In tijden van economische onzekerheid hebben mensen behoefte aan sociale zekerheid. Als mensen hun werk
en inkomen verliezen, moet de overheid banen beschermen en inkomens op peil houden. We moeten kleine
ondernemers en zelfstandigen zonder personeel door de crisis helpen en jongeren en migranten aan het werk
houden. We willen voorkomen dat kinderen opgroeien in armoede. We helpen mensen uit de schulden en voorkomen
dat mensen die werken toch niet rond kunnen komen.
We mogen de prijs van de crisis niet afschuiven op de mensen die ons land hebben opgebouwd. Het domweg
verhogen van de AOW-leeftijd is onzinnig en overbodig. Laten we mensen onder de 65 jaar eerst een baan
geven en aan het werk houden. We starten een offensief tegen de nieuwe armoede. Door de crisis dreigt het
aantal armen in Nederland te verdubbelen. Dat mogen we niet laten gebeuren. Juist nu is solidariteit hard
nodig.
In de discussie over de verhoging van de AOW-leeftijd worden veel sprookjes verteld. Politici creëren angstbeelden,
om zo de geesten rijp te maken voor verslechtering van onze pensioenvoorziening. In Verhoging
AOW-leeftijd, ongewenst, onnodig en onzinnig laten we zien dat de AOW in de toekomst wel betaalbaar is. En
dat veel mensen na hun 65e helemaal niet langer kunnen doorwerken. Bovendien blijkt dat verhoging van de
AOW-leeftijd helemaal geen oplossing is voor de crisis. Wat wel helpt, is zorgen dat ouderen die kunnen en
willen werken aan het werk komen.
Onze voorstellen
Het minimumloon en het sociale minimum worden de komende jaren met in totaal 5 procent verhoogd.
De minimumjeugdlonen vanaf 18 jaar worden verhoogd en op termijn gelijkgetrokken met de volwassen
minimumlonen.
De AOW-leeftijd blijft 65 jaar en vervroegd uittreden blijft mogelijk. Mensen krijgen wel het recht om na
hun 65e door te werken, met dezelfde rechten en plichten als andere werknemers. We moeten mensen
tot 65 jaar aan het werk helpen en aan het werk houden.
We stellen paal en perk aan de topinkomens. Bestuurders in de publieke en semi-publieke sector verdienen
niet meer dan de minister-president. We steunen het streven van vakbonden om alle werknemers
onder de bedrijfs-cao’s te brengen, zodat er een koppeling komt tussen de hoogste en laagste inkomens
en de tweedeling wordt tegengegaan. De algemeenverbindendverklaring van cao’s blijft bestaan.
Er wordt niet gemorreld aan de ontslagbescherming. De sollicitatieplicht wordt afhankelijk van de individuele
omstandigheden en de perspectieven op werk. We zijn tegen de verkorting van de duur van de WW.
Mensen met een tijdelijk contract en uitzendkrachten bieden we meer zekerheid. Zij krijgen eerder recht
op een vast contract. Om misstanden te bestrijden komt er een vergunningsplicht voor uitzendondernemingen.
Ook mensen met een tijdelijk contract krijgen recht op een ontslagvergoeding.
We onderzoeken hoe we zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) die werk verrichten dat in hun sector
voornamelijk in loondienst wordt gedaan onder de sociale zekerheid kunnen brengen. Bijvoorbeeld door
de opdrachtgever die onder een cao valt de pensioen- en arbeidsongeschiktheidspremie te laten betalen.
We accepteren geen loondiscriminatie tussen mannen en vrouwen. Om vrouwen gelijke kansen te geven
om te werken worden beloningsverschillen aangepakt en komen er meer mogelijkheden om arbeid en
zorg te combineren, zowel voor moeders als voor vaders.
Jongeren onder de 27 jaar krijgen weer recht op bijstand.
We reguleren de postmarkt. We stellen eisen aan het loon en de arbeidsomstandigheden van postbodes.
Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om leerwerkbedrijven op te richten, om mensen die (nog) geen
werk kunnen vinden scholing en praktijkervaring te bieden, tegen een eerlijk loon.
Sociale werkplaatsen blijven als voorziening behouden voor de doelgroep. Arbeidsomstandigheden, de
veiligheid en de begeleiding worden verbeterd. De sociale werkvoorziening biedt zinvol werk voor een
eerlijk loon.
Deeltijdarbeid moet lonen. Ook voor mensen met een bijstandsuitkering die niet in staat zijn voltijds
arbeid te verrichten zoals alleenstaande ouders en mensen met een arbeidshandicap. Daarom verruimen
we de vrijlatingsregeling in de Wet Werk en Bijstand.
Grootschalige commerciële reďntegratiebedrijven zijn een geldverslindende flop. We draaien de marktwerking
in de reďntegratie terug, zodat niet winst maken maar werk bieden centraal komt te staan. We
schaffen het UWV af en brengen de taken onder bij de gemeente.
Voedselbanken moeten overbodig worden. Het is beschamend dat de overheid mensen niet voldoende
kan helpen. Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om armoede te bestrijden, schulden te saneren en
te voorkomen dat kinderen opgroeien in armoede. Het geld dat bestemd is voor gemeentelijke armoedebestrijding
en schuldhulpverlening moet daar ook daadwerkelijk voor worden gebruikt.
Er komt een wettelijk maximum voor het tarief dat incassobedrijven in rekening brengen voor openstaande
rekeningen. Geldleenreclames worden verboden.
We schaffen de product- en bedrijfsschappen af. Hun taken worden, voor zover van toepassing, overgenomen
door de overheid.
Zelfstandigen die een bedrijfspand huren, krijgen een betere huurbescherming.
De lasten voor het doorbetalen van ziek personeel worden voor kleine bedrijven eerlijker verdeeld.
Besturen van pensioenfondsen bestaan voortaan voor 1/3 uit werknemers, voor 1/3 uit werkgevers en
voor 1/3 uit vertegenwoordigers van gepensioneerden.
Met minder macht voor aandeelhouders en meer macht voor werknemers brengen we meer stabiliteit in
grote ondernemingen. Werknemers van die bedrijven kunnen vierjaarlijks de helft van de leden van de
Raad van Commissarissen kiezen.
Nederlandse bedrijven en hun dochterondernemingen die in het buitenland betrokken zijn bij misstanden
kunnen aansprakelijk worden gesteld voor de schade die zij hebben aangericht. Bedrijven die overheidssubsidie
willen ontvangen, moeten arbeidsrechten in het buitenland respecteren. Door geen gebruik te
maken van dwangarbeid en vakbonden te respecteren.