Dierenwelzijn

Beschaving uit zich onder meer in de wijze waarop mensen met andere levende wezens en met de natuurlijke omgeving omgaan. Dierenmishandeling moet stevig worden aangepakt. In de Grondwet moet een zorgplicht voor dieren worden opgenomen. De bio-industrie gaat zo spoedig mogelijk op de helling. Dierenwelzijnsnormen worden flink verscherpt. Dieronvriendelijke praktijken van de bio-industrie en verminking van dieren worden verboden. Met het oog op het milieu en ter voorkoming van dierziekten wordt er een maximum gesteld aan het aantal boerderijdieren in Nederland. Diervriendelijke, extensieve veehouderijen worden beloond met een gratis dierrecht vergunning. Bedrijven die het minder goed doen op het gebied van dierenwelzijn, volksgezondheid en milieu moeten betalen. Landbouwhuisdieren worden preventief ingeënt tegen mond- en klauwzeer. Onderzoek naar vlees vervangende producten wordt bevorderd en er wordt eerlijke voorlichting gegeven over de milieu- en gezondheidsgevolgen van (overmatige) vleesconsumptie. Transport van slachtdieren van meer dan 500 kilometer of langer dan 8 uur wordt in heel Europa verboden en de omstandigheden bij het transport worden verbeterd.

Bij het debat over de intensieve veehouderij volgt de SP eenvoudige uitgangspunten:

  • Een dier moet zijn natuurlijk gedrag kunnen uiten;
  • De veehouderij moet niet de draagkracht van de natuur overschrijden;
  • De veehouderij moet niet de draagkracht van de mensen in de omgeving overschrijden;
  • Het mag geen risico voor de volksgezondheid vormen;
  • De boer moet er een schappelijk inkomen uit kunnen verdienen.

Het overtreden van (welzijns-)regels voor dieren en dierenmishandeling dient harder te worden bestraft, in het uiterste geval door een verbod op het houden van dieren. Ook moet er een verbod komen op het fokken van dieren die door selectieve fok geen volwaardig zelfstandig leven kunnen leiden. Dit kan zijn doordat ze niet zelfstandig kunnen baren, ademhalingsmoeilijkheden hebben, een te kleine schedel of andere ernstige afwijkingen hebben. Het aantal dierproeven wordt tot het absolute minimum beperkt. Waar alternatieven voor dierproeven voorhanden zijn, worden deze verplicht gesteld, evenals een test naar het maatschappelijk nut en de medische relevantie. Er moet een groter budget komen voor het onderzoek naar proefdiervrije alternatieven. Bedrijven betalen hieraan mee. Onderzoeksmethoden en –resultaten van dierproeven worden openbaar. De SP is tegen het vernietigen van ‘overtollige’ proefdieren. Het testen op dieren van nieuwe medicijnen die nauwelijks van bestaande medicijnen afwijken, dient verboden te worden.