Vrijhandelsverdrag:

Geen schimmige handelsverdragen die de democratie uithollen

De EU sluit geen nieuwe handelsverdragen die onder het mom van vrijhandel meer rechten geven aan investeerders, zoals grote buitenlandse multinationals, en hun belangen wettelijk boven die van mensen stellen. Het handelsverdrag met Canada (CETA) wordt opgezegd, omdat dat verdrag het belang van multinationals boven het algemene belang stelt, en het Nederland en andere landen moeilijker maakt om hun eigen beleid te voeren ter bescherming van werknemers of het milieu. Dit is een onaanvaardbare beperking van onze democratie.

CETA maakt het kapitaal nog machtiger en geeft buitenlandse investeerders de mogelijkheid om via aparte rechtbanken – waar binnenlandse bedrijven en mensen geen toegang toe hebben – enorme schadeclaims in te dienen als ze menen dat nationale wetgeving, bijvoorbeeld een streng milieubeleid, hun ‘rechten’ als investeerder aantast. Dit is uiteraard absurd. We moeten juist het kapitaal aan banden leggen, binnen de EU en  wereldwijd. 

De eerdere voorstellen voor een handels- en investeringsverdrag met de Verenigde Staten (‘TTIP’, een plan voor een soort van één grote interne markt met Amerika) hoeven ook nooit meer terug te komen. De handelsoorlogen waar Amerika op aan lijkt te sturen zijn dom en gevaarlijk maar geen reden om dan maar snel met allerlei andere landen (zoals Singapore en Japan) riskante handelsverdragen af te sluiten. Ook deze verdragen komen vooral ten goede aan grote bedrijven en niet aan mensen. Bij elk nieuw handelsverdrag dat raakt aan nationale bevoegdheden, moeten lidstaten altijd hun nationale veto behouden. Daarom blijft de SP strijden tegen dit soort handelsverdragen.

Lees ook de opinie van SP-lijsttrekker Arnout Hoekstra en SP-Europarlementariër Anne-Marie Mineur: Nederland moet handelsverdrag met Canada afwijzen

Lees meer over:

Interne markt Overzicht van alle standpunten