![]() |
Niek Stam |
| De vakbonden zijn uitgepolderd. Op 21 juni wees 97 procent van de FNV-leden de kabinetsplannen rondom het prepensioen af. ‘Er valt niks meer te onderhandelen. We gaan hakken en zagen,’ zegt Niek Stam, vakbondsleider in de Rotterdamse haven. de ‘hete herfst’ is inmiddels aangekondigd. Daarbij zullen de dockers voorop gaan. ‘De tijd is voorbij dat je je plicht gedaan hebt, als je in het stemhokje bent geweest.’ |
| Tekst Rob Janssen Foto's Suzanne van de Kerk |
‘Ik heb wel eens een klap op m’n muil gehad in de haven, ja. Lag ik daar onder de kerstboom te kijken. Op een ledenvergadering van SHB was dat. Waarom dat gebeurde? Nou, omdat ze het niet met me eens waren. Terwijl ik vond dat het wél moest. Tja, op zo’n moment kan ik me dan nog net beheersen. Ik ben er zelf namelijk ook eentje met een kort lontje. Trouwens, degene die dat toen deed, is nu een van onze beste kaderleden. Dus no hard feelings meer.’
Wat boeit jou in de haven?
‘De havensector zit altijd gegroepeerd. Alles zit vrij dicht bij elkaar. In bijvoorbeeld de kleinmetaal ligt dat totaal anders. Daar heb je een bedrijfje hier en een bedrijfje daar. Maar de havensector is hoofdzakelijk in Rotterdam geconcentreerd en dat vind ik interessant. Bovendien spreekt de geschiedenis van de haven mij enorm aan. Er heeft daar natuurlijk een enorme arbeidersstrijd plaatsgevonden en van heel diep zijn de ‘dockers’ toch op een behoorlijk niveau gekomen. Toen ik er als bestuurder begon, zat de haven in een herstructureringsproces. Processen als containerisatie, mechanisatie en automatisering waren gaande. Dus ik wist ook wel dat het niet de makkelijkste klus zou gaan worden, maar toch wilde ik erbij zijn. Er waren heel veel bedreigingen, maar ook heel veel kansen. Daarom heb ik de gelegenheid met beide handen aangegrepen. Op zich was dat best wel raar, want ik was een bestuurder die niet uit de haven kwam. In het begin werd er met een scheef oog naar me gekeken. Zo van: Oh, daar heb je weer zo’n geleerd iemand. Nou ja, wat je geleerd noemt! Ik heb vier jaar part-time HBO gehad en voor de rest heb ik ook altijd met mijn handen moeten werken. En ja, het taalgebruik in de haven sprak me ook wel aan, want ik ben zelf ook niet voor de poes. Het is heel direct en er zijn af en toe ook wel scheldpartijen. Ja, ik ben zoals ik ben en de mensen accepteren dat. En ik accepteer het ook van anderen als ze me stijf vloeken.’
Dan ben ik zeer benieuwd naar wat je allemaal gezegd hebt tegen Eurocommissaris De Palacio van Verkeer, met wie je laatst een ontmoeting had...
‘Dat ging over de Port Package. Als gevolg daarvan zou de havensector als laatste goed georganiseerde industriële sector in de wereld ten prooi gaan vallen aan de liberalisering en de kapitalisten. (Na massale internationale havenacties veegde het Europees parlement begin dit jaar de liberalisering van de havens voorlopig van tafel, maar de verwachting is dat de Europese Commissie binnenkort opnieuw een nieuw voorstel tot liberalisering zal presenteren – red.) Vorig jaar hebben we mevrouw De Palacio al eens een gele kaart gegeven; deze keer kreeg ze de tweede. Daar stond op: Eruit. Twee keer geel is immers rood. Ik zei: Als jullie daar in Brussel echt het idee hebben dat jullie over ons werk kunnen gaan beslissen, dan hebben jullie het mis. Wíj zitten op de terminals; wíj zijn goed georganiseerd; dus wíj maken uit onder welke regels we dat werk doen. Toen zegt ze: Wij hebben ons lesje wel geleerd. Dus maak je geen zorgen; we zullen ons sterk maken voor jullie. Ik schoot er spontaan van in de lach. Zegt ze: Geloof je me soms niet? Ik zeg: Nee, ik geloof je inderdaad niet. We hebben te veel met elkaar meegemaakt. Bovendien zit je nog maar een paar maanden en daarna ben je weg. Dus wat is nou jouw woord? Zij zo van: Ja, als iemand anders het er weer uithaalt, dan kan ik er niks aan doen.’ Ik zeg: ‘Nou, dan weten we in ieder geval wie na jou onze vijand is. Kijk, wij zijn door die Port Package alleen maar sterker geworden. De havenwerkers hervonden zich uiteindelijk in solidariteit en wonnen. Zo moet je van het ene succes bouwen naar het volgende. En ik kan je zeggen, dat de winning mood er behoorlijk in zit bij ons.’
Dus de beuk gaat erin, nu de bonden ‘een hete herfst’ hebben aangekondigd?
‘Ja. En ik hoop echt, dat er nu door de uitslag van het referendum wat meer vertrouwen is. Want tot nu toe waren wij in de haven natuurlijk de vreemde eenden in de bijt. Maar er zal nog veel werk verzet moeten worden, want op zich wordt er nog te weinig leiding aan gegeven. Bovendien breekt de vakantieperiode aan en lopen er nog steeds een paar te zeuren over CAO-onderhandelingen. Dan zeg ik: Wat nou, CAO-onderhandelingen? Er valt niks meer te onderhandelen! Dus eerst gaan we hakken, zagen en breken en als de stof is opgetrokken gaan we wel weer onderhandelen. Eerst moet de machtsbalans weer in evenwicht.’
Wat een omslag voor de bonden die zich driekwart jaar geleden nog achter het Najaarsakkoord schaarden. Ik hoor het Henk van der Kolk van FNV Bondgenoten nog zeggen tegen SP’er Jan de Wit: ‘Onze leden zijn niet meer zo in voor demonstraties.’ Waarom nu ineens wel?
‘Omdat we nu niet anders kunnen.’
Afgelopen najaar wel dan?
‘Nee, maar toen was er nog hoop. Lodewijk de Waal noemde het Najaarsakkoord nota bene nog een historisch akkoord. Ikzelf was één van de weinigen die op 15 oktober zei, dat het enige historische aan dit Najaars akkoord was, dat we nog nooit zo’n slecht akkoord hebben afgesloten. Toen kreeg ik zwijgplicht.’
Zwijgplicht?
‘Ja. Ik mocht niet meer in de pers. Ik was al op Radio 1 geweest en Netwerk wilde ook al met me aan de slag. Maar dat mocht niet. Dus toen zijn kaderleden uit de haven zelf wat gaan doen. Vervolgens zei Henk van der Kolk ook nog zoiets van: Ach, die jongens uit de haven hebben het hart op de tong liggen, maar dat zijn er maar 6500. Dat zette natuurlijk alleen nog maar meer kwaad bloed bij de mensen. Want inderdaad, we zijn weliswaar niet met meer man, maar we hebben wel een organisatiegraad van tachtig tot negentig procent. Wij kunnen de economie stilzetten.’
Andere sectoren niet?
‘Ik bedoelde absoluut niet, dat mensen die ergens anders werken minder belangrijk zijn. Zij hebben dezelfde opdracht te gaan, maar ze hebben de cultuur en het verleden van de haven niet. Vergeet niet, dat alles wat de havenwerkers bereikt hebben – waaronder het goede arbeidsvoorwaardenpakket – is verkregen door strijd en niet vanuit de goedwillendheid van de werkgever. Ik geef toe dat de actiebereidheid in de haven wel een beetje was weggeëbt, maar toen het ging om de Port Package is de vonk op een gegeven moment toch overgeslagen. Ook dankzij de Belgische havenwerkers. De mensen geloven weer in het feit dat ze het verschil kunnen maken. Dat moeten andere mensen ook gaan doen. En natuurlijk heb je het probleem dat je met meerdere bonden bent. Dus als Bondgenoten keihard z’n eigen koers gaat varen, dan is dat het einde van de vakcentrale. Maar als pragmatisch ingesteld persoon vind ik, dat vakbeweging, vakbond en vakcentrale slechts instrumenten zijn om het doel te bereiken waar we voor staan. En dat is belangenbehartiging in optima forma voor de werknemers en de uitkeringsgerechtigden die altijd gewerkt hebben. En daarin is geen enkel instrument heilig.’
Vorig jaar heb jij het initiatief genomen voor de oprichting van ‘De maat is vol!, een actiegroep die ijvert voor meer strijdbaarheid bij de vakbeweging. Hoe past dat instrument in het geheel?
‘Ik heb het intiatief daarvoor genomen toen ons succes rondom de Port Package begon door te sijpelen. Ik zag het als de wederopstanding van de arbeidersklasse. Maar de glans werd weggehaald door het Najaarsakkoord. Heel wat bestuurders, leden en kaderleden liepen toen wel te zeiken over dat Najaarsakkoord, maar niemand nam het initiatief om een discussie binnen de vakbeweging aan te gaan. Terwijl ik juist wilde weten of het mogelijk was om bestuurders met dezelfde zienswijze als de mijne bij elkaar te brengen. Want ik vermoedde toen al dat de regering bij het voorjaarsoverleg weer met nieuwe eisen zou komen en vond dat we echt iets moesten doen. Dus ik heb gewoon mijn nek uitgestoken en kreeg steun van een aantal kaderleden en collega’s. En het grappige is, dat het nu keihard aanslaat. Kijk, De maat is vol! is geen tegenactie naar de vakbeweging toe. Integendeel: het is voor mij juist het initiatief om de vakbeweging er weer bovenop te helpen.’
Een soort meestuur-raket dus?
‘Precies. En iedereen heeft de plicht om er tijd en energie in te stoppen, want het uur U is genaderd. Er is geen tijd meer voor nuanceringen. Iedereen zal de schouders eronder moeten zetten. Schouder aan schouder en rug tegen rug moeten we de vakbeweging naar voren duwen en op het moment dat de vakbeweging niet kan, omdat we anders met de wetgever in aanraking komen, zal De maat is vol een stapje harder moeten lopen. En dat alles met het doel om ons als werknemers en uitkeringsgerechtigden een zo goed mogelijk toekomstbeeld te geven. En als we straks een ander kabinet hebben waarin wellicht de PvdA zit, moeten we dus niet de fout maken door te denken dat het allemaal wel goed komt. De maat is vol! zal wat mij betreft nooit hoeven ophouden te bestaan, Nee, het actiecomité zal als een waakhond van zowel de vakbeweging als de politiek ervoor moeten zorgen dat we op het juiste spoor blijven. Opdat we straks niet opnieuw verzadigd raken in onze eigen successen en weer laks worden.’
Zijn er bondgenoten in de politiek?
‘Tijdens de manifestatie van FNV Bondgenoten in de havens op 7 juni hadden vier partijen ons gesteund: de PvdA, GroenLinks, SP en ook de LPF. Ik vind dat die partijen ons als werknemers in de toekomst ook moeten blijven steunen. Maar ja, het woord van de politiek is iets wat je tegenwoordig elke dag opnieuw moet beoordelen. De VVD kun je afschrijven, want dat zal nooit een bondgenoot van ons worden. Het CDA zou je toch moeten blijven aanspreken op hun sociale verantwoordelijkheid. En er zijn best mensen binnen het CDA die zich niet lekker voelen met wat er allemaal gaande is, dus bij die partij valt best nog wel wat te bespreken. De PvdA zou op een aantal punten nog steeds onze partij kunnen zijn. Ik denk zelfs dat in een aantal situaties de ChristenUnie vanuit haar moraal ook bondgenoot zou kunnen zijn. Dat zal een hele klus gaan worden en we zullen het zien. Wij kunnen ook niet meer doen dan ons best en onze huid zo duur mogelijk verkopen. Dat geldt ook voor de werknemer en uitkeringsgerechtigde als individu: zij moeten zich aansluiten bij organisties die het allemaal gaan sturen. Want de tijd is voorbij, dat je één keer in de vier jaar naar een stemhokje gaat, je plicht doet, en daarna de politiek de schuld geeft van alles wat je over je heen gedonderd krijgt. We zijn allemaal zelf medeverantwoordelijk.’
Wat versta je eigenlijk onder een hete herfst?
‘Er zal een palet van acties over Nederland uitgestort moeten worden: groot, klein en afwisselend. We moeten de mensen niet het idee geven, dat we er zijn met één grote actie. Nee, het wordt een heel lange strijd. We weten ook, dat heel veel werknemers in Nederland geen actietraditie hebben: we zijn volgens mij het land met de minste stakingen. Er zijn ook sectoren die niet de macht hebben om te staken, maar die kunnen het wel op een andere manier doen. Ik zou bijvoorbeeld een kassière in een supermarkt niet willen vragen om de kassa dicht te gooien. Maar wat we wel kunnen doen, is bij die supermarkt gaan posten om de mensen te informeren. Want iedereen moet erheen om z’n eten te halen. En mensen die boodschappen komen doen, werken dus niet in de supermarkt, maar ergens anders en daar hebben ze wél de mogelijkheid om wat met elkaar te doen. En geloof me: in die eerste zes maanden zal het kabinet geen krimp geven, want dan zijn ze voorzitter van Europa en druk met het organiseren van feestjes voor al die Europese leiders. En daar moeten wij bij zijn. Wij zullen de rest van Europa moeten laten zien wat een asociaal kabinet wij hier hebben.’
Hoe ver wil je gaan?
‘Bij die hete herfst zullen ook nog wel wat sneeuwvlokken komen, want ik denk dat we in de winter ook nog bezig zullen zijn. Daar moeten de mensen niet moedeloos van worden, want uiteindelijk hebben wij een resultaat te bereiken met z’n allen. En natuurlijk gaan we winnen. Een recente uitspraak van Lodewijk de Waal vond ik erg treffend. Hij zei: Als het kabinet weg is, zijn wij er nog. Klopt precies. Alleen moeten we dus niet gaan zitten wachten tot de verkiezingen in 2007. Nee, nu beginnen! Want het gaat niet alleen om het kabinet. Het gaat ook om de werkgevers.’
Tijdens de manifestatie op in de haven ontstond er een lange file op de ring van Rotterdam. Was dat een voorproefje van wat we komend najaar kunnen verwachten? Dat kun je toch niet maken?
‘Dat kan wél! Mensen besluiten om zoiets te doen. Als je besluit om samen iets te doen, kun je iets bewerkstelligen. En een file betekent wel, dat de economische ader van Rotterdam naar de rest van Nederland stilstaat.’
Jij zegt dan op zo’n moment: ‘Jongens, dicht met die snelweg’?
‘Nee, dat mag ik niet zeggen. Want krijgen we een schadeclaim aan onze broek. Mensen bepalen dat zelf. En op dat moment besloten ze spontaan om de weg op te gaan. Ze zeiden: Tussen twee en vier uur ’s middags wordt er niet gereden. Punt. Zo gaat dat.’
Leuk voor een vrachtwagenchauffeur die op tijd bij z’n klant moet zijn. ’s Avonds krijgt ‘ie ook nog flink op z’n flikker van z’n baas...
‘Weken van tevoren informeren wij de mensen in de haven dat er een manifestatie komt. Dus ook de chauffeurs. Zij krijgen dan pamfletten bij de laad- en losadressen. Iedereen weet dan, dat er niet gewerkt wordt in de haven en dat er kans is op verkeersopstoppingen. Dan kun je het inplannen. Maar wat veel belangrijker is, is dat wij zo’n chauffeur ook proberen uit te leggen van: Jongen, het gaat ook over joúw prepensioen en vut.
En juist in de transportwereld hebben ze in een eerder stadium extra premie betaald en de leeftijdsgrens met een jaar verhoogd, om tot een stabiel pakket aan prepensioen te komen, wat nu weer onderuit getrapt wordt. En dan zeg ik: Vergeet die klant nou maar eventjes. Want die klant is blijkbaar ook niet bereid om voor jou straks extra centen te betalen, zodat jij toch gewoon op je 60ste eruit kunt. Ik kan me namelijk niet voorstellen, dat de chauffeurs gewoon blijven doorwerken tot hun 65ste. Ik geloof daar gewoon niet in; daar is het beroep veel te zwaar voor. Feit is, dat ook zij het zelf moeten doen. En bij die vrachtwagenchauffeurs denk ik wel eens: Jeetje, zijn ze bij ons nou zo slim en die in Frankrijk in Spanje imbeciel? Want die flikkeren gewoon de wegen dicht. En dan kun je wel zeggen, dat ze daar ook niet altijd alles binnenhalen. Nee, dat klopt. Maar ze komen er wel altijd beter uit, dan wanneer ze niets gedaan hadden. Dus uit elke strijd kun je winst halen. Niet alleen als het gaat om de euro’s. Het gaat ook om de leermomenten. Het feit dat we nu als vakbeweging zo zenuwachtig zijn om acties te organiseren heeft ook te maken met het feit dat we daarmee zo verdomd weinig ervaring meer hebben. We hebben legio bestuurders rondlopen die nog nooit acties meegemaakt hebben.’
Geniet je eigenlijk van zo’n file op de Rotterdamse ring?
‘Ik zie het niet als een pesterijtje, maar als uiterste noodzaak.’
Dat snap ik. Maar vind je het leuk?
‘Leuk niet. Maar ik heb er wel lol in, in de zin van dat mensen kennelijk toch in staat zijn om zelf het initiatief te nemen. Daar komt het nu op aan de komende maanden, half jaar of jaar: zelf initiatief nemen. Ik loop nu elf jaar in die haven rond en ik kan me niet herinneren wanneer voor het laatst de boel zo breed is stilgezet. En dan blijkt ineens dat het er toch in zit. Ja, dat geeft me een goed gevoel. We moeten ons nu goed organiseren en hergroeperen. Want ook als we deze slag binnen nu en zeven, acht maanden niet zouden winnen komt er een volgende fase. Dus alles wat we nu doen, moet je ook in het teken zetten van een kabinet in de toekomst. Dat kabinet moet weten, dat de weknemer en de uitkeringsgerechtigde die altijd gewerkt heeft zich zomaar niet van de kaart laten vegen.’ ![]()
| Niek Stam (41) werd geboren in Moordrecht, en trok in 1988 naar Rotterdam en vervolgens naar Barendrecht. Hij werkte als slachter in verschillende slachthuizen en kwam via de Voedingsbond en de Jongerenbeweging FNV bij de FNV Vakcentrale terecht. Tijdens zijn studie Arbeidsverhouding en Belangenbehartiging aan de Sociale Academie in Driebergen (HBO) bracht hij vervolgens naar eigen zeggen werkervaring en theorie samen. Sinds 1993 is hij bestuurder in de havens en als sectorcoördinator Havens in dienst bij FNV Bondgenoten. Afgelopen najaar nam hij het initiatief voor actiecomité De maat is vol! Niek Stam is getrouwd en heeft een zoon. |
De echte Tribune is
veel dikker en veel mooier! Wil je een jaar lang de Tribune in huis
voor slechts 13 euro? Vul dan het aanvraagformulier in! |