28-05-2008 • Uit het debat over het initiatiefwetsvoorstel van de SP en vier andere partijen voor een referendum over het Europees Verdrag deze week is gebleken dat een meerderheid van de Tweede Kamer de mening van burgers hierover niet wil horen. Mede-initiatiefnemer Harry van Bommel: “De angst regeert in Den Haag.”

Harry van Bommel samen met andere Kamerleden in vak K, het vak van het kabinet, dinsdag.
Het opstellen van een initiatiefwetsvoorstel is veel werk. Waarom was dat precies nodig?
“In Nederland bestaat geen structurele voorziening voor het houden van een referendum. Om überhaupt tot een referendum te komen over het Verdrag van Lissabon, zoals deze opvolger van de Europese Grondwet officieel heet, is dus een wet nodig. Daarom hebben de SP met GroenLinks, PVV, D66 en PvdD dit initiatiefwetsvoorstel gemaakt.”
Maar het gaat niet om een bindend referendum. Jullie willen mensen slechts om advies vragen. Hoe veel is zo’n referendum waard?
“De fracties in de Tweede Kamer zijn volstrekt vrij om te bepalen of zij de uitslag van een referendum meenemen in hun overwegingen of niet. Maar bij het vorige referendum is gebleken dat partijen zich veel aan de mening van de burger gelegen laten liggen. Met een referendum haal je ook een direct mandaat binnen van de burger, dat is heel wat waard.”
Maar in het eerste debat dinsdag werd duidelijk dat een meerderheid van de Tweede Kamer geen referendum wil over het verdrag. Waarom willen partijen geen referendum?
“Ze zijn bang voor een nee tegen het verdrag. Want dat was immers de uitslag van het vorige referendum. Maar daarmee stellen ze zich wel volstrekt onredelijk op. Vooral van PvdA en VVD, die voorstander waren van het eerste referendum, valt mij dit tegen. Tussen de Europese Grondwet en dit verdrag zitten nauwelijks verschillen, dus kunnen we de burger nu niet ineens passeren.”
Is zo’n debat dan niet vreselijk teleurstellend?
“Nee, het was een heel vruchtbaar debat. De meeste partijen gingen uitgebreid op het wetsvoorstel in. Alleen het CDA deed iets wat niet vaak in de parlementaire geschiedenis zal zijn voorgekomen: de fractie schreef zich in voor het debat voor een bijdrage van 30 seconden. Dat vind ik een ultieme belediging aan het adres van de indieners en de burgers.”
Wat nu?
“Donderdag komen wij, de indieners van het wetsvoorstel, aan het woord. Dan zal ik nogmaals duidelijk maken hoe belangrijk het is een referendum te houden over dit verdrag. En volgende week gaan we inhoudelijk in op het verdrag. Dan is het aan mij om er gaten in te schieten. Deze strijd is wat ons betreft nog lang niet gestreden.”
www.flickr.com
|