaalde situatie. De wet moet maatwerk mogelijk maken.

    Het heeft de voorkeur dat mensen er samen uitkomen, bijvoorbeeld in een partneralimentatieplan. In zo’n plan zou bijvoorbeeld opgenomen kunnen worden welke inspanningen de ontvangende partner gaat verrichten om zelf inkomsten binnen te krijgen en per wanneer. Ook zou afgesproken kunnen worden dat het alimentatiebedrag langzaam daalt totdat het na enkele jaren op nul uitkomt.

    Als mensen er niet samen uitkomen dan moet de rechter de knoop doorhakken. De rechter moet dan onder andere gaan kijken naar het arbeidsverleden, de carrièrekansen, de leeftijd van de kinderen, en andere relevante omstandigheden. Het hangt van de omstandigheden van het geval af hoe lang alimentatie betaald moet worden, waarbij rekening moet worden gehouden met een maximumtermijn van 12 jaar.

  • Europese samenwerking bij criminaliteitsbestrijding

    De SP is groot voorstander van daadwerkelijke en effectieve samenwerking tussen lidstaten op het gebied van justitie. Criminelen moeten worden gepakt. De opsporingsdiensten moeten samenwerken om opgewassen te zijn tegen criminelen die de open grenzen als een zegen zien en deze misbruiken. Het is dus goed dat er in Europa wordt samengewerkt tussen diverse politiediensten en de vervolgende instanties (Openbaar Ministeries).

    Maar, dat is iets anders dan het overdragen van bevoegdheden en het inperken van de nationale soevereiniteit. De EU gedraagt zich op dit gebied als een rupsje-nooit-genoeg.

    Het voorstel voor de oprichting van een Europees Openbaar Ministerie wijzen we af omdat het niet noodzakelijk is om fraude met EU-gelden beter aan te pakken. De huidige informatie-uitwisseling en effectieve samenwerking tussen de opsporingsdiensten en bijvoorbeeld Eurojust moet verbeteren zonder overdracht van bevoegdheden. Wat ons betreft moet er verder werk gemaakt worden van het verbeteren van OLAF, het anti-fraudebureau van de EU, en moeten lidstaten verplicht hun uitgaven van EU-subsidies verantwoorden via een lidstaatverklaring. Ook kan het stoppen met rondpompen van geld veel fraude voorkomen.

    Het is voor de SP van groot belang dat de uitwisseling van persoonsgegevens alleen gebeurt als dit niet indruist tegen de privacyregels. De Europese Unie heeft de neiging zowel binnen de EU, als in relatie tot landen zoals de VS, veel te gemakkelijk om te gaan met de ter beschikking stelling van persoonsgegevens.

    In het Nederlandse parlement is de SP op dit gebied bij uitstek dé kritische partij. Voortdurend vragen wij de Nederlandse minister en staatssecretaris stelling te nemen in Europa tegen voorstellen die nergens voor nodig zijn, te ver gaan of inbreuk maken op ons nationale stelsel, op de privacy.

  • Inzetten op de aanpak van fraude

    Bij alle terechte aandacht voor criminaliteit en geweld op straat, wordt nog wel eens vergeten dat een groot aantal misdrijven in Nederland van achter een bureau wordt gepleegd. Allerlei vormen van fraude (zoals de bouwfraude, faillissementsfraude, vastgoedfraude) beschamen het vertrouwen van mensen in elkaar en de overheid. Met deze en andere vormen van witteboordencriminaliteit zijn jaarlijks miljarden euro’s gemoeid.

    De prioriteit van het vervolgen van fraude wordt stevig vergroot. Het aantal deskundigen (zoals forensische accountants en fiscalisten) bij de recherche, het Openbaar Ministerie, de Financial Intelligence Unit en de rechterlijke macht wordt uitgebreid. Ambtenaren die weet hebben van fraude of corruptie kunnen zich wenden tot het op initiatief van de SP opgerichte Huis voor Klokkenluider.

    Er wordt een Nationale Fraude Autoriteit opgericht om gecoördineerd fraude aan te pakken. Elk ministerie heeft zijn eigen informatiestromen en expertise. Bij een fraudeautoriteit komen de wijzen van aanpak van fraude, preventie, informatiestromen en expertise bij elkaar, waardoor een eenduidiger beeld kan worden gegeven van de fraudeaanpak, de knelpunten en mogelijke prioriteitsstellingen.

    Misdaad mag niet lonen. Geld dat met criminele activiteiten is verdiend moet worden afgepakt door justitie. Hiertoe moeten er meer financieel rechercheurs komen en meer en beter worden samengewerkt tussen politie, justitie, belastingdienst en overheden. Tegelijkertijd moeten fraudeurs worden gestraft in plaats van dat er met hen wordt geschikt.

  • Bereid gedetineerden voor op terugkeer in samenleving

    Op het gevangeniswezen wordt al jaren fors bezuinigd. Dit heeft geleid tot grote verslechteringen in de Nederlandse bajesen op het gebied van werkdruk, veiligheid en resocialisatie, voornamelijk waar het gaat over de begeleiding van gedetineerden en het aanbod van onderwijs en arbeid. Dat is onverstandig, omdat de meeste mensen een tijdelijke gevangenisstraf uitzitten en na verloop van tijd weer terugkeren in de samenleving. Het is veel beter de tijd in detentie goed te benutten. Een gevangene die een vak heeft geleerd, arbeidservaring heeft opgedaan of van zijn verslaving af is zal minder snel opnieuw een delict plegen. Het geld dat ze verdienen met arbeid in detentie gaat deels verplicht als tegemoetkoming naar slachtoffers.

    Er moet geïnvesteerd worden in meer en goed opgeleid personeel, een stevig onderwijs- en arbeidsaanbod en projecten waarmee gedetineerden zelfredzaam leren zijn. Dat vindt ook het gevangenispersoneel, dat dagelijks met deze moeilijke doelgroep werkt. Het uitkleden van het dagprogramma in de bajesen is slecht voor de veiligheid in de samenleving en voor de veiligheid van het personeel op de werkvloer.

    Een groot probleem in de gevangenissen is het grote aantal verslaafde gedetineerden, vaak ook nog met psychiatrische problemen. Die gedetineerden moet speciale zorg worden geboden. Op termijn is ook dat een goede investering in onze veiligheid.

    Door de sluiting van een aantal jeugdgevangenissen worden minderjarigen steeds verder van huis gedetineerd, waardoor zij problemen kunnen ondervinden bij het voortzetten van hun opleiding of werk. De groepen worden steeds groter en goed opgeleid personeel wordt ontslagen. Dit is een onwenselijke ontwikkeling. Zeker bij minderjarigen moet detentie altijd eerst en vooral in het teken staan van betere behandeling, heropvoeding en resocialisatie. We steunen dan ook initiatieven met kleinschalige voorzieningen waarbij jongeren zo dicht mogelijk bij hun familie, school en werk worden ondersteund.

    De recidivecijfers moeten omlaag. Er zijn voor de hand liggende maatregelen die genomen kunnen worden om te voorkomen dat mensen direct na een gevangenisstraf weer misdrijven gaan plegen. Voordat iemand de gevangenis verlaat, moet hij een geldig legitimatiebewijs op zak hebben, moet duidelijk zijn waar hij of zij de eerste weken gaat wonen, en moet het liefst ook werk zijn geregeld.

    De reclassering, van oudsher expert in de begeleiding van ex-gedetineerden, moet de vrijheid en de middelen krijgen om waar nodig ex-gedetineerden hulp te bieden om op het rechte pad te blijven. Professionele reclasseringswerkers moeten voldoende tijd en ruimte krijgen om te doen wat nodig is om recidive te voorkomen. Ook de gemeenten, die verantwoordelijk zijn voor de opvang van ex-gedetineerden, moeten voldoende geld en ondersteuning krijgen voor deze taak. Op recidivebestrijding mag niet visieloos bezuinigd worden, daar is de veiligheid van onze samenleving te kostbaar voor.

  • Voor een restrictief gokbeleid

    De SP is voorstander van een restrictief gokbeleid. Om dit beleid ook in Europees verband overeind te kunnen houden, moeten er wettelijke regels komen voor reclameacties van loterijen en Holland Casino. Holland Casino wordt niet geprivatiseerd. Nederland wordt geen Las Vegas aan de Noordzee. De SP is tegen het legaliseren van online gokken. Illegaal gokken via internet moet beter worden bestreden. Creditcardmaatschappijen en banken die illegaal gokken mogelijk maken moeten worden aangepakt.

  • Huwelijksdwang wordt hard aangepakt

    Het is belangrijk dat mensen zich voorbereiden op hun komst naar Nederland. De gestelde eisen aan huwelijks- en gezinsmigratie mogen niet misbruikt worden om de vrije huwelijkskeuze in te perken. Huwelijksdwang en polygamie worden hard aangepakt.

    De SP is zeer terughoudend als het gaat om arbeidsmigratie. Zolang er hier nog honderdduizenden mensen aan de kant staan, is het ongewenst om werknemers uit het buitenland te halen. Bovendien zijn die mensen vaak in hun eigen land harder nodig dan hier, migratie kan leiden tot ontwrichting in het land van herkomst.

  • Integere sport

    Sport moet integer zijn. Fraude, corruptie, doping, matchfixing, agressie en seksuele intimidatie horen niet in de sport thuis. Niet-integer gedrag moet daarom krachtig worden bestreden. Sportwedstrijden horen op het veld of op de baan beslist te worden, niet op een gokmarkt (zoals bij matchfixing) of door verboden middelen (doping). 

  • Jihadisten

    Mensen die uitreizen naar oorlogsgebieden om zich daar bij een terroristische organisatie te voegen zijn strafbaar. De Nederlandse overheid moet er alles aan doen om ervoor te zorgen dat deze mensen bij terugkeer geen ellende kunnen aanrichten in onze samenleving en degenen die zich schuldig hebben gemaakt aan vreselijke misdrijven dienen allemaal te worden vervolgd. We zijn er echter niet voor om mensen hun Nederlanderschap af te pakken als we hen verdenken van betrokkenheid bij terrorisme. Het ontnemen van iemands nationaliteit helpt niet bij het veiliger maken van de wereld. Terroristen kunnen ook heel goed zonder Nederlands paspoort naar ons land komen, bijvoorbeeld met een vals identiteitsbewijs. Als mensen terugkeren onder hun eigen naam en paspoort dan hebben we in ieder geval de mogelijkheid om te onderzoeken of zij een gevaar vormen voor de samenleving en om hen op te sluiten als dat het geval is. Bovendien kunnen we van hen informatie verkrijgen over de zaken waarbij zij betrokken zijn geweest. Veel beter dan het ontnemen van iemands nationaliteit is het dan ook om in te zetten op goede internationale samenwerking en op de best mogelijke opsporing en vervolging in Nederland. Voor mensen die willen uitreizen en zich aan willen sluiten bij organisaties zoals IS zijn soms maatregelen nodig zoals een uitreisverbod of een gebiedsverbod. Deze mag alleen worden opgelegd door een rechter. Mensen die terugkeren uit strijdgebieden zoals Syrië dienen bij terugkomst in Nederland te worden opgepakt en te worden ondervraagd. Als zij zich schuldig hebben gemaakt aan strafbare feiten moeten ze strafrechtelijk worden vervolgd. Terugkeerders bij wie dat niet kan worden bewezen en die een direct gevaar vormen voor zichzelf en voor de samenleving dienen verplicht te deradicaliseren.

  • Betrouwbare advocaten, notarissen en gerechtsdeurwaarders

    Betrouwbare advocaten, notarissen en gerechtsdeurwaarders dragen bij aan een betrouwbare rechtsstaat. Niet-integer gedrag in de beroepsuitoefening of in relatie tot de beroepsuitoefening wordt direct aangepakt. Dit is niet alleen in het belang van de beroepsgroep zelf, maar voornamelijk van de samenleving. Daarom kiezen we ervoor om de kosten voor toezicht en tuchtrecht niet geheel bij deze beroepsgroepen neer te leggen, maar grotendeels bij de overheid.

    De integriteit van advocaten wordt met enige regelmaat ter discussie gesteld. Een paar corrupte figuren kunnen het aanzien van de hele beroepsgroep schaden. Door een recente verbetering van het toezicht op de advocatuur kan de Nederlandse Orde van Advocaten alerter zijn op advocaten die over de schreef gaan en daar hard tegen optreden.

    De integriteit van het notariaat komt geregeld ter discussie te staan. Marktwerking en winstmaximalisatie verhouden zich nu eenmaal slecht tot de onkreukbaarheid en onpartijdige betrouwbaarheid die van een ambtsdrager geëist mag worden.

    Indien mogelijk draaien we de marktwerking in het notariaat zo veel mogelijk terug en wordt er opnieuw een vorm van tariefregulering ingevoerd.

    De gerechtsdeurwaarder zorgt er voor dat de nakoming van vonnissen van rechters op een nette manier kunnen worden afgedwongen. De gerechtsdeurwaarder moet deze taak onafhankelijk van de opdrachtgever kunnen vervullen, omdat de gerechtsdeurwaarder óók de belangen van degene die een betalingsverplichting heeft mee moet wegen. Maatschappelijk verantwoord incasseren heeft echter wel zijn prijs. De overheid moet het goede voorbeeld geven en fatsoenlijke tarieven betalen. Anders komt de onafhankelijkheid onder druk te staan.

  • Een beter loon voor onze politieagenten

    Politiemensen moeten beter hun werk kunnen doen. Zij verdienen een beter loon, voor het harde, onregelmatige en soms gevaarlijke werk dat zij moeten doen. De politie verdient ook minder bureaucratie. Politieagenten gaan nu nog te vaak gebukt onder regelzucht. De SP wil extra inzet van politieagenten en het aantrekken van meer officieren van justitie en rechters. Buurtagenten zijn onmisbaar voor buurten en wijken. Zij zijn makkelijk aanspreekbaar en weten wat er speelt in de buurt. Daarom moet het aantal buurtagenten worden uitgebreid. Een deel van de criminaliteit in Nederland gebeurt in georganiseerd verband, waarbij soms internationale netwerken actief zijn. De slagkracht en de expertise van de Nederlandse politie en het Openbaar Ministerie moeten worden vergroot om dit te bestrijden.

     

  • Openheid over verzamelen persoonsgegevens

    Het recht op privacy is een belangrijk grondrecht. Het is niet mogelijk om te stellen dat 'veiligheid belangrijker is dan privacy', zoals sommige politici doen, dat is een schijntegenstelling. Veiligheid en privacy gaan juist hand in hand. Het opheffen of drastisch inperken van de privacy levert geen veilige samenleving op. Dat sluit niet uit dat er soms inbreuk moet worden gemaakt op dit recht, bijvoorbeeld wanneer er gefouilleerd moet worden of wanneer een huis door justitie moet worden onderzocht. Daar zijn strenge regels voor die strikt moeten worden nageleefd. De Autoriteit Persoonsgegevens moet meer capaciteit krijgen om overtredingen van de privacywetgeving beter aan te kunnen pakken.

    Bij ieder voorstel dat inbreuk maakt op de privacy bekijken we of die inbreuk noodzakelijk is voor het te bereiken doel, of het niet op een andere manier kan, en of de voorgestelde maatregel wel effectief is. Pas wanneer die vragen naar tevredenheid zijn beantwoord en er echt geen andere optie overblijft, mag inbreuk gemaakt worden. Ook de Europese Unie heeft de neiging zowel binnen de EU, als in relatie tot andere landen (zoals de VS) veel te gemakkelijk om te gaan met de ter beschikking stelling van persoonsgegevens. Daar moet een einde aan komen.

    Niet alleen de overheid maakt inbreuk op de privacy. Ook bedrijven schenden de privacy van burgers geregeld. Het moet voor iedereen volstrekt helder zijn door wie persoonsgegevens worden verzameld, met wie deze mogen worden gedeeld en voor welk doel. Mensen vinden het niet altijd een probleem wanneer hun persoonsgegevens worden verzameld of bewaard, als ze maar weten door wie, waarom, en er van verzekerd zijn dat de gegevens veilig zijn. Dat is nog lang niet op orde. Veel bedrijven beheren de gegevens slecht of vragen onnodige gegevens van hun klanten. De SP pleit voor een informatiecentrum waar iedereen terecht kan met vragen over persoonsgegevens en privacy. Het is goed dat er een meldplicht is ingesteld voor bedrijven waarbij in de digitale systemen is ingebroken waardoor persoonsgegevens zijn gestolen.

  • Hard optreden tegen uitbuiting en mensenhandel

    De SP heeft ingestemd met de opheffing van het bordeelverbod, waardoor de prostitutie is gelegaliseerd. Ook is de SP een voorstander van de invoering van een vergunningstelsel om het zicht en de controle op de sector verder te vergroten. Nog steeds zijn er teveel misstanden in de seksbranche, zoals gedwongen prostitutie, uitbuiting en mensenhandel. Dat zijn vreselijke misdrijven die krachtig moeten worden bestreden. Hiervoor moet voldoende (opsporings)capaciteit beschikbaar zijn bij politie en openbaar ministerie.

    Bij verandering van beleid, zoals het verhogen van de prostitutieleeftijd, moet altijd worden gewaakt voor het fenomeen dat (een deel van) de activiteiten in de illegaliteit zullen worden voortgezet. De sociale positie van de prostituee moet worden verbeterd. Klanten die willens en wetens gebruik maken van een prostituee die gedwongen aan het werk is moeten strafrechtelijk aangepakt kunnen worden.

    Mensenhandel is een zeer ernstige vorm van misdaad, waar hard tegen moet worden opgetreden. Veel slachtoffers van mensenhandel werken in Nederland onder afschuwelijke omstandigheden in de gedwongen prostitutie. Aangifte doen is voor deze vrouwen bijzonder moeilijk, omdat zij dan het risico lopen (uiteindelijk) te worden uitgezet en in het land van herkomst slachtoffer te worden van wraakacties door degenen die hen verhandeld hebben. De SP is van mening dat deze mensen, als slachtoffers van een misdrijf, recht hebben op bescherming door de Nederlandse overheid. Wie een geloofwaardige aangifte doet van mensenhandel en/of uitbuiting heeft recht op een verblijfsvergunning. Ook dient de politie, wanneer zij stuit op illegalen, altijd vóór uitzetting te onderzoeken of er onder hen slachtoffers zijn van mensenhandel.

    Er moet alles aan gedaan worden om meiden, en ook jongens, uit de handen van mensenhandelaren te houden. Goede voorlichting is daarom essentieel. Het is wenselijk dat hierover op scholen en in jeugdzorginstellingen voorlichting wordt gegeven. Er moet meer opvang voor en begeleiding van slachtoffers van mensenhandel komen. In de gesloten jeugdzorg moet er specifiek aandacht zijn voor meiden die slachtoffer zijn van mensenhandel. Het is belangrijk dat ze in een groep komen met meiden die hetzelfde hebben doorgemaakt zodat ze van elkaar kunnen leren en ervaringen kunnen uitwisselen. Helaas worden mensenhandelaren niet altijd gestraft voor hun daden. Er moet voldoende hulpverlening voorhanden zijn om de slachtoffers te stimuleren en te helpen bij het doen van aangifte.

  • Meer geld voor gesubsidieerde rechtsbijstand

    Toegang tot de rechter is een basisrecht van iedere burger. Om te voorkomen dat mensen vanwege geldgebrek hun recht niet kunnen halen, bestaat er in Nederland een stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand. Dit stelsel staat wegens jarenlange bezuinigingen onder druk en mensen met een kleine portemonnee kunnen onder andere door te hoge eigen bijdragen hun recht niet meer halen. Klassenjustitie ligt op de loer. Ook valt een steeds grotere groep mensen met een middeninkomen buiten het stelsel, terwijl zij ook niet in staat zijn om de hoge advocaten- en proceskosten zelf te betalen. Deze groep dreigt verstoken te blijven van juridische bijstand. Dat is een buitengewoon slechte zaak.

    Een ander probleem van het huidige systeem van gesubsidieerde rechtshulp is dat vanwege geldgebrek advocaten maar een heel beperkt aantal uren werk vergoed krijgen. Daardoor staat de kwaliteit van de rechtsbijstand onder druk. Er moet meer gedaan worden om de sociale advocatuur aantrekkelijk te houden voor (beginnende) advocaten: daarom moet de uurvergoeding voor deze rechtshulpverleners omhoog, moeten er voldoende uren worden vergoed en moet de bureaucratie in de gesubsidieerde rechtsbijstand worden teruggedrongen.

    De SP vindt dat financiële overwegingen er nooit toe mogen leiden dat mensen niet hun recht kunnen halen: Er moet er dus meer geld worden uitgetrokken voor gesubsidieerde rechtsbijstand. Dit betekent in ieder geval dat de eigen bijdragen omlaag moeten en de inkomensgrenzen worden verruimd. Ook moeten de griffierechten omlaag.

    Lees ook: Rapport "Recht op recht" (2016)

  • Geef rechters tijd en ruimte en de rechtspraak een aparte begroting

    De fouten die zijn gemaakt in bijvoorbeeld het onderzoek naar de Schiedammer parkmoord en de zaak van Lucia de Berk hebben het vertrouwen in de (straf)rechtspraak doen afnemen. Het is belangrijk dat van de gemaakte fouten wordt geleerd en het vertrouwen in de rechtspraak zo snel mogelijk wordt hersteld. De rechtbanken en gerechtshoven moeten werken aan kwaliteits- en deskundigheidsbevordering van hun rechters, vooral op onderwerpen als DNA en forensische psychologie. Rechters moeten de tijd en de ruimte krijgen om een strafzaak uitputtend te behandelen, zonder druk van prestatiecontracten en outputfinanciering.

    Waarheidsvinding moet altijd voorop staan. Verhoren bij de politie moeten voortaan altijd op band of video worden opgenomen. Advocaten die bij het verhoor aanwezig zijn moeten hiervoor een reële vergoeding krijgen. Ook willen we dat er meer mogelijkheden komen om opnieuw onderzoek te kunnen doen naar mogelijke justitiële dwalingen. Er komt een permanent fonds om nader onderzoek naar twijfelachtige veroordelingen te financieren.

    We ondersteunen alternatieven voor traditionele procedures bij rechtbanken, zoals mediation, arbitrage, het Juridisch Loket en de Geschillencommissies voor consumentenzaken. De gang naar de rechter moet wel altijd mogelijk blijven en het liefst zo dicht mogelijk bij de mensen. De SP pleit voor lagere griffierechten en investeert in de rechtspraak om kwaliteit te kunnen blijven leveren en de digitalisering in goede banen te laten leiden.

    Er komt een apart bestuursrechtelijk gerechtshof. Het rechtsprekende deel van de Raad van State, de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven worden daarin samengevoegd. Dat is goed voor de kwaliteit van de bestuursrechtspraak, de onpartijdigheid en de rechtseenheid.

    De rechtspraak is een onafhankelijke staatsmacht, geen uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Daarom krijgt de rechtspraak een aparte begroting. Dat is staatsrechtelijk zuiverder en past beter bij de positie van de rechtspraak in de trias politica.

  • Splitsen ministerie van Veiligheid en Justitie

    Het ministerie van Veiligheid en Justitie is veel te groot geworden. De laatste jaren dreigt justitie en dus onze rechtsstaat te worden ondergesneeuwd door veiligheid. Handhaving van de openbare orde en andere politietaken moeten worden ondergebracht bij het ministerie van Binnenlandse Zaken. Op deze manier wordt de rechtsstatelijke taak en de veiligheidstaak zoveel mogelijk uit elkaar getrokken.

  • Geen minimumstraffen

    In Nederland kennen we terecht een systeem van maximumstraffen. Op een diefstal staat bijvoorbeeld maximaal 4 jaar gevangenisstraf. De rechter heeft de vrijheid een voor een diefstal geschikte straf op te leggen. Bijvoorbeeld een geldboete, een taakstraf, of een gevangenisstraf die niet langer mag zijn dan 4 jaar.

    Bij een systeem van minimumstraffen zou de rechter, onafhankelijk van de omstandigheden, de dader van een strafbaar feit tot een minimale straf moeten veroordelen. Diefstal zou dan bijvoorbeeld tot 4 jaar gevangenisstraf leiden, ook al was de dader een dakloze die honger had. Dit zou een begrenzing van de vrijheid van de rechter zijn. Deze vrijheid van de rechter is voor de SP belangrijk. De rechter kijkt naar de ernst van het delict, de omstandigheden en de dader. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk of iemand beroepscrimineel is, of iets voor de eerste maal doet. De rechter levert maatwerk en legt een straf op die past bij de ernst van het feit en geschikt is voor die persoon. Dat zou niet meer mogelijk zijn als je de rechter in het keurslijf van de minimumstraf perst.

    De doodstraf bestaat vooral in dictaturen en primitieve samenlevingen. De SP is tegen de doodstraf. Dat je mensen niet mag doodmaken, maak je niet duidelijk door mensen dood te maken.

  • Het TBS-stelsel is goed voor de veiligheid van de samenleving

    Het TBS-stelsel maakt mogelijk dat personen die psychisch ziek zijn worden vastgehouden en behandeld totdat zij geen gevaar meer vormen voor de samenleving. Het is een systeem dat uiteindelijk goed is voor de veiligheid van de maatschappij en het verdient het om in stand te worden gehouden.

    Hoewel het helemaal uitsluiten van ieder risico onmogelijk is, moet steeds alles worden gedaan om het stelsel, inclusief vormen van proefverlof, zo veilig mogelijk te maken. De SP heeft dan ook het voorstel gesteund om langdurig toezicht te houden op ex-gedetineerden en tbs’ers voor zover dat nodig is om de kans op recidive zo klein mogelijk te houden.

    Mensen die na behandeling nog steeds een onacceptabel risico vormen voor de samenleving moeten worden overgeplaatst naar een ‘long stay’-afdeling, waar ze in principe levenslang blijven. Lange gevangenisstraffen in combinatie met TBS verkleinen de kans op een succesvolle behandeling en zijn daarom onwenselijk.

  • Meer aandacht voor voorkomen radicalisering

    Terrorisme moet effectief worden bestreden. Dat doen we vooral door de voedingsbodem voor terrorisme zoveel mogelijk weg te nemen, maar ook door gerichte opsporing van politie en justitie naar terroristische organisaties en verdachte personen. Het steeds maar uitbreiden van verzamelingen persoonsgegevens van alle burgers is niet effectief en maakt inbreuk op de privacy van alle mensen.

    Bij de bestrijding van terrorisme moeten inlichtingendiensten in Europa veel beter samenwerken, geldstromen tussen terroristische organisaties beter worden opgespoord en extremistische netwerken in Nederland beter in de gaten worden gehouden. Internationale netwerken van extremisten moeten beter in kaart worden gebracht en er moet een einde komen aan de praktijken van ronselaars.

    Meer moet geïnvesteerd worden in het voorkomen dat jongeren in andere landen gaan deelnemen aan de jihad. Ook moet er meer aandacht komen voor het voorkomen van radicalisering. Daarbij moeten ook ouders, leraren en wijkagenten meer worden betrokken. De SP wil dat extremistische organisaties, waaronder die van salafisten, die haat zaaien en geweld vergoelijken niet ondergronds kunnen werken maar openbaar worden gemaakt. Mensen die een direct gevaar zijn voor zichzelf en voor de samenleving moeten verplicht worden opgenomen in een deradicaliseringsprogramma.

    Ook sociaaleconomische maatregelen moeten worden genomen ter bestrijding van de voedingsbodem van terrorisme. Het voeren van oorlog is geen voor de hand liggend middel om terrorisme te bestrijden, omdat dit meestal contraproductief uitpakt en radicalisering in de hand werkt. De SP heeft hierom grote kritiek op het aanvallen in bijvoorbeeld Syrië.

  • Intensieve begeleiding bij terugkeer

    Bij een goed asielbeleid hoort een goed terugkeerbeleid: als mensen na een zorgvuldige asielprocedure niet zijn erkend als vluchteling of op andere gronden voor verblijf in aanmerking komen, zullen zij moeten vertrekken. Daarbij moet altijd bedacht worden dat terugkeer voor veel mensen niet eenvoudig is: in het land van herkomst wacht vaak een onzekere toekomst. Een goed terugkeerbeleid biedt mensen intensieve begeleiding bij de voorbereiding van het vertrek en probeert obstakels die een terugkeer in de weg staan weg te nemen.

    Waar nodig en mogelijk worden mensen door middel van financiële bijdragen en/of opleidingen geholpen om in het land van herkomst een nieuw bestaan op te bouwen. Een aanzienlijk aantal ex-asielzoekers dat bezig is met de voorbereiding van hun terugkeer wordt geconfronteerd met tegenwerking door de autoriteiten en de ambassades van de landen van herkomst. Nederland moet landen van herkomst veel nadrukkelijker aanspreken op hun verantwoordelijkheid voor hun staatsburgers. Bovendien moet Nederland ex-asielzoekers die willen terugkeren actief en intensief begeleiden en helpen bij het verkrijgen van reisdocumenten. Kan iemand buiten zijn schuld niet terugkeren, dan moet een verblijfsvergunning volgen.

    Door de actieve begeleiding vanuit de overheid kan gemakkelijk gecontroleerd worden of iemand echt alles heeft gedaan om terug te kunnen keren. Nu ligt de bewijslast volledig bij de ex-asielzoeker, wat in de praktijk leidt tot schrijnende toestanden.

    Als blijkt dat mensen misbruik van terugkeerregelingen maken wordt voor hen deze regeling afgeschaft.

Natuur en milieu

  • Stop de productie van bont

    De SP is tegen bont. Bont is bedoeld voor dieren en niet voor mensen. Het is een vervangbaar luxe product, en daarmee is het niet gerechtvaardigd om een dier enkel voor dit doel te doden. De productie van bont gebeurt vaak onder dier-onterende omstandigheden. In nertsenfokkerijen leven de dieren in kleine gazen kooitjes waar ze alleen cirkels kunnen draaien van 30 cm doorsnee. In het wild hebben deze solitaire levende waterroofdieren, een territorium van 1 tot 5 vierkante kilometer. De SP heeft een initiatiefwet opgesteld die het houden van dieren voor bont verbied. Dankzij deze wet mogen er geen nieuwe pelsdierfokkerijen gestart worden en mogen bestaande fokkerijen niet uitbreiden. Het fokken van pelsdieren wordt per 2023 helemaal verboden. Bont in kleding willen we tegengaan.

    Ook voor bont uit het wild lijden dieren die voor hun bont gedood worden, onnodig, bijvoorbeeld bij de dieronvriendelijke vossenjacht of bij de zeehondenjacht. De SP heeft een belangrijke rol gespeeld in een Europees verbod op honden-, katten- en zeehondenbont. De SP heeft een motie in de Tweede Kamer aangenomen gekregen die etikettering van bont verplicht stelt.

  • Een respectvolle omgang met dieren

    Beschaving uit zich onder meer in de wijze waarop mensen met andere levende wezens en met de natuurlijke omgeving omgaan. Dierenmishandeling moet stevig worden aangepakt. In de Grondwet moet een zorgplicht voor dieren worden opgenomen. De bio-industrie gaat zo spoedig mogelijk op de helling. Dierenwelzijnsnormen worden flink verscherpt. Dieronvriendelijke praktijken van de bio-industrie en verminking van dieren worden verboden. Met het oog op het milieu en ter voorkoming van dierziekten wordt er een maximum gesteld aan het aantal boerderijdieren in Nederland. Diervriendelijke, extensieve veehouderijen worden beloond met een gratis dierrecht vergunning. Bedrijven die het minder goed doen op het gebied van dierenwelzijn, volksgezondheid en milieu moeten betalen. Landbouwhuisdieren worden preventief ingeënt tegen mond- en klauwzeer. Onderzoek naar vlees vervangende producten wordt bevorderd en er wordt eerlijke voorlichting gegeven over de milieu- en gezondheidsgevolgen van (overmatige) vleesconsumptie. Transport van slachtdieren van meer dan 500 kilometer of langer dan 8 uur wordt in heel Europa verboden en de omstandigheden bij het transport worden verbeterd.

    Bij het debat over de intensieve veehouderij volgt de SP eenvoudige uitgangspunten:

    • Een dier moet zijn natuurlijk gedrag kunnen uiten;
    • De veehouderij moet niet de draagkracht van de natuur overschrijden;
    • De veehouderij moet niet de draagkracht van de mensen in de omgeving overschrijden;
    • Het mag geen risico voor de volksgezondheid vormen;
    • De boer moet er een schappelijk inkomen uit kunnen verdienen.

    Het overtreden van (welzijns-)regels voor dieren en dierenmishandeling dient harder te worden bestraft, in het uiterste geval door een verbod op het houden van dieren. Ook moet er een verbod komen op het fokken van dieren die door selectieve fok geen volwaardig zelfstandig leven kunnen leiden. Dit kan zijn doordat ze niet zelfstandig kunnen baren, ademhalingsmoeilijkheden hebben, een te kleine schedel of andere ernstige afwijkingen hebben. Het aantal dierproeven wordt tot het absolute minimum beperkt. Waar alternatieven voor dierproeven voorhanden zijn, worden deze verplicht gesteld, evenals een test naar het maatschappelijk nut en de medische relevantie. Er moet een groter budget komen voor het onderzoek naar proefdiervrije alternatieven. Bedrijven betalen hieraan mee. Onderzoeksmethoden en –resultaten van dierproeven worden openbaar. De SP is tegen het vernietigen van ‘overtollige’ proefdieren. Het testen op dieren van nieuwe medicijnen die nauwelijks van bestaande medicijnen afwijken, dient verboden te worden.

  • Op naar 100% duurzame energie

    In 2050 hebben we een CO2-neutrale samenleving. Dit bereiken we door concrete en afdwingbare maatregelen die voortvloeien uit het Klimaatakkoord van Parijs (december 2015). We leggen per sector een tijdpad vast om in 2050 CO2-neutraal te zijn - en in 2030 minstens halverwege. Dit leggen we vast in een Klimaat- en energiewet. Deze nieuwe wet voorziet in de opvolging van het tot 2023 doorlopende Energieakkoord.

    Het is van belang hierbij in de gaten te houden dat groene en sociale politiek hand in hand gaan. De overgang naar duurzame energie vindt plaats mét en niet ondanks de mensen. Investeringen in duurzaamheid moeten leiden tot meer werkgelegenheid, gerichte scholing en lagere lasten voor mensen met een middeninkomen of lager inkomen. We vergroten de betrokkenheid van mensen bij het ontwikkelen en uitvoeren van duurzame projecten.

    We maken werk van de overstap van fossiele energie zoals olie en gas naar duurzame energie. De kolencentrales worden zo spoedig mogelijk gesloten, we gaan geen schaliegas winnen, we boren niet meer naar gas in het Waddengebied en we bouwen geen nieuwe kerncentrales. De centrale in Borssele gaat zo snel mogelijk dicht. We zetten ons in om de kerncentrales in België snel gesloten te krijgen en onze buren te helpen bij een overstap naar alternatieve energie. Het Europees emissiehandelssysteem (ETS) werkt niet, omdat de prijs van CO2 te laag is. We ontwikkelen een vorm van CO2-beprijzing die daadwerkelijk prikkelt tot verlaging van de uitstoot, volgens het principe ‘de vervuiler betaalt’.

    Er komt een wettelijke regeling voor inspraak en participatie van omwonenden van windparken en vergelijkbare energieprojecten die de directe leefomgeving beïnvloeden - energiecorporaties krijgen hierin een belangrijke rol. In die regeling komen ook compensatiemaatregelen. Handel in oude windmolens die gericht is op het innen van subsidies voor nieuwe wordt verboden. Om klimaatdoelen te halen zullen we flink meer windenergie moeten opwekken, vooral op zee, waar ook de kostprijs voor deze duurzame energie steeds lager wordt.

    We maken serieus werk van gebruik van restwarmte en stimuleren het gebruik van geothermie. Zowel boven- als ondergrondse opslag van warmte wordt gebuikt om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen. Daarbij moet ook worden gedacht aan opslag van elektrische energie (zoals in elektrische auto’s).

    We maken afspraken om alle woningen energiezuinig en duurzaam te maken. Woningcorporaties gebruiken hun extra investeringsruimte mede om bestaande woningen te verbeteren tot minstens energielabel B in 2021. Dit is goed voor het milieu, maar ook voor de portemonnee van huurders. Woningbezitters die voor hun woning samen met andere woningbezitters een collectief energieplan willen maken, worden daarbij geholpen.

  • Beperk de jacht

    De SP is tegen plezierjacht en wil dat jacht tot het absolute minimum wordt ingeperkt. Daar zijn vele goede redenen voor: Ten eerste: jacht leidt tot heel veel gewonde dieren. Uit onderzoek van Noer en Madsen blijkt dat 36% van de dieren met hagel in het lichaam leeft. Uit onderzoek van Alterra blijkt dat 25 van de 99 gescande ganzen ooit doorzeefd waren, maar het schot hagel had overleefd. Veel dieren raken dus gewond, leven verder met een handicap of creperen langzaam en pijnlijk buiten het zicht. Ten tweede geeft jacht een grote verstoring in de natuur en veroorzaakt onrust en angst onder de dieren. De SP heeft om deze reden bij de Natuurwet een amendement ingediend om jacht in Natura2000 gebieden te verbieden. Ten derde is het zo dat jacht sociale en familiestructuren kapot maakt: zo missen jongen hun ouders en verhongeren. Tot slot komen rondom de jacht veel overtredingen en misstanden voor: roofdieren worden vergiftigd, dieren van buren worden beschoten of klemmen worden neergezet.

    De SP geeft de voorkeur aan beheer door natuurlijk evenwicht boven beheer door jacht. De SP is tegen de plezierjacht en de vrijstellingslijst van vrij bejaagbare soorten wordt wat de SP betreft tot nul beperkt. Alleen in geval van ernstige en wetenschappelijk onderbouwde gevaren voor de volksgezondheid of in geval van grote landbouwschade die niet op diervriendelijke wijze bestreden kan worden, kan jacht in overweging genomen worden. Daarbij moet de uitoefening door professionals in overheidsdienst of onder direct overheidstoezicht plaatsvinden.

  • Kerncentrales en radioactief afval

    De SP is geen voorstander van nieuwe kerncentrales. Daar zijn wij altijd duidelijk in geweest. De overgang naar een duurzame energievoorziening staat ook bij ons centraal.

    De centrale in Borssele gaat zo snel mogelijk dicht. We zetten ons in om de kerncentrales in België snel gesloten te krijgen en onze buren te helpen bij een overstap naar alternatieve energie. We gaan werken aan een concreet actieplan voor de verwerking, opslag en eindberging van al ons nucleaire afval.

  • Klimaatverandering: voorkomen en aanpassen

    De opwarming van de aarde kan grote gevolgen hebben voor Nederland, omdat het voor een groot deel onder de zeespiegel ligt. Er zijn twee taken: voorkomen en aanpassen.

    Voorkomen kunnen we niet in ons eentje, maar dat is geen reden niets te doen.

    Voor 2050 willen we een CO2-neutrale samenleving hebben. Dit bereiken we door concrete en afdwingbare maatregelen die voortvloeien uit het Klimaatakkoord van Parijs (december 2015). We leggen per sector een tijdpad vast om in 2050 CO2-neutraal te zijn - en in 2030 minstens halverwege. We zetten in op de overgang naar duurzaam opgewekte energie in plaats van fossiel, schone auto’s, meer gebruikmaken van het openbaar vervoer en de fiets, minder vlees eten.

    Deze overgang naar duurzame energie vindt plaats mét en niet ondanks de mensen. Investeringen in duurzaamheid moeten leiden tot meer werkgelegenheid, gerichte scholing en lagere lasten voor mensen met een middeninkomen of lager inkomen. We vergroten de betrokkenheid van mensen bij het ontwikkelen en uitvoeren van duurzame projecten.

    Om dit alles te realiseren is een Klimaat- en energiewet nodig, met een langlopend fonds om dit los van korte termijn denken te kunnen realiseren.

    Aanpassen zit in de sfeer van het overstromingsbestendig maken van de laaggelegen gebieden van Nederland en het klaar hebben liggen van vluchtroutes en –plekken. Het eerste krijgt aandacht in de Deltawet, maar het laatste moet flink verbeteren, want onderzoek laat zien dat de bevolking zich niet genoeg bewust is hoe te handelen bij een overstroming. Er is onderzoeksgeld nodig om met name de aanpassingsmogelijkheden te verbeteren en daarmee het risico van schade en verlies aan mensen- en dierenlevens te verkleinen.

    Ook gebruiken wij onze kennis om andere landen te helpen bij de sprong naar duurzame ontwikkeling en bij de noodzakelijke aanpassingen om zich tegen de gevolgen van klimaatverandering te beschermen.

  • Een gezonde agrarische sector met eerlijke prijzen

    De SP is voor boerenlandbouw en niet voor doorgeschoten industrialisatie van de agrarische sector met eindeloze schaalvergroting en excessen als megastallen. Europese landbouwsubsidies komen in hogere mate terecht bij de rijkeren en benadelen ook nog eens ontwikkelingslanden. Deze subsidies moeten worden afgebouwd. De SP wil dat boeren een eerlijke prijs krijgen door eerlijke handelspraktijken, betere margeverdeling en quotering. Met diervergunningen kunnen ongewenste schaalvergrotingen zoals megastallen worden tegengehouden.

    Daarnaast vindt de SP het prima dat boeren betaald worden voor milieu- en waterbeheer. De SP wil geen dumping van landbouwoverschotten in ontwikkelingslanden en geen landbouwsubsidies die ontwikkelingslanden benadelen. Importtarieven voor goede, duurzame producten moeten worden verlaagd of afgeschaft. Importtarieven op foute producten moeten worden behouden of verhoogd, zodat eerlijke producten gemakkelijk de markt op kunnen, maar onze boeren beschermd worden tegen valse concurrentie van foute producten. Import van legbatterijeieren wordt verboden. Legbatterijen zijn in de Europese Unie verboden, dus dan is het oneerlijk als er wel legbatterijeieren geïmporteerd mogen worden.

    Er moet snel een verduurzamingsslag gemaakt worden in de veehouderij waarbij we gaan naar een duurzame, diervriendelijke manier van dieren houden. De veehouderij dient de draagkracht van de natuur en de mensen in de omgeving niet te overschrijden. Dieren moeten hun natuurlijke gedrag kunnen vertonen. Een koe hoort in de wei, een kip moet kunnen scharrelen en een varken moet kunnen wroeten. De veehouderij moet aangepast worden aan de natuurlijke behoeften van het dier, en niet andersom. De schaalgrootte van de veehouderij moet passen in de omgeving.

    De SP is voor regionalisering van de landbouw en voedselsoevereiniteit. De groeiende macht van multinationals over boeren, zaaigoed en voedsel moet worden tegengegaan. Boeren horen een eerlijke prijs te krijgen voor een eerlijk product. Het verschil tussen de prijs die de boer krijgt en de prijs in de supermarkt is te groot. Verkoop onder de kostprijs wordt aangepakt, eventueel in combinatie met quoteringsmaatregelen.

    De SP zet zich in voor leefbaarheid en armoedebestrijding op het platteland. We willen een diverse en levendige plattelandseconomie. Voorzieningen als winkels, scholen, buslijnen en pinautomaten moeten blijven.

  • Schonere lucht, minder afval en milieucriminelen aanpakken

    Milieu is een veelomvattend begrip. Ondanks een toegenomen milieubewustzijn en strengere regels is de mens nog altijd de grote veroorzaker van milieuproblemen. Dit tast óf de eigen gezondheid en die van anderen aan, óf die van bodem, water, plant en dier. We maken een aanvalsplan voor milieu gerelateerde gezondheidsschade. De verdere sanering van asbest en het ondersteunen van asbestslachtoffers staan hierbij centraal, evenals de recentere lycra- en teflonzaken. We versterken de Inspectie Leefomgeving en Transport, zodat ook beter kan worden gehandhaafd. De SP wil milieucriminaliteit, zoals illegale dumping en gesjoemel met stookolie hard aanpakken.

    Veel milieuproblemen zijn grensoverschrijdend en moeten daarom ook grensoverschrijdend worden aangepakt. Bindende Europese afspraken daarover zijn nodig.

    Schonere lucht

    De lucht die we inademen bevat vooral in binnensteden, rond industrieterreinen, snelwegen en veehouderijen teveel stikstofoxiden en fijnstof. Dat moet verder omlaag gebracht worden, daarbij richten we ons op de WHO-normen (VN-Wereldgezondheidsorganisatie). Waar men dat nodig acht moeten in steden en langs drukke wegen meer meetpunten worden ingericht. De SP wil dat er landelijke maatregelen komen om de luchtkwaliteit te beschermen. Een landelijk programma om steden te vergroenen en te verduurzamen kan daar onderdeel van zijn. Het moet minder vanzelfsprekend worden dat een auto de binnenstad inkomt. Dit kan prima met P+R terreinen en goedkope, snelle OV verbindingen. Wanneer de verkeersintensiteit van autoverkeer in de stad afneemt geeft dat de meeste winst voor schone lucht.

    Verder zet de SP maximaal in om mensen te stimuleren om elektrisch te rijden. Helaas is dit nog steeds kostbaar en daardoor voor weinig mensen weggelegd. Maar ook de elektrische fiets en scooter bieden mogelijkheden. Als een stad haar inwoners stimuleert om hun vieze scooter te vervangen door een elektrische, scheelt dit enorm veel in uitstoot van fijnstof.

    Lees ook: 'Alternatief milieuzone'

    Pak milieucriminaliteit aan

    De SP maakt zich blijvend hard voor het saneren van asbest en het bieden van steun aan asbestslachtoffers. We zijn ook alert op ongezonde arbeidsomstandigheden (bijvoorbeeld in de bouw) en het gebruik van schadelijk landbouwgif. Bestrijdingsmiddelen die voor mens en dier gevaarlijk zijn, zoals glyfosaat (RoundUp) en neonicotinoïden, verbieden we.

    Bij stoffen waar een mogelijk groot risico bestaat, gaan we uit van het voorzorgprincipe.

    Incidenten zoals bij ChemiePack, Shell en DuPont zorgen voor veel onrust bij (ex)-werknemers en omwonenden. De chemiesector is kwetsbaar. Milieuregels moeten dan ook strikt worden nageleefd, voor bedrijven die een loopje nemen met de veiligheid is geen ruimte. Goed onafhankelijk toezicht en strenge handhaving hierop is essentieel.

    Voor sommigen is het aanlokkelijk milieuregels te ontduiken. Zo wordt er op steeds grotere schaal drugsafval gedumpt, worden containers niet altijd milieuvriendelijk ontgast en wordt er geknoeid met afgewerkte stookolie. Toezicht en handhaving zijn essentieel om dit tegen te gaan. De SP ziet graag meer aandacht voor het vak van toezichthouder en handhaver. Inspecteur wordt weer een mooi, gerespecteerd vak. Dit betekent investeren in het vergroten van deskundigheid en mankracht van de inspectie. We versterken dan ook de Inspectie Leefomgeving en Transport, zodat er ook beter gehandhaafd kan worden.

    Verwijder de plastic soep

    De SP maakt zich hard voor de verbetering van het milieu in internationaal verband. De plastic soep in de Stille Oceaan moet verwijderd worden, gebruik van (micro)plastics fors teruggedrongen. Het initiatief van de jonge student uit Delft om middels een drijvende installatie van lange drijvende armen de rotzooi op te ruimen, The Ocean Cleanup, verdient alle ondersteuning. Verder moet de hoeveelheid plastic afval drastisch worden verminderd. Zo heeft de SP het voorstel gedaan om zo snel mogelijk te komen tot biologisch afbreekbare plastics in verpakkingsmateriaal, zijn wij voor uitbreiding van het statiegeldsysteem met ook kleine PET-flesjes en hebben we het verbod op plastic tasjes gesteund. Ook moet er wat ons betreft een Europees verbod komen op microplastics. Onze SP-ballonnen zijn trouwens 100% biologisch afbreekbaar!

    Tropische bossen moeten duurzaam beheerd worden en in tropische steden is behoefte aan afvalbeleid. Meren en rivieren zijn in veel delen van de wereld enorm vervuild als gevolg van de winning van delfstoffen. Dat schaadt land en water, maar ook mens en dier zelf. Nederland kan een belangrijke bijdrage leveren aan het oplossen van mondiale milieuproblemen op terreinen waar we goed in zijn. We helpen andere landen met het voorkomen en oplossen van milieuproblemen, door onze expertise in te zetten.

  • Natuur in een klein land

    De natuur in Nederland staat onder druk. Het aantal soorten dieren en planten neemt snel af (biodiversiteitsverlies). Natuur is belangrijk voor het welbevinden van mensen. Daarom moet de natuur van de Ecologische Hoofdstructuur (Nationale Natuur Netwerk) inclusief de verbindingszones snel gerealiseerd worden. De kabinetten Rutte hebben onverantwoord bezuinigd op de natuuruitgaven. Hierdoor komt er 50.000 hectare minder natuur dan gepland.

    Ook worden de Beschermde Natuurmonumenten niet langer beschermd. De SP wil dit in ere herstellen en ook gemeenten de mogelijkheid geven om gemeentelijke Natuurmonumenten in te stellen.

    Rondom de belangrijkste natuurgebieden - de Natura2000 - wil de SP een bufferzone vestigen waarin duurzame landbouw bevorderd wordt. Hierdoor worden meer natuurdoelen bereikt. Groen in en om de stad is cruciaal voor de leefbaarheid. Bestaand groen moet zoveel mogelijk behouden blijven en toegankelijk worden.

    De SP is een groene partij. SP Tweede Kamerlid Henk van Gerven is in 2013 door Natuurmonumenten uitgeroepen tot Groenste Politicus, onder andere vanwege zijn verzet tegen de halvering van het natuurbudget en de gedwongen verkoop van natuurgronden van Staatsbosbeheer. Deze verkoop is inmiddels afgeblazen mede door het protest. De SP is voor het behoud van recreatiegroen voor stedelingen.

    De SP heeft middels een initiatiefnota ‘Een stap vooruit’ voorstellen gedaan om wandel- en fietsmogelijkheden voor recreanten te verbeteren, bijvoorbeeld door het lange afstand wandel- en fietspaden netwerk te verbeteren. Dankzij de SP wordt extra geïnvesteerd in biologische natuurvriendelijke landbouw. In 2014 kreeg SP-er Johan van der Hout, gedeputeerde in Noord-Brabant, de prijs van Groenste Politicus, vanwege zijn inspanningen voor de natuur in Brabant. Eerder kreeg SP Kamerlid Hugo Polderman (2008) deze titel.

    De SP wil af van de vermeende tegenstelling tussen natuur en landbouw. Het Nationale Natuur Netwerk moet ecologische randvoorwaarden scheppen over welke soort van landbouw er bij kwetsbare natuur kan plaats vinden. Zo krijgen we een natuurlijke zonering van het groene open gebied van Nederland, waarbij natuur en landbouw met elkaar verweven zijn. In de Noordzee worden grote beschermde natuurgebieden planologisch vastgelegd om natuurherstel en herstel van de visstand te bevorderen.

  • Samen bepalen hoe we het land inrichten

    Ruimtelijke ordening is de manier waarop we het land inrichten: stad, dorp, ommeland en buitengebied, van groenstrookje en parkje in de wijk tot dagcamping en groter natuurgebied. In een klein, dichtbevolkt land is het cruciaal voor de leefbaarheid dat gebouwen, wegen, groen, water een goede ruimtelijke samenhang hebben die kwaliteit biedt voor de mens en bescherming voor plant, dier en bodem. Lege kantoren en verloederde bedrijventerreinen, wegzakkende veenweiden, kustbebouwing, gas- en zoutwinning onder de Waddenzee, grote windparken rondom dorpen, outletcentra in het weiland waardoor nabijgelegen dorps- en stadscentra verkommeren zijn allemaal voorbeelden van niet-duurzame ruimtelijke ordening.

    Waar de Randstad te maken heeft met bevolkingsgroei, hebben veel andere regio’s te maken met bevolkingskrimp, in combinatie met vergrijzing en ontgroening van de bevolking. Dit vraagt om een specifiek beleid en andere keuzes ten aanzien van woningbouw, scholen en zorginstellingen, bedrijfsterreinen (waaronder winkels en kantoren) en openbaar vervoer. De gemeenten en provincies krijgen meer ruimte voor regionale keuzes, die waar nodig door het Rijk met wetgeving en financiën zullen moeten worden ondersteund.

    Het grondbeleid gaat op de schop. De voorwaarden waaronder projectontwikkelaars grond kunnen verwerven worden scherper. Bouw van kantoren en bedrijventerreinen wordt niet toegestaan wanneer daar geen duidelijke vraag naar is. We stimuleren woningcorporaties om leegstaande woningen in krimpgebieden op te kopen, om het verlies aan ruimtelijke kwaliteit van dorpen en het platteland tegen te gaan.

    Goed bodemgebruik en grondpolitiek is één van de punten waar de SP zich sterk voor maakt.

    Zie voor meer onze boeken 'Begane grond' en 'De laatste boer'

  • Een einde aan overbevissing

    De zee brengt ons voedsel en rijkdom. Dat willen we graag zo houden. Door overbevissing wordt er veel geld misgelopen en blijft er niet genoeg vis met reproductiecapaciteit over voor volgende generaties. Daarmee ontzeggen we toekomstige generaties toegang tot natuurlijke bronnen en schieten we onszelf in de voet. Uitgangspunt van de SP is om niet meer te vissen dan de maximale duurzame opbrengst. Visbestanden moeten zichzelf kunnen reproduceren alvorens ze worden opgevist. Dit moet zo snel mogelijk bereikt worden. In de Noordzee wil de SP grote beschermde natuurgebieden planologisch vastleggen om natuurherstel en herstel van de visstand te bevorderen.

    Van de prijs die de consument in de winkel betaalt, komt er maar een klein deel bij de visser terecht. De SP wil een eerlijkere verdeling van de winst over de verschillende schakels in de keten. Hierdoor moet de marktmacht van primaire producenten worden versterkt, misbruik van inkoopmacht worden aangepakt en transparantie worden vergroot. Daarnaast willen we een ombudsman, specifiek voor boeren, tuinders, vissers en andere zelfstandige ondernemers in Nederland die klachten rondom oneerlijke handelspraktijken en inkoopmacht onderzoekt en aanpakt.

    Naar schatting van de voedselorganisatie van de VN (FAO) werd er 900.000 ton van de op de Noordzee gevangen vis weer dood teruggegooid in zee. Inmiddels wordt deze schadelijke praktijk beëindigd door het gefaseerd invoeren van een Europese aanlandplicht. De SP is voor het verbod hierop en wil dat voor alle vangsten wordt vastgehouden aan de aanlandingsplicht voor alles wat niet meer levensvatbaar is. Het dood teruggooien in zee van pas opgevangen vis omdat deze niet economisch rendabel genoeg is, moet met effectieve inzet van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit en waar mogelijk met cameratoezicht en volledig gedocumenteerde visserij, effectief worden bestreden. Parallel daaraan moet geïnvesteerd worden in aanpak bij de bron, namelijk in innovatie voor een selectievere, duurzamere en diervriendelijkere visserij. Voor alle vissoorten moeten lange termijn beheerplannen worden opgesteld zodat op een duurzame manier gevist kan worden.

    Bij de vangst moet voorkomen worden dat vissen onnodig lijden. Zo wil de SP dat onderzoek gedaan wordt naar humane dodingsmethoden. In Nederland moet stroperij worden aangepakt door een effectieve inzet van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Viskweek dient uiterst zorgvuldig ontwikkeld te worden, zodat het niet uitgroeit tot een nieuwe vorm van bio-industrie. Het voeren van kweekvissen met in het wild gevangen vissen of vismeel dient zoveel mogelijk voorkomen te worden, omdat dit de visstand alsnog negatief beïnvloedt.

    De SP zet zich in voor vissers in ontwikkelingslanden die hun zeeën leeggeschept zien worden door gesubsidieerde Europese supertrawlers en wil onder andere de schepen uit de 15 mijls kustzone weren. Er moeten geen visserijakkoorden met arme landen worden afgesloten die schadelijk zijn voor de visstand, het ecosysteem, de lokale bevolking of de regionale economie.

  • Investeren in water

    Nederland is vervlochten met water en geniet op dit terrein internationale faam. Een deel van onze welvaart danken we aan de handel en het transport over water. Miljoenen Nederlanders wonen in een laaggelegen delta en willen droge voeten houden. De SP wil blijven investeren in onze waterwerken zodat we de gevolgen van een stijgende zeespiegel en grotere pieken en dalen in de afvoer van de rivieren kunnen opvangen.

    Het blijven ontwikkelen van expertise op dit gebied (zowel techniek als beheer) ziet de SP ook een belangrijk exportproduct. Zo kunnen we andere landen helpen bij de strijd tegen het water.

    De ecologische kwaliteit van grond- en oppervlaktewater is van groot belang en de SP steunt daarom de Europese wetgeving op dit gebied (nitraatrichtlijn, kaderrichtlijn water). We investeren extra in de grote wateren. Op zee komt een aaneengesloten netwerk van natuurgebieden.

    Drinkwaterwinning is van essentieel belang. In winningsgebieden vindt geen concurrerend gebruik van de ondergrond plaats dat de waterkwaliteit negatief beïnvloedt. We treden hard op tegen lozingen van drugsafval, landbouwgif en andere vervuiling van grond- en oppervlaktewater.

    Ook vervuiling als gevolg van medicijnresten gaan we tegen. Tenslotte is meer onderzoek nodig hoe legionellabesmetting en vervuiling als gevolg van bijvoorbeeld bouwafval en fosfaten in de rioolzuivering kan worden tegengegaan.

    Verder dient uiterst terughoudend te worden omgegaan met het afsluiten van particulieren die niet in staat zijn hun rekening te betalen omdat toegang tot drinkwater een basaal recht is.

Internationale zaken

  • Een twee-statenoplossing voor Israël en Palestina

    De SP is voorstander van een twee-statenoplossing, zoals dit in resoluties van de VN is vastgelegd. Onderhandelingen moeten tot dit resultaat leiden.

    Omdat onderhandelingen onder Amerikaanse leiding herhaaldelijk zijn mislukt, is het van belang dat andere spelers, waaronder de EU, hier nu meer het voortouw in nemen.

    De SP houdt vast aan uitvoering van eerdere resoluties van de VN en van het internationaal recht. Wanneer partijen zich hier niet aan houden, worden die veroordeeld. Zolang Israël bijvoorbeeld doorgaat met het illegaal bouwen van woningen in bezet Palestijns gebied moeten maatregelen hiertegen genomen worden. Dat kan onder meer door het opschorten van de associatieovereenkomst die Israël belastingvoordeel geeft bij export naar de landen van de EU. De Nederlands-Israëlische betrekkingen moeten niet geïntensiveerd worden zolang Israël doorgaat met het schenden van het internationale recht. De SP veroordeelt de raketaanvallen van Hamas op burgerdoelen

    Lees ook: Het beloofde land, het beroofde land (PDF)

     

  • Maak van de NAVO geen agressieve interventiemacht

    De SP is tegen de ontwikkeling van de regionaal gerichte oude Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) naar een wereldwijd opererende NAVO als offensieve en agressieve interventiemacht. Daarom werkt de SP niet mee aan het huidige NAVO-plan voor een raketschild, dat onze veiligheid eerder verkleint dan vergroot door toename van tegenstellingen met landen buiten de NAVO.

    We bepleiten verdergaande internationale samenwerking om vrede en veiligheid mondiaal beter te bewaken en te beschermen. De SP wil ook dat de NAVO haar nucleaire doctrine laat varen, omdat die niet bijdraagt aan het behoud en het bevorderen van vrede en veiligheid. Alle Amerikaanse kernwapens op ons grondgebied moeten retour gezonden worden.

    Lees ook: Waarheen met de NAVO? (PDF)

  • Omstreden wapens aan banden leggen

    De SP vindt dat de inzet van op afstand bestuurde bewapende onbemande vliegtuigen, drones, beperkt moet worden omdat dit wapensysteem de drempel voor de inzet van dodelijk geweld verlaagt en in de praktijk veel burgerslachtoffers maakt.

    Drone oorlogvoering pakt daarnaast gemakkelijk contraproductief uit. Internationaalrechtelijk zijn dergelijke luchtaanvallen bovendien geregeld omstreden. Inzet van wapens die volledig autonoom op kunnen treden, zonder tussenkomst van mensen, zou verboden moeten worden. Verder moet er een stop komen op de productie en het gebruik van wapens met verarmd uranium en is het van groot belang dat er scherp wordt toegezien op naleving van het internationaal verdrag tegen clustermunitie.

  • Een nieuwe kijk op ontwikkelings- samenwerking

    We reserveren elk jaar vijf miljard euro voor een samenwerkingsagenda. Dit bedrag zetten we in op vijf onderwerpen die elk goed zijn voor één miljard euro per jaar: noodzorgjonggeld en groen. Behalve nood beperkt de agenda zich tot Afrika. Niet dat elders geen samenwerking nodig is, maar door een duidelijke keuze te maken wordt de helderheid en effectiviteit van de bestedingen groter.

    Binnen het samenwerkingsprogramma wordt met één of twee landen, die achterop blijven, een intensieve relatie onderhouden. We nemen afscheid van bedrijvenfondsen, medefinancieringsprogramma’s en de willekeurige partnerlanden. De discussie over handel die hulp moet vervangen, zetten we bij het grofvuil. Op deze manier stappen we over naar een dynamische vriendschapsband met Afrika: van een meester-knecht naar een broer-zus relatie. 

  • Geen nieuwe Koude Oorlog

    Nederland zou een initiatief moeten nemen om te zoeken naar mogelijkheden tot de-escalatie van de hoog opgelopen spanningen met Rusland. Het is van groot belang dat de dialoog met Rusland wordt geïntensiveerd. Heropleving van de Koude Oorlog en een bijbehorende wapenwedloop moeten worden voorkomen.

    Zie ook: SP zegt NEE tegen associatieverdrag met Oekraïne

  • Los internationale conflicten op via de Verenigde Naties

    De invloed van de Verenigde Naties is de afgelopen periode flink uitgehold. De eenzijdige oorlog tegen Irak in 2003 en de discussie over de door de VN gemandateerde interventie in Libië zijn uitdrukkingen van de crisis waarin de veiligheidspolitiek in de wereld zich nog steeds bevindt. Het blijft noodzakelijk de Veiligheidsraad te hervormen. Van groot belang is dat de VN blijft trachten internationale ontwikkelingen en conflicten via de VN te laten regelen en oplossen.

Nederland en Europa

  • Democratie betekent luisteren naar burgers

    Belangrijke nieuwe stappen in de Europese samenwerking, zoals belangrijke verdragswijzigingen en substantiële soevereiniteitsoverdracht, moeten voortaan via referenda aan de burgers worden voorgelegd. Mocht er een nieuw Europees verdrag komen, dan zal dit ook worden voorgelegd aan de bevolking. Daarnaast moeten burgers gemakkelijker toegang krijgen tot informatie over de besluitvorming in Brussel: documenten moeten kunnen worden opgevraagd en de websites van de Europese instellingen moeten veel toegankelijker worden.

  • Sociaal en solide economisch beleid, in plaats van Brussels begrotingsfetisjisme

    De afgelopen jaren heeft Nederland steeds meer van haar bevoegdheden overgedragen aan de EU. Zowel aan het begin van het jaar, als vlak na Prinsjesdag, stuurt de regering een voorstel naar de Europese Commissie voor de Nederlandse begroting van het volgende jaar. Als de eurocraten niet blij zijn met wat ze zien, worden de Nederlandse ministers op de vingers getikt. Dit kan zelfs leiden tot boetes. De regering laat zich gewillig leiden door dit Brusselse begrotingsfetisjisme. Om maar aan de Brusselse 3%-norm te kunnen voldoen wordt bikkelhard bezuinigd op de zorg en andere sociale voorzieningen, en loopt de BTW enorm op.

    De SP wil dat de Tweede Kamer over het Nederlandse economisch beleid gaat. Het doel moet niet zijn om op korte termijn aan de 3% te voldoen, maar om op lange termijn een sociaal en solide beleid te voeren. In tijden van recessie moet er juist worden geïnvesteerd, en moet worden getracht om banen te behouden en de koopkracht overeind te houden. Brussel moet zich daar helemaal niet mee bemoeien. Partijen met een bezuinigingsagenda zetten het argument in dat ze daarmee de euro zouden redden. Het tegendeel is waar. Landen hebben last van elkaars bezuinigingen. Meer bezuinigingen en minder koopkracht in het ene land betekent minder export in het andere land. De doorgeschoten bezuinigingsdrift heeft de problemen in landen als Griekenland, Spanje en Ierland verergert.

    Het Stabiliteits- en Groeipact moet op de schop. De 3%-norm voor het begrotingstekort en de 60%-norm voor de staatsschuld zijn willekeurig, terwijl ze als heilig worden beschouwd. Daardoor kunnen de normen averechts werken voor een overheid, wanneer het juist nodig is investeringen te doen om de economie op gang te helpen. Meer flexibiliteit en nieuwe indicatoren kunnen overheden de nodige ruimte bieden om economisch beleid te voeren dat tegemoet komt aan de noden van het land. Het heeft geen zin om totaal verschillende landen in dezelfde financieel-economische mal te willen proppen.

  • De EU eerlijker, socialer en menswaardiger

    De Europese Unie brengt ons al ruim 50 jaar vrede en welvaart. Samenwerking in Europa is ook broodnodig om mondiale problemen aan te pakken zoals klimaatveranderingen en grensoverschrijdende criminaliteit. Samen sta je sterker. Helaas loopt de huidige Europese Unie aan de leiband van grote bedrijven en grote landen. De vakbeweging, het mkb en de milieu- en consumentenorganisaties delven vaak het onderspit. Daardoor zijn in Brussel allerlei neoliberale maatregelen genomen die hebben geleid tot het ondermijnen van de verzorgingsstaat, een neerwaartse druk op lonen en arbeidsvoorwaarden, en de privatisering van publieke diensten. Ook is de Europese Unie met steeds meer landen uitgebreid die daar achteraf gezien niet klaar voor waren. Sinds 2004 kwamen er in tien jaar maar liefst 13 nieuwe EU-leden bij. De SP zet zich er voor in om de EU eerlijker, socialer en menswaardiger te maken. Het overhevelen van bevoegdheden en de uitbreiding met nieuwe landen moet op voldoende draagvlak onder de bevolking kunnen rekenen. Bij belangrijke besluiten moet zij zich hierover via referenda of verkiezingen kunnen uitspreken. Binnen de Europese Unie moeten besluiten zo dicht mogelijk bij de burger worden genomen. Lidstaten moeten dan ook de ruimte krijgen om zaken die niet per se grensoverschrijdend zijn, zoals onderwijs en zorg, zelf te bepalen. Wij willen samenwerken waar het nuttig en nodig is, maar de baas blijven over alles wat we beter zelf kunnen regelen. Om Europa socialer te maken moet er meer gedaan worden om de belastingconcurrentie tussen lidstaten tegen te gaan. De vrijheid van de financiële sector moet drastisch worden ingeperkt. Economische coördinatie is nodig om welvaartverschillen tussen lidstaten, die onder andere leiden tot schadelijke arbeidsmigratie, te verminderen. Door hier afspraken over te maken, zorgen we voor een meer sociale, veilige en duurzame EU. Wat de SP betreft is de menselijke maat weer leidend in Europa. De Brexit was, naast kritiek op decennia van neoliberaal beleid in het VK, ook een uiting van misgenoegen over de EU. Daar moet de EU zich iets van aantrekken. Het is hoog tijd om de EU flink te hervormen en ons in te spannen voor een sociale EU, bijvoorbeeld via de Raad van Europa. Wij zetten in op een nieuw verdrag, en leggen daarbij vier eisen op tafel: de Commissie wordt een uitvoerend orgaan, het Stabiliteits- en Groeipact moet op de schop, landen mogen beperkingen opleggen aan de interne markt en er vindt geen bevoegdheidsoverdracht plaats zonder de bevolking per referendum te raadplegen.
  • EU-begroting

    De totale uitgaven van de EU zijn de laatste jaren opgelopen tot meer dan 140 miljard per jaar. De SP vindt dat de EU toe kan met ongeveer de helft van dat bedrag. Bovendien is hier sprake van het zinloos rondpompen van geld. Zo is het onbegrijpelijk dat Nederland eerst geld naar Brussel moet overmaken als ‘nationale bijdrage’ en er daarna via de vele fondsen van de Europese Unie weer geld terugvloeit. Dit is niet efficiënt en bovendien enorm bureaucratisch: niet alleen moet er in Brussel druk worden gelobbyd om zoveel mogelijk geld uit de fondsen te peuren, maar de verantwoording achteraf betekent opnieuw een enorme administratieve rompslomp. Bovendien worden er jaarlijks miljarden aan Europees geld verspild. Subsidies voor fietspaden, picknickplaatsen en projecten die de Europese identiteit opbouwen zijn volgens de SP geen zaken waar Brussel geld aan uit moet geven. De fondsen zouden uitsluitend gericht moeten zijn op de armste lidstaten.

    Ook moet er meer gewerkt worden met nationale accountantsverklaringen om het misbruik tegen te gaan. Jaar na jaar keurt de Europese Rekenkamer de jaarrekeningen van de Commissie af, juist vanwege het onrechtmatig gebruik van de fondsen door lidstaten. Vooral in Bulgarije, Roemenië en Hongarije is deze situatie ernstig vanwege de banden tussen lokaal bestuur en georganiseerde misdaad. Bovendien wordt er veel geld verspild aan projecten die niets opleveren. Denk bijvoorbeeld aan de spookvliegvelden in Polen. Deze situatie ondermijnt het vertrouwen in Europa en moet snel beëindigd worden. Wat de SP betreft wordt iedere onterecht uitgekeerde euro aan subsidie terugbetaald.

  • De Euro

    De invoering van de euro was ondoordacht en onverantwoord. Omdat de verschillen tussen de landen in Europa te groot zijn, heeft de SP zich hiertegen verzet, in het belang van de economie en het behoud van de soevereiniteit van de lidstaten. Ondanks de grote verschillen tussen de economieën en tegen de wil van de bevolking, werd de munt erdoorheen gedrukt. Landen verloren hierdoor de mogelijkheid om een eigen monetair beleid te voeren. Het invoeren van één munt om eenwording van Europa af te dwingen heeft juist als een splijtzwam gewerkt.

    Zuid-Europese lidstaten zijn door de euro te duur geworden voor het buitenland en hebben hun export zien wegzakken. De lagere overheidsinkomsten hebben geleid tot hogere begrotingstekorten en overheden die zich steeds meer in de schulden hebben gestoken, aangemoedigd door een lage rente als gevolg van de euro.

    Eenwording van landen in Europa kan niet door een gezamenlijke munt worden afgedwongen. Een munt is een middel, geen doel. De monetaire unie en onze deelname aan de eurozone mag er echter niet toe leiden dat we nationaal de eindverantwoordelijkheid over ons beleid verliezen. Het beleid moet daarom drastisch worden omgegooid. Doorgaan met het huidige beleid is een doodlopende weg en zal uiteindelijk leiden tot de ondergang van de euro. Om daar op voorbereid te zijn en te zorgen voor een zachte landing, is een noodplan nodig om de overgang gecontroleerd te laten verlopen en moet er worden gewerkt aan alternatieven voor de euro.

  • Minder macht voor de Europese Commissie

    De Europese Commissie is op dit moment de enige instelling in de Europese Unie die nieuwe wetsvoorstellen kan indienen. Deze 28 eurocommissarissen, uit elk land één, worden door sommige eurofielen ook wel de Europese Regering genoemd, en haar voorzitter de President van Europa. Gelukkig is het nog niet zo ver.

    De Europese Commissie noemt zichzelf de beschermengel van het verdrag van Lissabon, en gebruikt dit verdrag om haar macht zo groot mogelijk te maken. De Europese Commissie is enorm populair bij de multinationals, die buiten de openbaarheid lobbyen voor wetgeving in hun voordeel. Denk bijvoorbeeld aan het biotechnologie-bedrijf Monsanto, dat het bijna voor elkaar kreeg om de Europese Commissie een voorstel te laten doen waarmee het verboden zou worden voor andere bedrijven om zelf zaadjes te kweken, of aan het Volkswagenschandaal rondom de “sjoemelsoftware”, waarbij de Commissie veel eerder had moeten ingrijpen.

    De SP wil af een Europese Commissie die steeds meer macht naar zich toetrekt. In plaats daarvan kunnen landen beter zelf voorstellen doen voor Europese wetgeving. Dan komen er geen voorstellen meer die enkel als doel hebben de Eurocommissarissen nog machtiger te maken, of het bedrijfsleven nog meer winst te laten maken, maar plannen die voortkomen uit problemen die de landen zien en waarbij zij het nodig vinden om over de grens samen te werken.

  • Voor Europese samenwerking, tegen een ondemocratische EU

    De Europese Unie is een samenwerkingsverband van nationale lidstaten. Dat is een goede zaak en kan op de steun van de SP rekenen. De Raad van Ministers en de Europese Commissie zijn er om dat samenwerkingsverband zo goed mogelijk te laten functioneren, ten behoeve van de inwoners van de lidstaten. Pogingen om de Europese Unie te doen uitgroeien tot een superstaat, wijzen we echter af. Een Europese superstaat wordt niet gewenst door de inwoners van de Unie en dient hun belangen ook niet, maar veeleer die van de grote bedrijven.

    De SP is groot voorstander van Europese samenwerking, maar wijst de huidige ondemocratische EU af. We willen geen Europese Superstaat en geen Europese regering. In plaats van een dominante, initiatief nemende en ideologisch sturende Commissie willen wij een orgaan dat zich beperkt tot het uitvoeren van door lidstaten genomen besluiten. De Commissie dient politiek aangestuurd te worden door de nationale lidstaten, door hun regeringen en parlementen, en door het Europees Parlement. Een bescheiden Commissie met minder macht en minder taken zal ook zorgen voor een drastische vermindering van de Brusselse bureaucratie. Zolang dat nog niet gebeurd is, maken we ons er sterk voor dat het Europees Parlement individuele Commissieleden naar huis kan sturen.

    De ingewikkelde en trage besluitvorming in Brussel maakt het proces vaak ondoorzichtig en moeilijk te beïnvloeden voor nationale parlementariërs. De SP is er dan ook niet voor bevoegdheden in Brussel neer te leggen, als dit niet strikt noodzakelijk is. Wij zijn er juist voorstander van om zaken zo dicht mogelijk bij de mensen te regelen: op wijk-, lokaal of landelijk niveau als het kan en alleen voor grensoverschrijdende zaken Europees.

    Tegelijkertijd maakt de SP gebruik van alle mogelijkheden die er zijn om het beleid in Brussel democratisch te beïnvloeden: via onze Tweede Kamer fractie controleren we de inbreng van de Nederlandse regering. In het Europees Parlement controleert de eurofractie de inbreng van de Europese Commissie en van de Raad (de lidstaten samen). Daarnaast werken we samen met organisaties zoals de vakbonden en ngo’s en proberen we op beslissende momenten de bevolking te mobiliseren. Zo was de SP in 2005 de drijvende kracht in het verzet tegen de Europese Grondwet, en voerden we een succesvolle campagne tegen het associatieakkoord met Oekraïne. Ook zetten we de strijd tegen handelsverdragen als CETA en TTIP voort.

  • Voordelen van Europese interne markt niet alleen voor grote ondernemingen

    Goederen kunnen in Europa vrij verhandeld worden. Dat levert een positieve bijdrage aan onze welvaart omdat er binnen Europa geen invoerrechten meer hoeven worden te betaald.

    Maar de interne markt kent ook nadelen. Onder druk van het neoliberalisme heeft de Europese Unie de lidstaten gedwongen hun publieke sector en sociale voorzieningen uit te kleden en af te breken. Steeds meer sectoren zijn daarbij opengesteld voor marktwerking. Dat heeft zware gevolgen voor de kwaliteit en samenhang van de samenleving.

    Economische samenwerking in de Europese Unie zou het algemeen belang van alle burgers en niet het eigen belang van grote ondernemers en mensen met veel geld moeten dienen.

    De SP maakt zich in Den Haag en Brussel hard om te zorgen dat maatregelen uit Brussel de echte ondernemers helpen in plaats van hinderen. Zo wil de SP dat er goed wordt gekeken naar de regels voor openbare aanbestedingen en bedong de SP verschillende uitzonderingsregels voor kleine ondernemers.

    Vaak wordt door voorstanders van meer markt gemeld dat de voordelen voor consumenten gigantisch zullen zijn. Toch blijkt keer op keer dat vooral de winst voor de grote bedrijven toeneemt en niet de prijs voor de consument lager wordt, of de service verbeterd wordt. Het dogma van 'meer markt is goed voor de maatschappij' is een sprookje gebleken. Daarom moet voortaan van te voren ook beter worden gekeken naar de belangen van consumenten.

    Europa en Amerika zijn al jaren aan het onderhandelen over TTIP, het Translatlantic Trade and Investment Partnership. Met dit verdrag wordt de interne markt uitgebreid naar één vrijhandelsgebied tussen de Verenigde Staten en Europa. De SP voorziet dat hiermee onze Europese standaarden onder druk komen te staan. Arbeidsvoorwaarden, duurzaamheid en veiligheid komen door dit verdrag in groot gevaar. Europese lidstaten, en dus ook Nederland, raken zo de vrijheid kwijt om regels op te stellen die de samenleving en economie kunnen reguleren. Onze economie wordt zo een race to the bottom: hoe goedkoper hoe beter. In plaats daarvan zetten we ons in voor eerlijke en duurzame handel waarbij werknemersbelangen voorop staan.

  • Stop het lobbycircus

    Het beleid en de besluitvorming moeten transparant zijn. Het aantal lobbyisten vanuit het bedrijfsleven wordt geschat op ongeveer 25.000. Daarnaast geven 1.200 expertgroepen (bestaande uit nationale deskundigen, en vertegenwoordigers van bedrijven en belangenorganisaties) ‘ondersteuning’ aan de Europese Commissie. De SP wil dat de registratie van lobbyisten verbeterd wordt. Daarnaast moeten lobbyisten openheid geven over hun opdrachtgevers. Ook moet het lidmaatschap van expertgroepen openbaar zijn en dient de samenstelling evenwichtig te zijn. Ook moet inzichtelijk worden gemaakt welke lobbyisten actief waren op het beïnvloeden van wetten.

  • Tegen het rondpompen van Europees geld

    De totale uitgaven van de EU zijn de laatste jaren opgelopen tot meer dan 120 miljard per jaar. De SP vindt dat de EU toe kan met ongeveer de helft van dat bedrag. Voornamelijk omdat heel veel geld nog steeds nodeloos wordt rondgepompt. Subsidies voor fietspaden, picknickplaatsen en projecten die de Europese identiteit opbouwen zijn volgens de SP geen zaken waaraan Brussel geld aan uit moet geven. 

    Ook het toezicht op de uitgaven van de EU moet sterk verbeterd worden. Een kwart van de uitgaven van de structuurfondsen wordt volgens de Europese Rekenkamer niet goed uitgegeven. Vooral in Bulgarije, Roemenië en Italië is deze situatie ernstig vanwege de banden tussen lokaal bestuur en georganiseerde misdaad. Voor de SP geldt dat iedere onterecht uitgekeerde euro aan subsidie terug moet worden betaald.

  • Een nieuw sociaal verdrag

    De EU is aan een flinke verbouwing toe, en wat de SP betreft hoort daar een nieuw, sociaal verdrag bij. Dit nieuwe verdrag moet de macht van Brussel terugdringen en beleidsvrijheid teruggeven aan de lidstaten.

    We leggen daarbij vier eisen op tafel: de Europese Commissie in haar huidige vorm wordt afgeschaft. Dat geldt ook voor dwingende begrotingsregels die sociaal beleid ondermijnen. Lidstaten krijgen meer ruimte om beperkingen op te leggen aan de interne markt. En er vindt geen bevoegdheidsoverdracht plaats zonder de bevolking te raadplegen per referendum.

    Zo werken we toe naar een democratische EU gebaseerd op solidariteit, maar waar ook ruimte voor verschillen is en de lidstaten een centrale rol spelen.

  • Uitbreiding Europa alleen per referendum

    In de komende jaren dient het aantal lidstaten niet verder te worden uitgebreid. Uitbreiding van de Unie kan pas weer op de agenda staan als de huidige lidstaten goed geïntegreerd zijn en er steun bij de bevolking voor zo'n uitbreiding is. Eventuele verdere uitbreidingen van de Europese Unie na 2017 moeten in Nederland ter goedkeuring in een referendum aan de bevolking worden voorgelegd. De regering wordt daarmee voortaan verplicht eerst de bevolking te overtuigen van het nut en de noodzaak van zo’n verdere uitbreiding, in plaats van de bevolking zoals tot nu toe voor een voldongen feit te plaatsen. Andere vormen van samenwerking tot wederzijds voordeel zijn ook een serieuze optie. Die samenwerking kan nu al worden opgezet en uitgebreid: denk aan de Europese Economische Ruimte en de Europese Vrijhandelsassociatie, associatieakkoorden, of douane-unies. Dat geldt ook met andere buurlanden van de Europese Unie, zoals Rusland, IJsland, Noorwegen, Zwitserland en de niet-Europese landen aan de Middellandse Zee. De EU moet serieus werk maken van alternatieve samenwerkingsvormen.

    Turkije kan op dit moment absoluut niet toetreden tot de EU. De stelselmatige schending van de rechtsstaat en mensenrechten, het opsluiten van democratisch gekozen parlementariërs, de drastische inperking van de vrije pers en de onderdrukking van de Koerden hebben het eventuele lidmaatschap van Turkije ver uit zicht geduwd. De repercussies die volgden op de mislukte coup in de zomer van 2016 waren buitenproportioneel. Daarom pleit de SP voor het opschorten van de pre-toetredingssteun aan Turkije, en willen wij dat de toetredingsonderhandelingen worden stopgezet.

  • Nederlandse CAO leidend voor buitenlandse werknemers

    Bij het vrije verkeer van arbeiders is het belangrijk dat de Nederlandse CAO afspraken, arbeidsomstandigheden en sociale- en pensioenpremies worden gerespecteerd. Omdat dit vaak fout gaat, is het belangrijk om goed te controleren. Bij het vrije verkeer van diensten moeten deze zaken ook voor gedetacheerde werknemers gaan gelden. Doordat zij op dit moment lagere sociale- en pensioenpremies moeten betalen zijn zij altijd goedkoper, zonder dat een werknemer in Nederland daar iets aan kan doen. Aan dit soort oneerlijke concurrentie moet een eind gemaakt worden. Daarnaast is er een gigantische mentaliteitsverandering nodig in Brussel. Niet de grote bedrijven, maar de rechten van werknemers moeten weer prioriteit zijn. Brussel moet daarom niet in de weg gaan staan als landen extra controles willen invoeren.

    Vrij verkeer van werknemers binnen de Europese Unie kan pas zonder grote problemen als de omstandigheden in de verschillende landen in Europa meer gelijk worden. Veel buitenlandse werknemers uit onder andere Oost-Europa worden via slinkse wegen uitgebuit, ver weg van hun familie, en tewerkgesteld voor een hongerloontje. Ze wonen vaak in oude wijken, met veel te veel mensen in een slecht onderhouden woning, met overlast tot gevolg. De SP wil dat schijnconstructies die oneerlijke concurrentie mogelijk maken keihard worden aangepakt. Daarnaast bepleiten we de invoering van werkvergunningen: als ernstige verstoring van de arbeidsmarkt of sociale problemen in het land van vertrek of aankomst het gevolg is van open grenzen, moet Nederland de mogelijkheid krijgen werkvergunningen in te voeren of te handhaven. Deze maatregelen gelden in de eerste plaats voor nieuwe landen die worden toegelaten tot de EU.

  • Geen schimmige handelsverdragen die de democratie uithollen

    TTIP (Transatlantic Trade and Investestment Treaty) is een vrijhandelsverdrag tussen de VS en de EU. Het heeft als doel om handelsbelemmeringen weg te nemen, zodat de VS en de EU meer als één interne markt functioneren. De SP is zeer kritisch over het verdrag, met name vanwege de volgende bezwaren:

    • Het wegnemen van handelsbeperkingen komt neer op het wegnemen van standaarden die juist bedoeld zijn om burgers en het milieu te beschermen. Allerlei standaarden staan onder druk, bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsvoorwaarden, duurzaamheid en voedselveiligheid. Als het verdrag wordt aangenomen, betekent dat dat bedrijven vroegtijdig in het wetgevingsproces advies mogen geven over nieuwe regels. De beleidsvrijheid van overheden komt hierdoor onder druk te staan.
    • Het verdrag bevat een hoofdstuk over “investeringsbescherming”. Dat geeft bedrijven de mogelijkheid om landen via een speciale rechtbank aan te klagen als zij menen dat zij belemmerd worden door nationaal beleid. De rechtsstaat wordt gepasseerd, de democratie uitgehold.
    • De totstandkoming van het verdrag vindt achter gesloten deuren plaats en de democratische inspraak schiet ernstig tekort. Met name grote bedrijven konden wensenlijstjes aanleveren toen de grote lijnen van het verdrag bepaald werden. De Tweede Kamer kan het proces moeilijk controleren. Het is nog maar de vraag of nationale parlementen überhaupt goedkeuring mogen geven.

    Ondertussen zijn de onderhandelingen over CETA, het verdrag tussen de EU en Canada, afgerond. De bezwaren tegen CETA zijn vergelijkbaar met die jegens TTIP. Het is bovendien nog maar de vraag of alle onderdelen van CETA te rijmen zijn met het Europees recht. Dankzij het verzet van de Walen moet het Europees Hof van Justitie nu een uitspraak doen over de legitimiteit van de speciale rechtbanken die dankzij CETA in het leven worden geroepen. CETA is een gemengd verdrag, wat betekent dat nationale parlementen het goed moeten keuren. Wat de SP betreft keurt Nederland CETA af. Mocht het verdrag toch goedgekeurd worden dan sturen we aan op een referendum over CETA, en als het zover komt ook over TTIP.

    Ook verzetten we ons tegen de komst van TiSA, een groot dienstenverdrag dat publieke diensten bedreigt en de mogelijkheid om privatiseringen terug te draaien beperkt.

Belasting en financiën

  • Hervorm de financiële sector

    De financiële crisis is het bewijs geweest dat banken en andere financiële ondernemingen niet zonder goede regels en sterk toezicht kunnen. Banken, verzekeraars en beleggingsfondsen zijn erg goed voor zichzelf geweest, maar zijn het belang van de rest van de maatschappij vergeten.

    Banken zijn in de crisisjaren overeind gehouden met belastinggeld. Het is tijd dat de banken nu op hun beurt de maatschappij terug gaan betalen. De bankenbelasting, waarmee banken de kosten terugbetalen van de operaties waarmee ze zijn gered, gaat omhoog.

    Om de bankensector veiliger te maken stellen we een maximum aan de omvang van banken. De buffers die ze verplicht moeten aanhouden worden fors verhoogd. Tevens willen we een scheiding tussen spaar- en zakenbanken, om te verhinderen dat banken kunnen gokken met het spaargeld van hun klanten.

    Er komt wat de SP betreft een nationale volksbank: een publieke bank waar ons spaargeld veilig is en bonussen en woekerwinsten niet voorkomen. Deze bank kan ook helpen het vertrouwen van mensen in het bankwezen te herstellen. De volksbank kan verder een voorbeeld zijn voor andere financiële instellingen. SNS blijft in overheidshanden.

    Medewerkers in de financiële sector moeten anders worden beloond. Er wordt een einde gemaakt aan de bonuscultuur, zodat het nemen van onverantwoorde risico’s niet meer wordt beloond. De wettelijke mogelijkheden moeten worden onderzocht om bankiers persoonlijk strafrechtelijk aansprakelijk te stellen, indien zij willens en wetens misbruik maken van het financiële systeem voor eigen gewin.

    Banken moeten meer verantwoording afleggen over de maatschappelijke consequenties van de leningen die ze verstrekken. Spaarders krijgen het recht om te weten wat banken met hun spaargeld doen.

    We beschermen de privacy van de klanten van banken. Betaalgegevens mogen daarom niet commercieel worden uitgebuit.

    Met banken worden afspraken gemaakt om te voorkomen dat er steeds meer bankkantoren en geldautomaten verdwijnen. Om een goede toegang tot contant geld te behouden wordt daarbij een minimaal voorzieningenniveau vastgelegd.

    Internationale speculatie leggen we aan banden, door de handel in derivaten in te perken, marktmanipulatie hard aan te pakken en door een transactietaks (Tobintaks) in te voeren.

    Om te voorkomen dat klanten met slechte producten, zoals woekerpolissen, worden opgezadeld, worden nieuwe financiële producten alleen op de markt toegelaten nadat ze zijn getoetst door de financiële toezichthouders.

  • Maak een einde aan belastingparadijzen

    Belastingontwijking en –ontduiking door bedrijven of door rijke personen die hun toevlucht zoeken in belastingparadijzen zorgen er voor dat overheden te maken krijgen met teruglopende inkomsten. Naar schatting loopt Nederland jaarlijks meer dan vijftien miljard mis door belastingontwijking en –ontduiking. Anderen moeten opdraaien voor die rekening in de vorm van hogere belastingen of bezuinigingen op publieke diensten. Veel multinationals betalen in Nederland nauwelijks belasting. Nederland is een doorvoerhaven voor het doorsluizen van winsten naar belastingparadijzen. De maatregelen die de EU heeft genomen tegen belastingontwijking, lossen het probleem niet op.

    De SP wil een einde maken aan belastingparadijzen, onder andere door geen belastingverdragen meer te sluiten met deze landen. De internationale wedloop waarbij de vennootschapsbelasting voortdurend wordt verlaagd moet een halt worden toegeroepen door betere internationale afspraken. Zo is de SP voorstander van een minimumtarief en een minimumgrondslag in de winstbelasting. Ook moet de renteaftrek beperkt worden. Het aangaan van schulden wordt in Nederland nu te veel gestimuleerd, waardoor veel bedrijven in een kwetsbare positie terechtkomen. Daarnaast wil de SP dat multinationals verplicht worden om te publiceren hoeveel belasting ze betalen in ieder land waar ze actief zijn. De belastingdeals tussen belastingdienst en multinationals moeten openbaar worden gemaakt, zodat we weten wat achter de schermen wordt afgesproken. Brievenbusfirma’s komen in het vervolg niet meer in aanmerking voor belastingvoordelen. Alleen bedrijven die hier werkgelegenheid bieden, komen in aanmerking voor ons gunstige fiscale stelsel

  • Voor een solidair belastingstelsel

    De overheid moet belasting heffen om zaken als onderwijs, zorg, de wegen en de politie te betalen. De SP wil dat hierbij solidariteit het uitgangspunt is: de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. Wie meer kan bijdragen, moet dat doen. En wie minder heeft, hoeft minder bij te dragen. Wat de SP betreft dient het belastingstelsel een grotere bijdrage te leveren aan het verkleinen van de inkomensverschillen. Dat doen we door de inkomstenbelasting te verlagen voor degenen met lage en middeninkomens. De hoogste inkomens gaan juist iets meer belasting betalen.

    De rijkste huishoudens met meer dan een miljoen aan vermogen, gaan iets meer bijdragen. Dat geldt ook voor de grote beleggers die, deels onbelast, grote winsten op de beurs halen,

    Multinationals betalen ten opzichte van burgers steeds minder belasting. We verhogen daarom de winstbelasting voor grote bedrijven. Het mkb kan juist rekenen op een stevige belastingverlaging.

    Banken zijn met hun onverantwoordelijke gedrag medeverantwoordelijk voor de crisis die velen nog dagelijks voelen. We verhogen de bankenbelasting zodat zij meer gaan bijdragen.

  • Voer een belasting in op flitskapitaal

    De SP wil een belasting op flitskapitaal invoeren, de zogenaamde financiële transactietaks. Deze belast alle financiële transacties met een laag tarief. Burgers merken hier niets van, maar flitshandel en speculatie met valuta worden fors minder winstgevend. Nederland moet zich aansluiten bij de kopgroep van Europese lidstaten om een financiële transactiebelasting in te voeren. De pensioenfondsen willen we van deze heffing uitzonderen.

  • Garandeer hypotheekrenteaftrek tot 350.000 euro hypotheekschuld

    De SP wil de renteaftrek voor alle huishoudens garanderen tot de rente over de eerste 350.000 euro hypotheekschuld. Daarboven beperken we de renteaftrek. We onderzoeken of op termijn een woontoeslag kan worden ingevoerd, waarbij het niet uitmaakt of iemand een koopwoning of huurwoning heeft. Dit zorgt ervoor dat huren en kopen financieel gelijkwaardiger wordt behandeld.

    Kopers van een woning en mensen die hun eigen woning verbouwen worden beter beschermd tegen wanprestaties door bouwbedrijven en projectontwikkelaars, door middel van een verzekerde garantie. Dit zorgt voor betere bescherming bij bijvoorbeeld het plaatsen van een dakkapel of een verbouwing voor energiebesparing.

    De laatste jaren zijn de gemeentelijke lasten, zoals de rioolrechten, reinigingsrechten en afvalstoffenheffing, relatief veel gestegen. De rijksoverheid moet de gemeenten verplichten om beter verantwoording af te leggen over deze gemeentelijke lasten, bijvoorbeeld door de verplichte deelname aan een jaarlijkse benchmark.

  • Verstandig begrotingsbeleid

    Het kille bezuinigingsbeleid heeft geleid tot een langer durende depressie dan in onze buurlanden. Fors bezuinigen in crisistijd leidt tot meer werkloosheid, meer faillissementen en minder inkomsten voor de overheid.

    De overheid moet een verstandig begrotingsbeleid voeren. Tijdens laagconjunctuur dient de overheid gerichte investeringen te doen die de werkgelegenheid stimuleren en daarmee het vertrouwen terugbrengen. Door een anticyclisch begrotingsbeleid, waarbij in goede jaren een begrotingsoverschot wordt gerealiseerd, voorkomen we dat bij tegenvallers direct moet worden bezuinigd. Uitgangspunt is dat er structureel niet meer wordt uitgegeven dan er binnenkomt.

  • Belast grote vermogens, ontzie kleine erfenissen

    Rijkdom is in Nederland zeer ongelijk verdeeld. Nederland heft weinig belasting op kapitaal vergeleken met andere Europese landen. Daarom wil de SP een miljonairsbelasting invoeren. Huishoudens met meer dan een miljoen euro vermogen, gaan iets meer bijdragen. De oneerlijke vermogensrendementsheffing, die uitgaat van een rendement dat gewone spaarders niet kunnen halen, wordt omgezet in een belasting op het werkelijk gehaalde rendement; de vermogenswinstbelasting.

    De erf- en schenkbelasting zijn de afgelopen jaren flink verlaagd. Niet voor de gewone mensen met een kleine erfenis, maar vooral voor de allerrijksten met grote vermogens en erfenissen. De SP wil dit aanpassen, zodat het juist mensen met een kleine erfenis ten goede komt.

Verkeer

  • Goed onderhoud wegen; knelpunten oplossen

    Veel mensen hebben een auto nodig om naar hun werk te gaan of voor hun sociale leven. Voor veel mensen is het openbaar vervoer (nog) geen goed alternatief. Daarom zet de SP in op goed onderhouden wegen, en lossen we knelpunten op.

    De SP is terughoudend met de aanleg en verbreding van wegen. Soms zijn investeringen in het onderliggend wegennet effectiever dan uitbreiding van het hoofdwegennet. Dit dient dan ook in samenhang te worden bekeken. Om de doorstroming in het verkeer te verbeteren en de wegcapaciteit optimaal te benutten zetten we in op geautomatiseerd verkeersmanagement en intelligente navigatiesystemen.

    De maximumsnelheid op wegen wordt, als het aan de SP ligt, dynamisch geregeld, waardoor de kans op files vermindert en het verkeer beter doorstroomt. De reistijd van deur tot deur is meer gebaat bij een constante, zekere snelheid dan bij hogere maxima en grotere snelheidsverschillen.

    Bij de ringen van de grote steden kiest de SP voor een lagere maximumsnelheid van 80 kilometer per uur om op deze wijze de uitstoot van fijnstof en stikstof te beperken en de doorstroming te verbeteren.

    We moeten de komende tijd omschakelen van betalen naar bezit naar betalen naar gebruik. Door het omzetten van een deel van motorrijtuigbelasting en BPM in een prijs per kilometer wordt zuinig en minder rijden beloond. Hierbij worden plattelandsgebieden met weinig files en geen goed openbaar vervoer ontzien.

    Elektrisch rijden wordt bevorderd. Dit levert extra voordelen op in de vorm van een betere luchtkwaliteit en een mogelijke tweede gebruik van de accu als opslag voor zonnestroom tijdens stilstand.

  • Meer aandacht en geld voor de binnenvaart

    De binnenvaart biedt over het algemeen een schone manier van goederen vervoeren. Ook ondervindt het personenvervoer geen overlast van de binnenvaart. De SP wil extra geld uittrekken om knelpunten bij de vaarwegen en sluizen weg te werken.

    Daarnaast wil de SP dat er een einde komt aan de opstapeling van eisen die gesteld worden door de internationale Rijncommissie (CCR). Dit zijn nieuwbouweisen die worden opgelegd aan bestaande schepen waarbij de ondernemer wordt geconfronteerd met enorme kosten, zonder dat het een noemenswaardige bijdrage levert aan veiligheid of verduurzaming. Om de binnenvaart ook in de toekomst een voortrekkersrol op het gebied van duurzaamheid te laten behouden investeren we in een maatregelenpakket waardoor binnenvaartondernemers hun schepen verder kunnen vergroenen. Dit levert een enorme milieuwinst op door minder uitstoot van fijnstof. Veel binnenvaartondernemers zijn de speelbal geworden van bevrachters en door de overcapaciteit staan de vrachtprijzen enorm onder druk, daarom wil de SP dat in Nederland een bodemtarief wordt ingevoerd vergelijkbaar met België en dat de positie van de binnenvaartondernemer binnen de markt versterkt wordt. Alleen op deze wijze kunnen we ook kleinere binnenvaartschepen behouden en deze zijn noodzakelijk voor het bevoorraden over smallere kanalen en rivieren.

  • Verbeter de klantvriendelijkheid van het CBR

    Het Centraal Bureau Rijvaardigheid (CBR) moet de klantvriendelijkheid verbeteren. Door inzet van de SP kunnen klachten over het CBR sinds een aantal jaar ook worden ingediend bij de Nationale Ombudsman. Verder moet het CBR stoppen met onzinnige medische keuringen die de automobilist op extra kosten en stress jagen zonder dat aangetoond is dat dit ook de verkeersveiligheid bevordert. Mensen met een stabiele aandoening worden nog slechts één keer gekeurd als het aan de SP ligt. Daarnaast zet de SP grote vraagtekens bij het feit dat het CBR geheel eigenhandig sancties aan bestuurders kan opleggen, zelfs wanneer deze zijn vrijgesproken door de rechtbank.

  • Betere fietsverbindingen en meer fietsroutes

    De SP zet in op meer gebruik van de fiets. Het is gezond en goed voor het milieu, maar zeker in de stad ook een snel vervoermiddel. We zetten in op meer (gratis) fietsenstallingen bij stations.

    Fietsendiefstal moet beter worden aangepakt, bijvoorbeeld door het opzetten van een databank voor gestolen fietsen. Verder zetten we in op goede fietsverbindingen en bewegwijzering. Wij zijn voorstander van de invoering van een wettelijke status ter bescherming van (erkende) lange afstand fiets- en wandelroutes. Deze status moet bevorderen dat deze routes verkeersluw en veilig blijven, dat mooie cultuurlandschappen langs de routes bewaard blijven en ongewenste ruimtelijke ontwikkelingen zoveel mogelijk worden voorkomen.

    De laatste jaren zien we een significante stijging van het aantal fietsers dat gewond raakt of overlijdt na een verkeersongeluk. Vooral oudere fietsers in het bezit van een elektrische fiets blijken kwetsbaar. Daarom maken we extra budget vrij voor fietsbehendigheidscursussen.

  • De NS en ProRail voegen we samen

    De NS en ProRail willen we samenvoegen in een nationaal spoorbedrijf. Zo kan voorkomen worden dat bij problemen op het spoor de spoorbeheerder en de grootste vervoerder naar elkaar kijken en er niks gebeurt. Bovendien moet de informatievoorziening voor reizigers verbeteren.

  • De kwaliteit van het openbaar vervoer moet omhoog

    Regeringen hebben de afgelopen jaren veel te weinig geïnvesteerd in het openbaar vervoer (OV). De NS maakt de afgelopen jaren tientallen miljoenen winst, vooral ook door de exploitatie van vastgoed. Tariefsverhogingen zijn helemaal niet nodig als de regering de NS niet als melkkoe gebruikt om zoveel mogelijk dividend te halen.

    De kwaliteit van het OV moet omhoog. Bijvoorbeeld door meer reisinformatie via GPS-systemen, internetverbindingen in de trein, infoschermen met nieuwsflash, technisch innovatie aan het spoor en snellere verbindingen.

    Het openbaar vervoer in dunbevolkte gebieden moet in stand worden gehouden. Nu worden veel onrendabele lijnen wegbezuinigd. Er moeten minimale normen komen voor de afstand van elk huis tot de dichtstbijzijnde OV-halte. Het verder opknippen van het hoofdrailnet, ook als dat door Europa wordt verplicht, wijzen we af. Ook mag het hoofdrailnet in de toekomst niet worden aanbesteed, zodat het vervalt aan buitenlandse bedrijven, maar worden gegund aan de NS, waar uiteraard wel kwaliteitseisen aan worden gesteld.

    De aanbestedingen bij het stads- en streekvervoer leveren veel werk op voor bureaupersoneel, maar verslechteren de situatie voor de passagiers. Op onderhoud, service en bediening wordt vaak als eerste bezuinigd. Daarom willen we af van deze (verplichte) aanbestedingen. Mede op initiatief van de SP is het stadsvervoer in Rotterdam, Den Haag en Amsterdam al gevrijwaard van deze aanbestedingen. Op initiatief van de SP heeft het Europees Parlement in 2007 de verplichte liberalisering van het stads- en streekvervoer afgewezen. Wat we zelf beter kunnen, willen we ook zelf mogen doen.

  • Maak transport duurzamer

    18% van het totale energieverbruik in Nederland gaat op aan transport. De SP is voorstander van fiscale prikkels om zuiniger transport te bevorderen en de groei van de mobiliteit af te remmen. Door bijvoorbeeld het omzetten van een deel van de motorrijtuigbelasting en BPM in variabele kosten (platte kilometervergoeding of brandstof) wordt zuinig en minder rijden beloond. Elektrisch rijden wordt vooral bevorderd bij typen gebruik waar dit nu al relatief economisch is (taxi, stedelijke distributie, deelauto’s) en positieve effecten heeft op de lokale luchtkwaliteit (stedelijk gebied). We verschuiven investeringsmiddelen van weginfra naar openbaar vervoer en fiets. In de luchtvaart stellen we een extra heffing in voor oudere vervuilende en lawaaierige vliegtuigen ten faveure van schone en stille vliegtuigen..

    Bij het goederenvervoer moet vooral flink ingezet worden op het vervoer over water. Dat is goed voor het milieu, de veiligheid en de doorstroming van de wegen. De infrastructurele investeringen moeten zich hier ook op richten door vaarwegen te verruimen, ligplaatsen aan te leggen en overnachtingshavens bij te bouwen. Daarnaast is ook het vervoer over het spoor te prefereren boven de weg, tenzij dit tot een te grote belasting van binnensteden leidt. Voorkomen moet worden dat te hoge tarieven voor het goederenvervoer over het spoor worden geheven.

  • Investeren in meer verkeersveiligheid

    Nog altijd vallen er per jaar ruim zeshonderd slachtoffers in het verkeer. De regels voor verkeersveiligheid kunnen worden aangescherpt. Zo willen we dat mensen die keer op keer verkeersovertredingen maken, harder worden aangepakt en het risico lopen het rijbewijs kwijt te raken. De SP is niet enthousiast over het alcoholslotprogramma. Wij zien liever dat iemand die gepakt wordt met teveel alcohol het rijbewijs voor bepaalde tijd kwijt raakt.

    Veel fietsers voelen zich niet veilig meer op het fietspad door een toename van opgevoerde snor- en bromscooters in grote steden. De SP wil deze scooterhufters harder aanpakken en wanneer ze meerdere keren over de schreef gaan wordt de scooter in beslag genomen..

    Om files op een eerlijke manier op te lossen is het nodig om ervoor te zorgen dat veel mensen een alternatief krijgen voor de file. Dit alternatief kan het openbaar vervoer zijn of juist meer gespreide werktijden en thuiswerken. Daarnaast kunnen mensen via goed mobiliteitsbeleid ook verleid worden om op iets minder drukke tijden van huis/werk te vertrekken. Op al deze middelen moet de overheid fors inzetten. Daarnaast moeten natuurlijk grote knelpunten op de wegen opgelost worden.

    De SP is terughoudend met de aanleg en verbreding van wegen. Soms zijn investeringen in het onderliggend wegennet effectiever dan uitbreiding van het hoofdwegennet. Dit dient dan ook in samenhang te worden bekeken. Om de doorstroming in het verkeer te verbeteren en de wegcapaciteit optimaal te benutten zetten we in op geautomatiseerd verkeersmanagement en intelligente navigatiesystemen.

  • Geen onbeperkte groei en behoud van Nederlandse banen in luchtvaart

    Wij willen geen privatisering van Schiphol. Het bedrijf heeft te veel tegengestelde belangen met de omgeving. Schiphol moet haar beleid meer richten op het directe belang voor Nederland en minder op het wedstrijdje om bij de grootste luchthavens te behoren. Aan de groei van luchtvaart stelt de SP een grens. In ons dichtbevolkte land en zeker rondom Schiphol is het niet realistisch om luchtvaart ongebreideld te laten groeien. We houden vast aan de huidige afspraken van maximaal 500.000 vliegbewegingen en eventuele verdere groei is alleen bespreekbaar als de vliegtuigen dusdanig veel stiller en schoner zijn dat dit verantwoord kan.

    De SP is terughoudend bij het uitbreiden van het aantal regionale luchthavens. We zien dat deze luchthavens vaak een noodlijdend bestaan leiden en voor extra overlast zorgen voor de omgeving. De SP is tegenstander van het openen van Lelystad Airport als overloop luchthaven van Schiphol.

    We stellen een extra heffing in voor oudere vervuilende en lawaaierige vliegtuigen en stimuleren het gebruik van modernere schonere en relatief stille vliegtuigen. De SP wil dat Schiphol voorloper wordt op gebied van biokerosine en andere duurzame brandstoffen. In Europees verband werken we aan het invoeren van kortere luchtroutes (Single European Sky) wat zorgt voor een aanzienlijke CO2 besparing. Ook moeten er op Europees niveau concrete afspraken worden gemaakt zodat ook de luchtvaart haar bijdrage levert aan het klimaatakkoord van Parijs.

    De werkgelegenheid in de Nederlandse luchtvaart staat onder druk, door de opkomst van prijsvechters met zeer slechte arbeidsvoorwaarden en door luchtvaartmaatschappijen uit het Midden-Oosten die met staatssteun veel goedkoper vluchten kunnen aanbieden dan de Europese luchtvaartmaatschappijen als KLM. Luchtvaartmaatschappijen die gebruik maken van dubieuze arbeidscontracten, schijnzelfstandigheid of staatssteun leggen we aan banden.

Overheid en bestuur

  • Antillen: samenwerken op basis van gelijkwaardigheid

    Nederland moet Curaçao, Aruba en Sint Maarten zo veel mogelijk ondersteunen, om op deze eilanden een betere toekomst voor de bevolking mogelijk te maken. Maar Nederland kan niet verantwoordelijk zijn voor falende en corrupte bestuurders op deze eilanden, zoals nu het geval is. De SP wil een nieuw Statuut voor het Koninkrijk, waarin de landen Nederland, Curaçao, Aruba en Sint Maarten samenwerken op basis van gelijkwaardigheid.

    De ministeries in Den Haag moeten speciale aandacht besteden aan de eilanden Bonaire, St. Eustatius en Saba, die onderdeel zijn van Nederland. Goed onderwijs en goede zorg zijn een voorwaarde om mensen op de eilanden en betere toekomst te bieden. Maatregelen moeten worden genomen om de armoede onder kinderen op deze eilanden te bestrijden, meer werk te creëren voor jongeren en te voorkomen dat ouderen in armoede vervallen.

  • Onze democratie moet worden versterkt

    De meeste mensen willen meer te zeggen hebben over belangrijke politieke kwesties. De SP heeft veel voorstellen om onze democratie te versterken. Door mensen meer zeggenschap te geven over de politiek, door invoering van een correctief referendum, waarmee mensen de door hen gekozen politici kunnen corrigeren.

    Maar ook door de invloed van mensen op hun eigen omgeving te vergroting, door meer zeggenschap over de eigen buurt en meer inspraak in besluiten die mensen direct raken. Werknemers in grote bedrijven, studenten op de universiteiten, medewerkers in de zorg of huurders bij woningcorporaties moeten meer te zeggen krijgen, ten koste van invloed van de managers en de bestuurders.

  • Discriminatie moet altijd worden aangepakt

    Discriminatie is de bijl aan de wortel van de samenleving. Het uitsluiten van mensen om wie ze zijn is een kwalijke zaak en moet hard worden aangepakt. Meldingen en aangiften van discriminatie moeten altijd serieus genomen worden. De SP wil de capaciteit en ook de deskundigheid bij politie en justitie vergroten. Gemeenten moeten meer doen om discriminatie bij het uitgaan te voorkomen. Leerlingen krijgen een acceptatierecht, zodat zij niet geweigerd kunnen worden vanwege hun (religieuze) achtergrond. De aanpak van discriminatie op de arbeidsmarkt is nu te vrijblijvend en moet grotere prioriteit krijgen. De arbeidsinspectie moet de mogelijkheid krijgen om meldingen van (leeftijds-) discriminatie te onderzoeken en overtreders te beboeten. Op deze manier kan ook ongelijke beloning van vrouwen die voor eenzelfde functie een lagere beloning krijgen beter bestreden worden.

  • Vrijheid van godsdienst met respect voor wetten en regels

    Iemands geloof of levensbeschouwing is een persoonlijk zaak. Religies moeten niet door de overheid worden gepromoot of tegengewerkt. Voor gelovige mensen gelden precies dezelfde rechten en plichten als voor ongelovige mensen. Mensen moeten de vrijheid hebben om gezamenlijk hun geloof te belijden. Dat geldt ook voor orthodox-religieuze mensen, maar niet voor fundamentalisten die de vrijheid van anderen en de regels van onze democratie niet willen accepteren. Voor salafistische organisaties die haat zaaien en geweld vergoelijken is in onze vrije en democratische samenleving geen plaats.

  • Meer geld voor gemeenten

    De gemeente staat dichtbij mensen. Het is de bestuurslaag waar burgers in het dagelijks leven het meest mee te maken hebben. Gemeenten zijn het beste in staat om voorzieningen aan te bieden op buurt-, wijk- en dorpsniveau. Maar dan moet het Rijk wel zorgen voor voldoende geld. Voorzieningen overhevelen naar gemeenten en tegelijkertijd hard bezuinigen zorgt voor een verschraling van voorzieningen en zorgt ervoor dat mensen die ondersteuning nodig hebben aan hun lot worden overgelaten.

    Gemeenten worden door de decentralisaties gedwongen samen te werken of te fuseren. Gemeentelijke herindelingen leiden vrijwel altijd tot grotere gemeenten, met bestuurders die op grotere afstand zitten. Bovendien blijkt uit de praktijk dat herindelingen meestal geen besparingen opleveren. Daarom vindt de SP dat terughoudend moet worden omgegaan met het samenvoegen van gemeenten. Als toch wordt besloten om gemeenten samen te voegen, moet nadrukkelijk rekening worden gehouden met de mening van de burgers van de betrokken gemeenten, bijvoorbeeld door het uitschrijven van een referendum.

  • Straf fraude, corruptie en machtsmisbruik af

    Fraude, corruptie en machtsmisbruik moeten altijd en zonder pardon worden afgestraft.

    Ambtenaren die misstanden melden moeten worden beschermd tegen pesterijen, intimidatie en ontslag. Bestuurders die de volksvertegenwoordiging willens en wetens foutief inlichten komen op een zwarte lijst en worden zo mogelijk strafrechtelijk vervolgd. Ambtenaren moeten voldoende bescherming en een meldplicht krijgen. De politie of Rijksrecherche worden altijd ingeschakeld bij vermoedens van fraude of corruptie.

    Wij vinden dat politieke vriendjes niet de kans moeten krijgen om elkaar interessante banen toe te spelen of elkaar af te dekken als het mis gaat. Functies in het openbaar bestuur worden vaak verdeeld onder politieke vrienden. Ook belangrijke adviescolleges zoals de Rekenkamer en de SER zijn te politiek gekleurd, terwijl zij boven de partijen zouden moeten staan. De SP pleit voor meer openheid voor deze functies en streng toezicht dat deskundige mensen ook daadwerkelijk een eerlijke kans krijgen.

  • Bescherm, adviseer en ondersteun klokkenluiders

    Klokkenluiders zijn mensen die maatschappelijke misstanden melden, op het gebied van fraude, veiligheid en integriteit. Het verleden heeft aangetoond dat overheden en bedrijven vaak onfatsoenlijk omgaan met klokkenluiders, die niet zelden hun baan verliezen en in financiële problemen komen. Op initiatief van de SP is er een Huis voor klokkenluiders ingesteld, dat mensen adviseert, klokkenluiders ontslagbescherming biedt en onafhankelijk onderzoek kan doen naar een ernstige maatschappelijke misstand. Dit Huis moet voldoende mensen en middelen krijgen om deze moeilijke taken goed uit te kunnen voeren.

  • Geen politieke functies voor ongekozen staatshoofd

    Een monarchie in een democratie is niet logisch. Wij vinden dat elke politieke ambtsdrager, dus ook het staatshoofd, gekozen zou moeten worden. Veel Nederlanders hechten echter veel waarde aan het Koninklijk Huis. Daarom moet de monarchie goed worden ingepast in onze democratie. Het huidige staatshoofd moet vooral een ceremoniële functie hebben, als symbool en vertegenwoordiger van Nederland. Daar passen geen politieke functies bij, de Koning hoeft geen lid te zijn van de regering. De leden van het Koninklijk Huis moeten voortaan ook gewoon belasting gaan betalen, net als iedereen. De bijzonder riante vergoedingen voor het Koninklijk Huis kunnen een stuk lager worden.

  • Beter toezicht door een Nationale Inspectie

    Als we in dit land regels en wetten maken moeten die ook worden gehandhaafd en gecontroleerd. Ons land kent een wildgroei aan inspecties, die vaak verschillend werken en andere eisen stellen. Ook is de afgelopen jaren hard bezuinigd op inspecties, waardoor echte controle in organisaties en op de werkvloer veel te weinig gebeurt. Daarom wil de SP een Nationale Inspectie, waar voldoende kennis en kunde aanwezig is voor een goede controle op de uitvoering van regels en wetten. Gevaarlijke bedrijven moeten minstens een keer per jaar onverwacht bezocht worden. Voor bedrijven die laag scoren wordt de controlefrequentie opgevoerd. Opgelegde sancties dienen in verhouding te staan tot het economisch gewin bij overtreden van de wet en worden bij herhaalde overtredingen fors verhoogd.

  • Volledige openheid politieke partijen over donaties

    In een democratie moeten politieke partijen zo veel mogelijk de vrijheid hebben om zichzelf te organiseren. Maar zij moeten ook altijd transparant, openbaar en te controleren zijn. Politieke partijen moeten daarom volledige openheid geven over donaties die zij ontvangen. Om belangenverstrengeling te voorkomen wordt sponsoring van partijen door commerciële belanghebbenden verboden. Politieke partijen zouden minder afhankelijk moeten zijn van de overheid. De subsidies aan partijen moeten daarom omlaag. Partijen zouden zoveel mogelijk financieel hun eigen broek moeten ophouden, bijvoorbeeld door een goede afdrachtregeling voor politici, zoals bij de SP het geval is. Daardoor zijn wij niet afhankelijk van sponsoring door bedrijven. Politici verliezen hun onnodige voorrechten, zoals de dure wachtgeldregeling. Zij gaan voortaan ook gewoon in de WW, zoals alle andere mensen.

  • Provincies moeten terug naar de basis

    Provincies zijn een bestuurslaag met relatief weinig en onzichtbare taken. Om hun bestaansrecht aan te tonen trekken ze daarom vaak onnodig veel taken naar zich toe, op het gebied van sociale veiligheid, integratie en zelfs daklozenzorg. De bemoeienis van provincies botst soms met de verantwoordelijkheid van gemeenten. Provincies moeten terug naar de basis en zich vooral bezighouden met ruimtelijk-economisch beleid en toezicht. Wij maken de provincies, als bestuurslaag tussen Rijk en gemeente, eenvoudiger, efficiënter en democratischer.

    Sommige provincies, zoals Noord- en Zuid-Holland, zijn eigenlijk te groot. Veel taken kunnen hier beter worden uitgevoerd door kleinschalige provincies met meer samenhang. We moeten er soms voor durven kiezen om in een provincie met veel grote gemeenten meer taken neer te leggen bij die gemeenten, terwijl we dezelfde taken in een gebied met kleinere gemeenten juist kunnen overlaten aan de provincie.

  • Breng waterschappen onder bij provincies

    Door de lage opkomst bij waterschapsverkiezingen ontbreekt het waterschappen aan democratische legitimiteit. Daarom brengen wij de waterschappen onder bij de provincies. Bovendien zorgt dat voor betere afstemming van het waterbeheer met ruimtelijke ordening, landbouw, natuur en recreatie. Waterschappen blijven wel verantwoordelijk voor de belangrijke watertaken die zij al eeuwen uitvoeren en waarvoor zij ook heel deskundig zijn.

Defensie

  • Internationale afspraken over inzet drones

    Het gebruik van bewapende drones is buitengewoon omstreden. Vooral de Verenigde Staten gebruikt deze wapens voor buitengerechtelijke executies in gebieden waar geen oorlog mee wordt gevoerd. De SP pleit voor heldere internationale afspraken over het gebruik van bewapende drones. Tot die tijd dient Nederland zijn eigen drones niet te bewapenen.

    Het is niet uitgesloten dat Nederland door het delen van inlichtingen met de Verenigde Staten bijdraagt aan aanvallen met drones. De SP wil dat de regering alles doet om dit te voorkomen.

  • Missies onder VN-vlag, maar met eigen afweging

    Nederland overweegt alleen deelname aan internationale missies als de Verenigde Naties ons daar uitdrukkelijk om vraagt. Maar dan nog maken wij daarin onze eigen afweging, waarbij we onder meer kijken naar garanties voor het respecteren van het internationaal recht. Hierbij zijn de Conventies van Genève en de rechten van de mens leidend. Elke missie wordt gevolgd door een grondige parlementaire evaluatie.

  • Internationale samenwerking

    Internationale samenwerking op het gebied van Defensie is mogelijk, zolang Nederland zeggenschap houdt over de inzet van de eigen troepen. De soevereiniteit dient dus behouden te blijven. De SP is daarom tegen de vorming van een Europeesleger onder commando van de Europese Commissie en het Europees parlement.

  • Geen aanschaf van de JSF

    De SP is tegen aanschaf van de Joint Strike Fighter. Naast het feit dat Nederland de straaljager niet nodig heeft, is het toestel nog steeds niet af en kampt het met talloze technische gebreken. De complexe techniek maakt de kans op nieuwe kostenstijgingen en vertragingen levensgroot. Dat betekent weer extra betalen of alsnog op zoek gaan naar een alternatief. De SP vindt het onbegrijpelijk om maar liefst 4,7 miljard euro aan de JSF uit te geven terwijl er de afgelopen jaren flinke bezuinigingen zijn doorgevoerd op een veelvoud van publieke voorzieningen.

    De huidige F16 kan nog enkele jaren mee. Tegen de tijd dat de F16 verouderd is kan uit het dan bestaande aanbod een ander vliegtuig worden gekozen. Maar bovenal staat de SP voor ander militair en buitenlands beleid waarbij dit soort bommenwerpers niet nodig zijn.

    De SP wil evenmin dat de JSF kernwapens kan dragen. Eind 2013 werd daartoe een motie van de SP aangenomen.

    Bij de aanschaf van nieuwe wapensystemen worden alle mogelijkheden eerst goed onderzocht, waarbij ook alternatieven worden meegenomen, alsmede de mogelijkheden voor internationale samenwerking.

  • Kernwapens de wereld uit

    Kernwapens zijn massavernietigingswapens en moeten zo snel mogelijk de wereld uit, om te beginnen uit Nederland en Europa. Ook de JSF mag geen kernwapens dragen. Een motie van de SP werd daartoe aangenomen.

  • Een slanke maar hoogwaardige krijgsmacht

    De SP is voorstander van een slanke, maar hoogwaardige Nederlandse krijgsmacht. Geen krijgsmacht die zich terugtrekt achter de dijken, maar één die in staat is een bijdrage te leveren aan het versterken van de internationale rechtsorde. Deze doelstelling is niet voor niets opgenomen in onze grondwet. Bij de politiek ligt de zware taak om te zorgen dat de mensen die hun leven wagen, daarvoor zo goed mogelijk worden uitgerust, zowel qua materieel als wat betreft arbeidsvoorwaarden.

    Defensie is financieel behoorlijk uitgekleed, maar moet van het kabinet nog steeds alle soorten missies aankunnen. Een onmogelijke en zelfs gevaarlijke opdracht. In plaats van krampachtig vasthouden aan een veelzijdig inzetbare krijgsmacht, kiest de SP voor een leger met een specifiek takenpakket. In plaats van 'veelzijdig inzetbaar' kan ons leger zich beperken tot vredesmacht. We doen dan niet mee aan aanvalsoorlogen (en hebben dus ook geen dure JSF nodig), maar richten ons op bevordering van vrede en veiligheid door middel van vredesoperaties.

  • Erkenning en waardering voor veteranen

    Goede zorg voor veteranen is van groot belang. Mede op initiatief van de SP is de Veteranenwet aangenomen. Daarmee krijgen veteranen de erkenning, waardering en zorg waar zij recht op hebben. Militairen werken in gevaarlijke omstandigheden en zijn bereid hun leven te geven. Talloze veteranen kampen jaren na hun uitzending nog met trauma’s en andere klachten. Alle veteranen hebben recht op goede nazorg. Totdat de AOW-leeftijd verlaagd is naar 65 worden militairen die vanwege hun vervroegd pensioen te maken hebben met een AOW-gat volledig gecompenseerd.

  • Scherp regels voor wapenhandel aan

    Nederland blaast al decennia een flinke partij mee in de internationale wapenhandel. Weliswaar op ruime afstand van grootmachten Rusland en de VS, hoort Nederland tot de top tien van grootste exporteurs. Een op papier 'restrictief wapenexportbeleid' laat in de praktijk genoeg ruimte om over de hele wereld militaire waar te verkopen.

    De regels rond wapenhandel moeten dan ook worden aangescherpt. De criteria voor wapenexport, de doorvoer van wapens en de informatievoorziening aan de Kamer moet glashelder zijn. Bij de verkoop van wapens zijn mensenrechten belangrijker dan handelsbelangen.

  • Werken met gevaarlijke stoffen

    De laatste jaren blijkt dat talloze oud-medewerkers ziek zijn geworden door het werken met gevaarlijke stoffen zoals PX-10, Chroom VI, verarmd uranium. Een grote groep oud-medewerkers is hierdoor soms ernstig ziek geworden. Voor deze mensen dient een goede compensatieregeling opgesteld te worden.

    Lees ons rapport "Slachtoffers van gevaarlijke stoffen"