Op 1 januari 2006 is een nieuw zorgstelsel ingevoerd. Hierbij is het onderscheid tussen ziekenfonds en particuliere verzekering komen te vervallen. De SP was tegenstander van dit nieuwe zorgstelsel. Vanwege de markwerking en omdat het hoge nominale, niet inkomensafhankelijke, deel van de ziektekostenpremies geen inkomenssolidariteit meer kent: een miljonair betaalt net zoveel aan nominale premie als een bijstandsmoeder.
Bij de invoering van het nieuwe zorgstelsel zijn de premies expres hoger gesteld dan de premies die gangbaar waren in het ziekenfonds. Het kabinet zei dat op deze manier mensen bewust gemaakt moesten worden van de kosten. De compensatie via de zorgtoeslag blijkt niet voor iedereen toereikend.
De SP is altijd voorstander geweest van volledig inkomensafhankelijke zorgpremies, geheven via de belastingen. Voordeel hiervan is dat iedereen naar draagkracht bijdraagt aan de zorgkosten. Dit zal de solidariteit brengen die zo belangrijk is in de zorgverzekering.
Gemiddelde jaarlijkse premie
2006: 940 euro*
2007: 1013 euro*
2008: 1057 euro
* Dit is exclusief €90 waarmee de premies verhoogd werden in verband met de no claim teruggave.
Vlak voor en tijdens de invoering van het nieuwe zorgstelsel vochten de zorgverzekeraars om klanten. Eind 2005 en begin 2006 gaven zij maar liefst 78 miljoen euro uit aan reclame. In het eerste jaar stapten bijna één op de vijf mensen over naar een andere zorgverzekeraar. Hiermee leek een van de doelen van de nieuwe zorgverzekering volbracht: doordat mensen ieder jaar een andere zorgverzekeraar konden kiezen, zouden verzekeraars de premies laag houden en de kwaliteit hoog. Het jaar erna was het aantal overstappers echter al een stuk minder, nog niet één op de twintig. Afgelopen jaar werd dit nog minder.
De SP kiest voor een inkomensafhankelijker zorgpremie. Het nominale deel wordt gesteld op 400 euro, daarnaast komt een inkomensafhankelijk werknemersdeel. De zorgtoeslag kan dan afgeschaft worden, wat een enorme rompslop aan bureaucratie scheelt. Doordat de maximale premiegrens voor de werkgeverspremies vervalt (nu 32.237 euro) kan de werkgeverspremie dalen van 7 procent naar 5,75 procent.
De helft van de huishoudens, onder wie werkende mensen, uitkeringsgerechtigden en 65-plussers, heeft baat bij het SP-voorstel. Vooral de lagere en middeninkomensgroepen gaan er op vooruit; de hoger inkomens gaan er op achteruit. Voor zelfstandige ondernemers zijn dezelfde koopkrachteffecten te zien. De ondernemers met een lager of middeninkomen gaan er in koopkracht op vooruit door de verlaging van de nominale premie. De ondernemers met hoge inkomens gaan er op achteruit. De lasten voor werkgevers blijven met dit voorstel gelijk.
Bekijk hier de doorrekening van het SP-voorstel van het Centraal Planbureau (pdf)