Nilgün: "In oktober 1993 waren we het opeens zat. Altijd die vragen als we op stap waren. Ben je Italiaans? Oh, Turks! Dan mag je dit of dat natuurlijk niet. Waar is je sluier? Ben je je hoofddoek niet vergeten? Straks word je zeker opgehaald door je vader? Er waren avonden, dat Inci in de ene hoek van het café de Turkse gebruiken en onze plaats daarin stond uit te leggen en ik in een andere hoek precies hetzelfde deed. Toen zeiden we tegen elkaar: We moeten maar eens op TV gaan vertellen dat de ene Fatima de andere niet is. Net zo min als dat je de ene Truus over dezelfde kam kan scheren met de andere. Nu zaten we al op toneelles en we voelden elkaar altijd goed aan. Zo ontstond het plan om de vooroordelen in cabaretvorm te lijf te gaan. Via via kwamen we in contact met een vrouw die ons vroeg iets te doen over allochtone vrouwen op de arbeidsmarkt. We hebben toen vier sketches geschreven en ingestudeerd. Maar omdat we zo onzeker waren, zeiden we:
"Kom eerst maar eens bij ons thuis kijken of je het wel goed genoeg vindt." Dus wij in het studentenhuis op ons kamertje optreden voor die vrouw. Ze hád me daar een lol. Vanuit die onzekerheid wisten we alleen niet of ze ons nu uitlachte of het echt leuk vond. Het bleek het laatste en zo is ons eerste programma ontstaan."
Inci: "Wij spotten met allochtonen. Als een Nederlander zegt: "Goh, stomme Turk! Wat zie je eruit!", dan zal die zich heel snel gediscrimineerd voelen. Als je namelijk bij een minderheid hoort, kun je weinig kritiek velen. Je wilt alleen maar goeie dingen horen. Maar als wíj Turken op de hak nemen, hebben mensen opeens iets meer tolerantie. Wij zijn namelijk óók Turks. Op het toneel pakken we echter niet alleen de Turk aan. Oók de Nederlander moet eraan geloven. Door de overdrijving van de typetjes die we uitbeelden zit er al gelijk een heel groot stuk humor in, waardoor mensen ontspannen en versoepelen."
Nilgün: "Op het moment dat zo'n optreden voorbij is, gebeurt er iets heel anders. Dan ontstaan er vaak hele serieuze gesprekken. Zo van: "Jullie zeggen wel dat wij Nederlanders lopen te kankeren op de Turken omdat ze geen Nederlands spreken, maar ze spréken toch ook vaak geen behoorlijk Nederlands?" In die gesprekken komen een heleboel zaken naar voren. Ik denk dat wij de integratie van de Turkse bevolking bevorderen. Dat maken we op uit de reacties, uit de discussies tussen Nederlanders en allochtonen bijvoorbeeld. Men heeft kunnen lachen en raakt dan in contact. Dikwijls merk je dat mensen dan denken: "Goh, wat maf dat ik er zó over heb gedacht." Op dat moment stelt iemand zich open voor anderen. En hebben we eventjes ons doel bereikt."
Inci: "Onze voorstellingen prikkelen en blijken geschikt te zijn om een discussie op gang te brengen. Daarom worden we veel gevraagd op seminars, workshops en scholen. Waar we per se niet optreden zijn restaurants en Turkse bruiloften. Wij zijn geen dans- of mime- maar een cabaret-act met een dialoog. Die dialoog moet je opvangen. Als je dat niet doet, dan zijn we gewoon twee ganzen die daar wat staan te praten en het zal verder wel. Dan heeft ons optreden totaal geen zin."
"We krijgen enorm veel media-aandacht. Interviews in Opzij, Elle, Nieuwe Revu, Cosmopolitan, Nieuwstribune, Vrij Nederland en o.a. bij de TV-programma's RUR, 2 Vandaag, Vijf uur show en Vesuvius. Aan al deze aandacht en succes zit ook een klein negatief aspect. Je hebt steeds minder tijd voor kleine dingen. Zoals interviews op Stadsradio. Dat is heel vervelend omdat we willen voorkomen dat men gaat zeggen: "Vier jaar terug hadden jullie ons broodnodig en nu jullie succesvol zijn hebben jullie geen tijd. Zijn jullie zo arrogant geworden?" Nu hebben Nederlanders een waar spreekwoord: "Wie het kleine niet eert is het grote niet weert". Dus sturen we cassettebandjes zodat ze toch materiaal hebben waar ze dan zelf mee aan de gang kunnen."
Nilgün: "Wat ons geheim is...? Allereerst voelen we elkaar op het toneel en daarbuiten heel goed aan. En we hebben veel lol in ons werk. Daarnaast zijn wij de enige Turkse meiden die op deze wijze aan cabaret doen. Dat is verrassend, omdat men een dergelijke openheid niet van een Turks meisje verwacht. En we zijn de enigen die een onderwerp zo diep behandelen."
Inci: "Ik was twee toen ik in Nederland kwam, Nilgün tien. We zijn Turks, maar we voelen ons hier allebei bijzonder thuis. Ik denk dat het gevoel tussen twee culturen in te zitten speelt bij jonge mensen die van traditionele ouders niets mogen. Buitenshuis, op school bijvoorbeeld, heerst de westerse vrijheid. Daar willen ze óók deel van uitmaken. Maar dat wordt afgeremd door de situatie thuis. Dán heb je dat dilemma, dat je tussen twee culturen in valt. Als je van huis uit wél de vrijheid krijgt om je zodanig te ontwikkelen dat je je kan aanpassen waar je wilt, dan is die achtergrond van twee culturen een enorme rijkdom. Wij hebben heel veel Turks in ons èn heel veel Nederlands. Dat is dus meer dan alléén Turks of alléén Nederlands."
Nilgün: "En wat nog het leukste is, je hebt veel meer dingen om je aan te ergeren. Als ik in Turkije ben, irriteer ik me suf op straat. Ik zie een elektricien kabels uit de muur hakken, omdat er iets stuk is. Dan denk ik: "Oen, in Nederland metselen ze nóóit kabels in muren. Daar doen ze eerst een buis omheen. Zodat je die leidingen veel makkelijker kan vervangen als ze kapot zijn."
Inci: "Maar eenmaal terug in Nederland vinden we het veel te geordend. Er gebeurt hier nooit eens wat. Iedereen lijkt wel een robot. Alles is voorgeprogrammeerd. En daar winden we ons dan weer over op. Héérlijk inspirerend!"
| Turkish Delight (Turks Fruit) wordt gevormd door Nilgün Yerli en Inci Pamuk. Beiden 27 jaar geleden geboren in Turkije en als kinderen verkast naar Nederland. Na het volgen van toneellessen besloten ze in 1993 de vooringenomenheid van hun tweede vaderland ("Ben je je hoofddoek niet vergeten?") in cabaretvorm te bestrijden. Hun eerste programma kreeg daarom de logische titel "Vooroordelen". Die show trekt nog altijd volle zalen. In de komende vierentwintig maanden gaan Yerli en Pamuk op tournee met "Nog één keer vooroordelen" en "Nog steeds vooroordelen". |
De echte Tribune is
veel dikker en veel mooier! Wil je een jaar lang de Tribune in huis
voor slechts 13 euro? Vul dan het aanvraagformulier in! |
Teken ook het manifest
‘1 voor allen’