"Mensen zeggen weleens: alles wat jij aanraakt verandert in goud. Zondagskind noemen ze me dan. Ik klop dat steeds meteen af. Zelf heb ik het heel anders ervaren. Toen ik net van de toneelschool in Maastricht kwam, was ik soms angstig dat iets niet zou lukken, dat ik iets niet zou kunnen. Angst heeft een grote invloed, roept vaak heel negatieve dingen op. Een regisseur die onzeker is, uit dat vaak door heel autoritair en rechtlijnig te doen. Daar kan ik niet mee werken. Dan kan ik mijn creativiteit niet kwijt, krijg ik het Spaans benauwd. Dingen lijken vaak makkelijk. De kijker ziet echter niet hoe je thuis hebt zitten tobben om eruit te komen. Hoe je soms loopt te zweten om problemen op te lossen. Je moet toch eerst die tekst uit je hoofd leren. Dat gaat mij overigens redelijk goed af. Op school al. Soms begreep ik niet eens wat er stond. Selectieve leerling noemden ze dat. Geschiedenis, aardrijkskunde en biologie interesseerden me niet, dus stampte ik de boel zó in mijn hoofd, dat het goed was voor een zeven. Drie dagen later was ik het vergeten. Op talen en dialecten daarentegen ben ik altijd gek geweest. De eerste twaalf jaar van mijn leven heb ik in Den Haag gewoond. Thuis spraken we altijd ABN. Toen ik mijn eerste rol voor de televisie speelde, een Haagse punker in een VPRO-serie, belden mijn ouders op. "Waar heb je dat Haags geleerd?" Ik had het allemaal opgepikt op straat en bij vriendjes in de Schilderswijk. Nadat we naar Brabant verhuisd waren, bleef ik thuis ABN praten. Maar als vriendinnetjes belden, werd het plat Boxmeers. In Maastricht, op de toneelschool, zaten allemaal mensen uit de Randstad. In de kroeg ging ik echter Limburgs praten. Overal pikte ik de dialecten op. Dat komt me nu heel goed van pas.
Het eerste jaar op de toneelschool vond ik vreselijk moeilijk en zweverig. Allemaal van die spelopdrachten met alleen maar gevoel, zonder technische aanwijzingen. Maar toen ik eenmaal ging werken met regisseurs vond ik het geweldig. Acteren werd steeds meer een feest.
Collega's dromen van succes in het buitenland. Ik heb niks met het buitenland. Ik zou er niet willen wonen, ook niet voor veel geld. Er is weleens een Amerikaanse regisseur geweest die zei: "Kom nou gewoon eens kijken." Ik sta er niet om te trappelen. Je hoeft niet veel te reizen om veel mee te maken. Ik vond een vakantie in Mexico geweldig, maar ik ben ook tien jaar lang naar dezelfde camping in Frankrijk geweest, waar ieder jaar dezelfde mensen kwamen. Waar we zes weken lang in een shelter zaten, zonder geld en iedere avond rijst met witte bonen aten. Topvakanties vond ik dat. Ik had nooit het gevoel dat ik iets miste.
De wil iets te doen voor en met gehandicapten is waarschijnlijk geworteld in mijn jeugd. In Boxmeer werkte mijn moeder als vrijwilligster bij de Zonnebloem. Daar heb ik gehandicapte mensen leren kennen. Als ik uit school kwam, ging ik vaak thee drinken bij Marietje en Theo, zo heetten ze. Dat waren mijn vrienden, ik was echt dol op ze. Daar werd nooit raar over gedaan, ook niet door mijn andere vriendjes en vriendinnetjes. Maar toen al besefte ik, dat ik heel gelukkig was, omdat ik alles kon doen en jong was en mensen kon helpen.
Sinds ik acteer, is er eigenlijk altijd een combinatie geweest van het professionele met het sociale. Zo heb ik een film gemaakt met de gehandicapte actrice Margot Keune. Vanaf het eerste contact klikte het en waren we vriendinnen. Later is er speciaal voor ons een toneelstuk gemaakt. Nu doe ik "Knoop in je zakdoek", een programma met vooral verstandelijk gehandicapten. Mijn ouders hoorden niet bij een partij of stroming, maar hadden wel een motto: Kijk niet onnodig tegen mensen op en kijk vooral niet op mensen neer. Kunnen ze moeilijk praten, hebben ze geen geld, rare kledingkeuzes, dat maakt niet uit. Je moet naar het hart kijken. Het grote gevoel van gelijkwaardigheid van alle mensen ligt voor mij aan de basis van mijn leven.
Als je Nederland vergelijkt met sommige andere landen, dan gaan wij redelijk om met gehandicapten. Maar het is nog altijd niet gelijkwaardig. Gehandicapten worden ook steeds meer de dupe van de om zich heen grijpende vercommercialisering. Alles moet hoger, sneller, beter. En daar wordt naar geoordeeld. Een slechte ontwikkeling, die je kunt proberen te bestrijden met programma's als "Knoop in je zakdoek". Als je in mijn positie spelenderwijs stelling neemt en laat zien dat je schijt hebt aan de buitenkant, dat het gaat om wat mensen zelf zijn, dan heeft dat een enorme impact en een positieve invloed op de beeldvorming.
Bij "Ook dat nog!" wordt het professionele ook met het sociale gecombineerd, zou je kunnen zeggen. Bij de zaken die daar aan de orde komen, denk je af en toe echt: hoe bestaat het. Laatst hadden we het verhaal van een oudere mevrouw die boodschappen gaat doen. Als ze terugkomt is er een keet voor haar raam gebouwd. Dat was komisch. Maar er zijn ook gevallen waar je echt van ondersteboven raakt. Een meisje dat slachtoffer was van een aanval, op haar zesentwintigste blijvend invalide werd en geen cent van de verzekering kreeg. Dat heb ik me heel erg aangetrokken. Ik heb haar ontmoet en we hebben samen een uur gehuild. Je kunt het natuurlijk niet altijd doen, maar in dit specifieke geval ben ik er zelf achteraan gegaan en heb ik via allerlei acties vijftienduizend gulden voor haar losgepeuterd. Ze schrijft me nu nog steeds. Zulke dingen kan ik haast niet naast me neer leggen. De redactie heeft me daarvoor gewaarschuwd. "Laat je gevoel niet al te veel met je op de loop gaan." Het hoort niet bij mijn werk en het wordt ook niet van me verwacht. Maar ik verwacht het van mezelf. Ik ben niet zo afstandelijk. Natuurlijk moet je je privé-leven beschermen, want ik krijg iedere week twintig brieven met hulpvragen. Toch ben ik achteraf blij dat ik niet geluisterd heb naar mensen die zeiden: "Pas op, je steekt je kop in een wespennest." Dan denk ik: liever in een wespennest, dan in het zand."
| Sylvia Millecam (41) treedt wekelijks op in KRO's "Ook Dat nog!". Samen met Marnix Kappers maakt ze daarnaast "Knoop in je zakdoek", met en voor verstandelijk gehandicapten. Ze heeft theaterrollen gespeeld bij Het Nieuw Amsterdams Volkstoneel, Globe en het Publiekstheater. Samen met de gehandicapte actrice Margot Keune speelde Millecam in het toneelstuk "Playmates". Een filmrol had ze in de hilarische prent "Hector" van Urbanus. Op TV deed ze in 1994 de Sylvia Millecam Show en vorig jaar Miss Millecam. Met Huub Stapel was ze te zien in "Sjans". Sylvia Millecam zong ook nog twee CD's vol. |
De echte Tribune is
veel dikker en veel mooier! Wil je een jaar lang de Tribune in huis
voor slechts 13 euro? Vul dan het aanvraagformulier in! |
Teken ook het manifest
‘1 voor allen’